Officiële brief (getypt op papier met doorslag van de achterzijde zichtbaar).
Origineel
Officiële brief (getypt op papier met doorslag van de achterzijde zichtbaar). 25 augustus 1942. 'S-GRAVENHAGE, 25 Augustus 1942.
Betr.: J.P. Kuil, Narcissenweg 159, Beverwijk.
Aangezien ons nog geen afschrift van de tegen voornoemde handelaar opgemaakte tuchtrechtelijke verklaring heeft bereikt en naar ons bekend is door den Heer Hoofdambtenaar v.d. Tuchtrechtspraak nog geen uitspraak is gedaan in deze zaak, hebben wij ons tot den C.C.C.D. gewend, teneinde nadere inlichtingen te verkrijgen.
Wij vertrouwen in staat te zijn U hierover binnenkort te kunnen inlichten.
NEDERL. GROENTEN- EN FRUITCENTRALE.
(w.g. paraaf)
2.C.P. Het document is een zakelijke correspondentie tussen twee instanties die tijdens de Duitse bezetting van Nederland belast waren met de regulering van de voedselvoorziening en prijscontrole. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) informeert het Prijsbeheersingsbureau over de voortgang van een tuchtzaak tegen een handelaar uit Beverwijk.
Opvallend is de bureaucratische stroefheid: de NGF heeft nog geen officiële stukken ontvangen van de tuchtrechter en heeft daarom contact opgenomen met de C.C.C.D. (Centrale Controle Dienst) voor meer informatie. Dit wijst op een nauwe samenwerking tussen opsporingsdiensten, tuchcolleges en distributie-organen om economische overtredingen (zoals handel op de zwarte markt of prijsopdrijving) aan te pakken. Deze brief dateert uit augustus 1942, een periode waarin de schaarste in bezet Nederland toenam en de distributie van levensmiddelen volledig onder controle van de overheid stond.
- De NGF: De Groenten- en Fruitcentrale was een door de bezetter gecontroleerd orgaan dat toezag op de veilingen en distributie.
- Prijsbeheersing: Om inflatie en woekerprijzen tegen te gaan, stelde het Prijsbeheersingsbureau maximale prijzen vast. Overtredingen werden streng gestraft via het economisch tuchtrecht.
- C.C.C.D.: De Centrale Controle Dienst was de voornaamste opsporingsinstantie voor economische delicten. Zij controleerden of boeren en handelaren zich hielden aan de leveringsplichten en prijsvoorschriften.
- J.P. Kuil: De genoemde persoon was vermoedelijk een handelaar die verdacht werd van een economisch vergrijp, wat in die tijd kon leiden tot hoge boetes of uitsluiting van de handel.