Archief 745
Inventaris 745-391
Pagina 260
Dossier 106
Jaar 1942
Stadsarchief

Proces-verbaal / Rapport van aanhouding.

Origineel

Proces-verbaal / Rapport van aanhouding. No 77/47/1 M. 1942 5/7
Rapport.

Ik, ondergetekende Jacob. Frans. Gerrit van der Hoek, ambtenaar bij het Marktwezen te Amsterdam, dienstdoende op de Centrale-markt Jan van Galenstraat alhier, verklaar het navolgende.

Op Vrijdag 3 Juli 1942 des morgens circa 9 uur, bevond ik mij belast met het toezicht op Pier B en C III, toen ik zag dat een mij onbekend persoon, die mij later desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Johannes Wilhelmus van Blokland, pers. Expl. No. 7978, geboren te Weesperkarspel, 4 Oct: 1919 van beroep kruier en wonende Nieuwe Leliestraat 18 3 huis, te Amsterdam-Centrum. Dat hij zich op verdachte wijze ophield op genoemde Pier B, hetgeen mij bleek uit het feit dat Blokland enigermalen verschillende rijwielen welke blijkbaar onbeheerd op deze Pier stonden, min of meer nauwkeurig opnam, terwijl hij tevens om hem heen keek. Op een gegeven moment zag ik dat Blokland op een tweewielig herenrijwiel toetrad, hetwelk op het voorgedeelte van Pier B, ter hoogte van den hoofduitgang stond, dit rijwiel bij het stuur vastgreep, waarna hij zich verwijderde naar het uitgangshek.

Ik heb Blokland aldaar staande gehouden. Desgevraagd verklaarde hij mij, dat het rijwiel, hetwelk hij met zich voerde niet zijn eigendom was, maar dat hij dit zonder toestemming van den rechthebbende had weggenomen, met de bedoeling het rijwiel zich toe te eigenen. Naar aanleiding van wat ik gezien had en hetgeen Blokland mij verklaarde, heb ik verdachte overgebracht met het rijwiel per Politie-auto naar bureau Adam: de Ruijterweg, alwaar bovengenoemde is ingesloten.

A.dam. 3 Juli 1942
Controleur.
(getekend) J.F.G. v/d Hoek

Ter att. den Bedrijfschef der Centrale-Markt.

[Aantekeningen in de marge en bovenin:]
* 77/47/1
* 47/2
* 14 dagen - voorstel onbep. tijd
* 6-7-42
* gebleken te zijn uitgegaan op hetzelfde rijwiel [...] 2 d g 4 Juli Dit rapport is een ambtelijke verslaglegging van een heterdaadje betreffende fietsendiefstal. De rapporteur, J.F.G. van der Hoek, is werkzaam als controleur bij het Amsterdamse Marktwezen. Hij observeert de verdachte, een 22-jarige kruier genaamd Van Blokland, die zich verdacht gedraagt door "onbeheerde" fietsen te keuren en nerveus om zich heen te kijken.

Zodra de verdachte een herenfiets meeneemt, grijpt de controleur in. De verdachte bekent direct dat hij de fiets wilde stelen ("toe-eigenen"). Opvallend is de efficiënte afhandeling: de verdachte wordt per politieauto direct overgebracht naar het politiebureau aan de De Ruijterweg. De handgeschreven notities in de marge (zoals "14 dagen") duiden mogelijk op de opgelegde straf of de duur van de voorlopige hechtenis. Het document dateert uit juli 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was in die tijd een cruciaal en streng gecontroleerd distributiepunt voor voedsel in Amsterdam.

Fietsendiefstal was tijdens de oorlogsjaren een zeer veelvoorkomend delict, aangezien vervoersmiddelen en rubber (voor banden) uiterst schaars waren door vorderingen van de bezetter en het wegvallen van de import. Voor een kruier, wiens inkomen afhankelijk was van mobiliteit op en rond de markt, was een fiets een essentieel bezit. De vermelding van het "pers. Expl. No." (mogelijk een vergunningsnummer voor marktwerkers) onderstreept de administratieve controle die op de markt gold. De snelle insluiting en het formele karakter van het rapport laten zien dat de handhaving op het marktterrein, ook voor relatief kleine vergrijpen als fietsendiefstal, streng was.

Samenvatting

Dit rapport is een ambtelijke verslaglegging van een heterdaadje betreffende fietsendiefstal. De rapporteur, J.F.G. van der Hoek, is werkzaam als controleur bij het Amsterdamse Marktwezen. Hij observeert de verdachte, een 22-jarige kruier genaamd Van Blokland, die zich verdacht gedraagt door "onbeheerde" fietsen te keuren en nerveus om zich heen te kijken.

Zodra de verdachte een herenfiets meeneemt, grijpt de controleur in. De verdachte bekent direct dat hij de fiets wilde stelen ("toe-eigenen"). Opvallend is de efficiënte afhandeling: de verdachte wordt per politieauto direct overgebracht naar het politiebureau aan de De Ruijterweg. De handgeschreven notities in de marge (zoals "14 dagen") duiden mogelijk op de opgelegde straf of de duur van de voorlopige hechtenis.

Historische Context

Het document dateert uit juli 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was in die tijd een cruciaal en streng gecontroleerd distributiepunt voor voedsel in Amsterdam.

Fietsendiefstal was tijdens de oorlogsjaren een zeer veelvoorkomend delict, aangezien vervoersmiddelen en rubber (voor banden) uiterst schaars waren door vorderingen van de bezetter en het wegvallen van de import. Voor een kruier, wiens inkomen afhankelijk was van mobiliteit op en rond de markt, was een fiets een essentieel bezit. De vermelding van het "pers. Expl. No." (mogelijk een vergunningsnummer voor marktwerkers) onderstreept de administratieve controle die op de markt gold. De snelle insluiting en het formele karakter van het rapport laten zien dat de handhaving op het marktterrein, ook voor relatief kleine vergrijpen als fietsendiefstal, streng was.

Locaties

Centrale Markt Jan van Galenstraat Amsterdam.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 1