Ambtelijke brief / Geleidebrief
Origineel
Ambtelijke brief / Geleidebrief 1 juni 1942 De waarnemend Directeur van (vermoedelijk) de Centrale Markt of een daaraan verbonden gemeentelijke dienst, Amsterdam. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam. (Handgeschreven in blauwe inkt, rechtsboven:)
M. Brauns (?)
HB.
(Handgeschreven in blauwe inkt, middenboven:)
verzonden 2/6
(Getypte tekst:)
77/42/6 M.
1
1 Juni 1942.
Straf J.Marinus, H.F.Sligte,
C.v.Elst en C.J.J.Sligte
Centrale Markt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 29 Mei 1942 door den contrôleur B.Felthuis van mijn dienst opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat H.F.Sligte, wonende Lijnbaansgracht 132 III, J.Marinus, wonende Laurierstraat 182 II en C.F.v.Elst, wonende 2e Nassaustraat 18 II, wie als personeel van de Nederlandsche Veiling toegang tot de Centrale Markt is verleend en C.J.J.Sligte, wonende Lijnbaansgracht 132 III, wien als personeel van grossier D.R.Lindeman toegang tot de Centrale Markt is verleend, zich aldaar hebben schuldig gemaakt aan diefstal van 58 ledige kisten ten nadeele van de Nederlandsche Veiling van Land-en Tuinbouwproducten te Amsterdam.
Terzake van dit feit is proces-verbaal opgemaakt, terwijl J.Marinus, C.F.v.Elst en de Gebr.Sligte voornoemd, dezerzijds, ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, zijn gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van veertien dagen, namelijk van 1 tot en met 14 Juni 1942.
Ik ben van meening, dat J.Marinus, C.v.Elst en de Gebr.Sligte voor langeren tijd van de Centrale Markt moeten worden geweerd en ik geef U mitsdien beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat J.Marinus, C.v.Elst en de Gebr. Sligte in aansluiting op mijn straf, overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid van bovenaangehaald artikel, door den Burgemeester van Amsterdam worden gestraft met ontneming van het recht van toegang voor den tijd van vier maanden, zulks met ingang van 15 Juni a.s.
Marinus, Van Elst en de Gebr. Sligte voornoemd hebben zich tevoren nimmer aan eenig strafbaar feit op de Centrale Markt schuldig gemaakt.
De Directeur,
wnd. * Juridische grondslag: Er wordt verwezen naar Artikel 35 van het 'Reglement op de Centrale Markt'. Hierbij wordt een hiërarchie in strafbevoegdheid zichtbaar: de directie mag maximaal 14 dagen ontzegging opleggen (lid 1), terwijl voor een langduriger ontzegging (vier maanden in dit voorstel) een besluit van de Burgemeester noodzakelijk is (lid 2).
* Vergrijp: De diefstal van 58 lege kisten lijkt triviaal, maar emballage was tijdens de oorlogsjaren schaars en essentieel voor de distributie van schaarse goederen. Diefstal hiervan werd dan ook als een ernstig economisch delict beschouwd.
* Sociaal-geografisch: De genoemde adressen (Lijnbaansgracht, Laurierstraat, 2e Nassaustraat) plaatsen de betrokkenen in de typische Amsterdamse arbeiderswijken van die tijd (Jordaan en Staatsliedenbuurt), waar veel marktpersoneel woonachtig was.
* Procedure: De brief dient als formeel advies aan de wethouder om de burgemeester te laten interveniëren. De verzenddatum (2 juni) is één dag na de dagtekening, wat wijst op een vlotte ambtelijke afhandeling. * Oorlogstijd: Het document dateert uit juni 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening stond onder enorme druk en de Centrale Markt in Amsterdam-West was het logistieke hart van de stad. Orde en tucht op de markt waren voor de autoriteiten (zowel de Nederlandse gemeente als de bezetter) van cruciaal belang.
* Impact van de straf: Een marktontzegging van vier maanden was feitelijk een beroepsverbod voor de betrokkenen. Zonder toegang tot de Centrale Markt konden zij hun werk voor de veiling of de grossier niet uitvoeren, wat in die tijd directe armoede voor hun gezinnen betekende. De directeur merkt wel op dat het "eerstgetroffenen" zijn (geen eerdere strafbare feiten), maar adviseert desondanks een zware straf.