Archief 745
Inventaris 745-391
Pagina 217
Dossier 55
Jaar 1942
Stadsarchief

Zakelijke correspondentie (brief)

21 mei 1942 Van: Directeur van de N.V. Nederlandsche Veiling van Land- en Tuinbouwproducten „Amsterdam” Aan: Directeur van het Marktwezen, Amsterdam

Origineel

Zakelijke correspondentie (brief) 21 mei 1942 Directeur van de N.V. Nederlandsche Veiling van Land- en Tuinbouwproducten „Amsterdam” Directeur van het Marktwezen, Amsterdam K 1132

N.V. Nederlandsche Veiling van
Land- en Tuinbouwproducten
„Amsterdam”
Gemeentelijke Veilinggebouwen
Centrale Markt
Telefoon 85551 - Amsterdam (W.)

v.E/HV

[Stempel: No 77/39/5 M. 1942] [Handgeschreven: 22/5.]

AMSTERDAM-W., 21 Mei 1942.
CENTRALE MARKTHALLEN

[Handgeschreven aantekening: m fr]

Den Heer Dir.v.h.Marktwezen,
AMSTERDAM.W

Mynheer,

Wy werden met den inhoud van Uw brief No.77/39/4 M, d.d.
13/5'42 en bylage, gericht aan de Tuindersveilingvereeni-
ging, in kennis gesteld.

Inonderling overleg is besloten tuinder Jac. Weerdenburg
als aangeslotene by onze veiling enals zoodanig verplicht
te veilen, wegens overtreding der bestaande voorschriften,
organisatorisch te beboeten met een bedrag van f 50.--

Afschrift van onzen brief aan Jac. Weerdenburg doen wy U
ter kennisname toekomen.

Hoogachtend,
[Rood stempel: N.V. NEDERLANDSCHE VEILING VAN LAND-, & TUINBOUWPRODUCTEN „AMSTERDAM”]
[Handgeschreven handtekening: v.E.]
DIRECTEUR.

Bylage.- Deze brief is een formele kennisgeving van een tuchtrechtelijke maatregel binnen de agrarische sector in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:

  1. Aanleiding: Een eerdere brief van de Directeur van het Marktwezen (13 mei 1942) over een kwestie bij de Tuindersveilingvereniging.
  2. Overtreding: Tuinder Jac. Weerdenburg heeft de "bestaande voorschriften" overtreden. Hoewel hij lid is van de veiling en dus verplicht is zijn producten daar aan te bieden ("verplicht te veilen"), heeft hij dit blijkbaar niet (volledig) gedaan.
  3. Sanctie: Er is besloten hem een "organisatorische boete" op te leggen van 50 gulden.
  4. Proces: De directeur van de veiling informeert de directeur van het Marktwezen dat de boete is opgelegd en sluit een kopie bij van de brief aan de betreffende tuinder. De datum van de brief, 21 mei 1942, is cruciaal voor het begrip van de tekst. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was de voedselvoorziening streng gereguleerd. Om de distributie te beheersen en zwarte handel tegen te gaan, moesten alle land- en tuinbouwproducten verplicht via de officiële veilingen worden verkocht.

Het "omzeilen" van de veiling (directe verkoop aan handelaren of consumenten) werd streng bestraft, omdat dit de centrale controle van de bezetter en de Nederlandse overheidsinstanties ondermijnde. De boete van 50 gulden was voor die tijd een aanzienlijk bedrag (ter vergelijking: een gemiddeld weekloon lag toen rond de 25-35 gulden). De nauwe samenwerking tussen de N.V. (een privaat bedrijf dat de veiling exploiteerde) en het gemeentelijke Marktwezen onderstreept de verwevenheid van commercie en overheidscontrole in deze periode.

Samenvatting

Deze brief is een formele kennisgeving van een tuchtrechtelijke maatregel binnen de agrarische sector in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:

  1. Aanleiding: Een eerdere brief van de Directeur van het Marktwezen (13 mei 1942) over een kwestie bij de Tuindersveilingvereniging.
  2. Overtreding: Tuinder Jac. Weerdenburg heeft de "bestaande voorschriften" overtreden. Hoewel hij lid is van de veiling en dus verplicht is zijn producten daar aan te bieden ("verplicht te veilen"), heeft hij dit blijkbaar niet (volledig) gedaan.
  3. Sanctie: Er is besloten hem een "organisatorische boete" op te leggen van 50 gulden.
  4. Proces: De directeur van de veiling informeert de directeur van het Marktwezen dat de boete is opgelegd en sluit een kopie bij van de brief aan de betreffende tuinder.

Historische Context

De datum van de brief, 21 mei 1942, is cruciaal voor het begrip van de tekst. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was de voedselvoorziening streng gereguleerd. Om de distributie te beheersen en zwarte handel tegen te gaan, moesten alle land- en tuinbouwproducten verplicht via de officiële veilingen worden verkocht.

Het "omzeilen" van de veiling (directe verkoop aan handelaren of consumenten) werd streng bestraft, omdat dit de centrale controle van de bezetter en de Nederlandse overheidsinstanties ondermijnde. De boete van 50 gulden was voor die tijd een aanzienlijk bedrag (ter vergelijking: een gemiddeld weekloon lag toen rond de 25-35 gulden). De nauwe samenwerking tussen de N.V. (een privaat bedrijf dat de veiling exploiteerde) en het gemeentelijke Marktwezen onderstreept de verwevenheid van commercie en overheidscontrole in deze periode.

Gerelateerde Documenten 1