Afschrift van een proces-verbaal (Pro-Justitia).
Origineel
Afschrift van een proces-verbaal (Pro-Justitia). [Linksboven:]
E.C.C.B. Afd. Landb. + Visscherij
afd. algemeene controle
District III N.H.
[Midden:]
Afschrift
Pro-Justitia
proces-verbaal no
contra F.A. Bakker te Adam en
C. Rep te A’dam.
[Rechtsboven:]
inbeslagname
[Stempel:]
№ 77/58/1 M. 1942 21/8
[Tekst:]
schend. art 11 lid 1 Crisis-Tuinbouwbesluit 1940
en art. 2 Landbouwproductenbesluit 1941.
Proces verbaal.
Op Donderdag 20 Mei 1942 omstreeks 9 uur v.m.
bevond ik Antonius Herburg controleur 1e Cl. d. ECD wonende te A’dam
C. Oortszstr 13-II, mij op de Openbare weg de Jan v. Galenstr, gelegen binnen
de gemeente Amsterdam. Op plaatse en tijd voornoemd werd door mij
geconstateerd, dat een persoon van een voor het perceel J. v. Galenstr 145
staand kar, 20 kistjes spinazie, zijnde een warmerevelgewas als bedoeld
in art. 1 off. Crisis Tuinbouwbesluit 1940 – aflaadde en deze op de stoep voor
dit perceel deponeerde, waarna hij weg wilde rijden in de richting centrale
markt. Ik hield hem staande en na mij te hebben gelegitimeerd vroeg
ik hem voor wie die kisten waren bestemd. Hij antwoordde: Ze zijn
bestemd voor de groentenhandelaar C. Rep. Toen ik van mijn 1e rit
naar de centrale markt terugkeerde, heeft Rep mij gevraagd of ik
nog wat groente voor hem had, daar hij niets op de centrale
markt had gekregen. Ik heb nu zoodoende op eigen risico de centrale
markt 20 kistjes spinazie voor hem medegenomen en die voor zijn huis
neergezet. Over den prijs heb ik met hem nog niet gesproken. Mijn vader
weet van dit geval niets af, terwijl het me wel bekend is, dat ik iets doe,
wat niet mag. Desgevraagd gaf verdachte op te zijn: Franciscus Antonius
Bakker, nederl. sedert geboorte geb. te A'dam 13 Sept 1923, van beroep tuinder,
wonende te A’dam, Sloterkadevermeerweg 171. Daarop vorderde ik inbeslagname
van en nam ik in beslag: 40 kistjes inhoudende 240 kg spinazie, 16 kistjes
inhoudende 128 kg raapsteelen en 9 kistjes inhoudende 6 1/2 kg bosradijs,
welke kistjes groente waren gedeponeerd bij de V.C.D. veiling te A’dam.
Verdachte is een formulier van inbeslagname No 45538 uitgereikt terwijl
een dergelijk formulier werd toegezonden aan de desbetreffende
instanties. De vader van de verdachte, Theodorus Johannes Bakker
geb. te Weesperkarspel 10 Sept 1878 nederl sedert geboorte gepensioneerd,
wonende te A’dam, Sloterkadevermeerweg 171, aangesloten bij de P.I.C.A.
onder No 23459, verklaarde: Ik werk als tuinder met mijn zoons.
Ik ben altijd thuis in de tuin bezig en laat de jongens de groenten
wegbrengen. Wat ze dag onderweg doen is mij niet bekend.
Verdachte Franciscus Antonius Bakker is daarop staande met zijn
verklaring in kennis gesteld en is door mij p.v. aangezegd; hij wenscht
schikking. Statusopgave conform persoonsbewijs. Dit proces-verbaal beschrijft een geval van illegale handel in groenten ("zwarte handel") tijdens de Duitse bezetting. De 18-jarige tuinder Franciscus Bakker werd betrapt op de Jan van Galenstraat in Amsterdam terwijl hij 20 kistjes spinazie rechtstreeks afleverde bij een handelaar (C. Rep), in plaats van deze via de officiële weg (de centrale veiling) aan te bieden.
Bakker bekent schuld ("terwijl het me wel bekend is, dat ik iets doe, wat niet mag"). De controleur nam vervolgens niet alleen de spinazie in beslag, maar ook andere partijen raapstelen en radijs die kennelijk bij de partij hoorden of bij een eerdere rit betrokken waren. De vader van de verdachte distantieert zich van de acties van zijn zoon om zelf buiten schot te blijven. De verdachte vraagt om een "schikking", wat destijds een gebruikelijke manier was om onder een zware gerechtelijke straf uit te komen door een boete te betalen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog voerde de bezetter een strikt distributiesysteem in om de voedselvoorziening te controleren en de Duitse Wehrmacht te bevoorraden. Tuinders waren verplicht hun volledige oogst via de veilingen (zoals de Centrale Markt in Amsterdam) te verkopen.
Het E.C.C.B. (Economische Crisis Controle Bureau), de voorloper van de naoorlogse Economische Controledienst (ECD), hield streng toezicht op deze regels. "Buiten de veiling om" verkopen werd zwaar gestraft omdat dit de officiële voedseldistributie ondermijnde en vaak gepaard ging met woekerprijzen op de zwarte markt. Dit specifieke document laat zien hoe gedetailleerd de controle was, tot op het niveau van individuele karren met groenten in de straten van Amsterdam. De vermelding van het "persoonsbewijs" onderaan het document is typerend voor de bureaucratische controle in 1942. Antonius Herburg (Controleur) C. Oortszstr C. Rep E.C.C.B. Afd F.A. Bakker Gemeente Amsterdam Wehrmacht