Ambtsbrief / Officiële correspondentie.
Origineel
Ambtsbrief / Officiële correspondentie. 31 augustus 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of de betreffende gemeentelijke dienst). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam ("Alhier"). [Handgeschreven in groen: Verzonden (?) / onleesbaar]
HB.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
77/60/3 M. 1. 31 Augustus 1942.
Straf J.Zandvoort
Centrale Markt.
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 25 Augustus 1942 door den contrôleur B. Felthuis van mijn dienst opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat J.Zandvoort, wonende Van Hallstraat 114 III, alhier, wien als personeel kooper toegang tot de Centrale Markt is verleend, zich aldaar heeft schuldig gemaakt aandiefstal van 6 ledige kisten ten nadeele van N.V. Keizer's Fruithandel.
Terzake van dit feit is Zandvoort voornoemd dezerzijds, ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van veertien dagen, namelijk van 28 Augustus tot en met 10 September 1942.
Ik ben van meening, dat Zandvoort voor langeren tijd van de Centrale Markt moet worden geweerd en ik geef U mitsdien beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat Zandvoort in aansluiting op mijn straf, overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid van bovenaangehaald artikel, door den Burgemeester van Amsterdam wordt gestraft met ontneming van het recht van toegang voor onbepaalden tijd zulks met ingang van 11 September 1942.
Zandvoort voornoemd heeft zich tevoren nimmer aan eenig strafbaar feit op de Centrale Markt schuldig gemaakt.
De Directeur, Het document is een zakelijke correspondentie waarin de directeur van de Centrale Markt aan de Wethouder voor de Levensmiddelen rapporteert over een diefstal. Een zekere J. Zandvoort, een "personeel koper" (iemand die namens een bedrijf of winkel inkoopt), heeft zes lege kisten gestolen van de firma N.V. Keizer's Fruithandel.
De directeur heeft reeds een disciplinaire straf opgelegd (14 dagen ontzegging van de toegang), maar vindt dit onvoldoende. Hij verzoekt de Wethouder om bij de Burgemeester te pleiten voor een verbod voor onbepaalde tijd. Opmerkelijk is de laatste zin, waarin wordt vermeld dat de dader een blanco strafblad heeft op de markt. Desondanks wordt er ingezet op een zeer zware sanctie (levenslange/onbepaalde ontzegging), wat duidt op een streng handhavingsbeleid in die periode. Dit document stamt uit augustus 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt van Amsterdam (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) speelde een cruciale rol in de voedselvoorziening van de stad. In een tijd van schaarste, rantsoenering en de opkomst van de zwarte markt werd elke vorm van onregelmatigheid of diefstal — zelfs van zoiets schijnbaar triviaals als "ledige kisten" — uiterst serieus genomen.
Materialen zoals hout voor kisten waren schaars en essentieel voor de logistiek van de voedseldistributie. De strengheid van de voorgestelde straf (ontzegging voor onbepaalde tijd voor een eerste overtreding) moet worden gezien in het licht van de oorlogsomstandigheden en de noodzaak om de orde en de legale distributieketen strikt te handhaven. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode een sleutelfiguur in het beheersen van de Amsterdamse voedselvoorraad.