Proces-verbaal (getuigenverklaringen), pagina 2.
Origineel
Proces-verbaal (getuigenverklaringen), pagina 2. 28 mei 1942. -2-
Naar aanleiding van deze aangifte heb ik, verbalisant, op Donderdag 28 Mei 1942, gehoord een persoon, die mij desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Gerard Doevedans, oud 32 jaar, assistent-emballagemeester, in dienst bij de N.V. Nederlandsche Veiling van Land-en Tuinbouwproducten " Amsterdam ", wonende Vegastra t 124 huis te Amsterdam-Noord, die mij verklaarde: " Als assistent-emballagemeester ben ik onder meer belast met het ontvangen en afgeven van ledige kisten van de Nederlandsche Veiling. Dit geschiedt op de Centrale Markt in de zoogenaamde exportloods van de Nederlandsche Veiling. Zoowel in als buiten deze loods bevindt zich als regel een groote hoeveelhied ledige kisten. Hierbij merk ik tevens op, dat deze loods nimmer wordt afgesloten, opdat een particuliere waker met zijn hond ook in de loods kan controleeren. Hoewel het niet doenlijk is de kisten welke zich in en buiten de exportloods bevinden te tellen, was mij toch aan de stapeling al eenige malen gebleken, dat er kisten gestolen waren. Toen ik op Woensdag 27 Mei 1942 des namiddags omstreeks 7.30 uur als laatsten man de exportloods verliet en mij naar huis begaf, zag ik in de loods een handkar staan, welke handkar was gemerkt met " No.40 ". Toen ik op Donderdag 28 Mei 1942, des voormiddags omstreeks 7.30 uur weer bij de exportloods aankwam, bemerkte ik, dat deze handkar nu buiten de loods stond en geladen met ledige kisten. Bij het natellen bleken er 58 kisten te zijn, die gezien het daarop aangebrachte merk, afkomstig waren van de Nederlandsche Veiling. Bij het controleeren van de opgeslagen kisten bleek mij ook nu aan de stapeling, dat er 58 kisten verdwenen waren. Om circa 8.15 uur voor middags verscheen bij de bedoelde handkar een persoon, van wien ik weet, dat hij als personeel in dienst is bij den grossier Lindeman, welke grossier gevestigd is op pier C. van de Centrale Markt, welke knecht de 58 ledige kisten bij mij inleverde op naam van Lindeman. Hoewel het mij reeds toen verdacht voorkwam, heb ik toch de kisten van hem aangenomen en hem hiervoor emballagebon No.6228 uitgereikt, op welke bon uitbetaling van het statiegeld kon plaats vinden. Voor de 58 kisten was dat een bedrag van ƒ 56.80. Tevens kan ik U verklaren, dat deze knecht van Lindeman voordien al eenige malen ledige kisten op naam van zijn baas had ingeleverd. Nadat deze knecht vertrokken was, heb ik mij naar den Directeur van de Nederlandsche Veiling begeven en hem van een en ander op den hoogte gebracht. Hoe de 58 kisten op handkar "No.40 " gekomen waren weet ik niet, doch vermoed, dat ze door den knecht van Lindeman of mogelijk door iemand die met hem samen doet uit de exportloods zijn weggenomen."
Hierna gehoord op 28 Mei 1942 een mij bekend persoon, die mij desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Dirk Rimmert Lindeman, oud 45 jaar, grossier in groenten, gevestigd in pakhuis Pier C. 12 van de Centrale Markt, wonende Keizersgracht 408 te Amsterdam-Centrum, die mij verklaarde, dat hij aan zijn knecht, genaamd G.J.J.Sligte, geen opdracht had gegeven, om op 8 Mei, 13 Mei, 18 Mei en 28 Mei 1942 ledige kisten in te leveren bij de Nederlandsche Veiling. Lindeman verklaarde mij voorts, dat hij zijn ledige kisten altijd inlevert bij een zekeren Van Dijk, die op Pier C. van de Centrale Markt een kistencentrale heeft en die tegen eenige vergoeding gangbare ledige kisten van elken koopman in ontvangst neemt, terwijl deze Van Dijk op zijn beurt de kisten weer aan de veilingen, vanwaar de kisten komen, inlevert. Dit document is een verslag van een opsporingsonderzoek naar fraude met emballage (kisten) op de Centrale Markt in Amsterdam.
- Getuigenis Gerard Doevedans: Hij stelt vast dat er stelselmatig kisten verdwijnen uit de niet-afgesloten exportloods van de veiling. Op 27 en 28 mei 1942 observeert hij een specifieke handkar (No. 40) die eerst leeg binnen en later vol buiten de loods staat. Een knecht van grossier Lindeman levert deze 58 kisten vervolgens in voor statiegeld (ƒ 56,80), wat Doevedans verdacht vindt.
- Getuigenis Dirk Rimmert Lindeman: De werkgever van de verdachte knecht (G.J.J. Sligte) ontkent dat hij opdracht heeft gegeven voor deze inleveringen op de genoemde data in mei 1942. Hij verklaart een andere vaste procedure te hebben voor het inleveren van kisten via een tussenpersoon genaamd Van Dijk.
- Kern van de zaak: Het vermoeden bestaat dat de knecht Sligte kisten uit de loods van de veiling stal om ze vervolgens bij diezelfde veiling weer in te leveren en zo het statiegeld persoonlijk te innen. Het document dateert van 28 mei 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedseldistributie in de stad.
In tijden van schaarste en rantsoenering, zoals in 1942, was emballage (zoals houten kisten) kostbaar en schaars materiaal. De vermelde ƒ 56,80 was destijds een aanzienlijk bedrag (ter vergelijking: een gemiddeld weekloon lag toen rond de ƒ 20,- tot ƒ 30,-). Dergelijke kleine criminaliteit en verduistering kwamen veelvuldig voor op de markt, waar de controle door de open aard van de loodsen lastig was. De vermelding van een "particuliere waker met hond" illustreert de noodzaak voor beveiliging in die periode.