Brief (handgeschreven).
Origineel
Brief (handgeschreven). 3 augustus 1939. Weduwe J. Dootjes, Commelinstraat 118, Amsterdam. Onbekend, geadresseerd als "WelEdele Heer" (vermoedelijk de marktmeester of een ambtenaar van de afdeling Marktwezen). Nº 26/43/M. 1939
Amsterdam 3 Augustus 1939
WelEdele Heer
Beleefd verzoek ik u of mijn zwager
de Heer Willem Dootjes mij op Zaturdag
mag mag helpen op de standplaats
Dapperstraat. Hopend op een gunstig
antwoord teken ik mij
Hoogachtend
Wed: J. Dootjes
Commelinstraat 118 alhier. * Inhoud: De schrijfster, een weduwe, verzoekt om toestemming zodat haar zwager, Willem Dootjes, haar mag assisteren bij haar marktkraam in de Dapperstraat op zaterdagen.
* Schrijfstijl: De brief is geschreven in een formele, beleefde stijl die gebruikelijk was voor correspondentie met officiële instanties in die tijd ("WelEdele Heer", "Beleefd verzoek ik u").
* Taalkundige details: Er is een kleine verschrijving zichtbaar ("mag mag"). De spelling "Zaturdag" met een 'u' was destijds een gangbare variant.
* Fysieke staat: De brief is geschreven op gelinieerd papier. De inkt is goed bewaard gebleven. Er staat een aantekening in de rechterbovenhoek die mogelijk een administratieve afkorting of paraaf is. * Locatie: De Dapperstraat in Amsterdam-Oost is al sinds het begin van de 20e eeuw de locatie van een van de bekendste dagmarkten van de stad. De afzender woonde in de Commelinstraat, een zijstraat van de Dapperstraat, wat logisch is voor een lokale markthoudster.
* Tijdsbeeld: Augustus 1939 was een bewogen tijd, vlak voor de Duitse inval in Polen en het begin van de Tweede Wereldoorlog. Voor het drijven van handel op de markt en het aanstellen van personeel of hulpkrachten was strikte vergunningverlening door de gemeente Amsterdam vereist.
* Sociaal-economisch: De brief illustreert de kleinschalige familie-economie van de Amsterdamse markthandel, waarbij familieleden (in dit geval een zwager) bijsprongen om het bedrijfje van een weduwe draaiende te houden. J. Dootjes Gemeente Amsterdam Marktwezen