Officiële brief/aanmaning van de gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief/aanmaning van de gemeente Amsterdam. 13 september 1939. Dienst van het Marktwezen Amsterdam, Jan van Galenstraat 14. De heer L. Meents, Joden Houttuinen 74-76, Amsterdam-Centrum (Wijk 2). [Briefhoofd met logo van Amsterdam]
MARKTWEZEN AMSTERDAM HG.
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
[Handgeschreven:] Verzonden 13/9-'39
No. 26/55/2 M.
BIJLAGE
ONDERWERP:
AMSTERDAM (W.) 13 September 1939.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN den Heer L. Meents,
Joden Houttuinen 74-76,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
Aangezien U gedurende langer dan drie weken in ge-
breke is gebleven, om het marktgeld, verschuldigd voor Uw
plaats op de markt Dapperstraat
te betalen, waarschuw ik U hierby, dat U alsnog vóór 17 September
a.s. aan Uw verplichting moet voldoen.
Ik wys U er met nadruk op, dat, indien U langer in
gebreke blyft, de U verleende vaste plaats, ingevolge artikel
11 van het Reglement op de Markten, met ingang van 18 September
a.s. onherroepelyk wordt ingetrokken.
Indien een geldige reden U verhindert, om aan Uw
verplichtingen te voldoen (byvoorbeeld omdat U steun geniet;
in een ziekenhuis wordt verpleegd, enz.) dient U onmiddellyk
myn dienst hiervan in kennis te stellen, omdat dan kan worden
voorkomen, dat de intrekking plaatsvindt.
De Directeur,
[Handtekening]
A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633. Deze brief is een formele sommatie van de Dienst van het Marktwezen aan een marktkoopman, de heer L. Meents. De kern van de zaak is een betalingsachterstand van meer dan drie weken voor zijn standplaats op de Dapperstraat-markt.
De toon is bureaucratisch en dwingend. Er wordt een strikte deadline gesteld (17 september) met de directe dreiging van het "onherroepelijk" intrekken van de vaste staanplaats per de volgende dag. Opvallend is de vermelding van verzachtende omstandigheden (zoals het genieten van "steun" of ziekenhuisopname) die, mits direct gemeld, de intrekking zouden kunnen voorkomen. Dit getuigt van het sociale vangnet en de regels die de gemeente Amsterdam hanteerde in de jaren dertig.
In de tekst vallen archaïsche spellingen op zoals "hierby", "wys", "blyft", "onherroepelyk" en "myn", waarbij de 'y' consequent wordt gebruikt waar we nu een 'ij' zouden schrijven. De datum van de brief, 13 september 1939, is historisch zeer relevant. Slechts twaalf dagen eerder was de Tweede Wereldoorlog uitgebroken met de Duitse inval in Polen. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was en de algemene mobilisatie net was voltooid, ging het dagelijks leven en de gemeentelijke bureaucratie in Amsterdam in eerste instantie gewoon door.
De locatie van de ontvanger, de Joden Houttuinen in Wijk 2, plaatst de geadresseerde in het hart van de oude Joodse buurt van Amsterdam. De heer Meents was zeer waarschijnlijk een Joodse marktkoopman. De Joden Houttuinen was een straat die tijdens de sanering van de Jodenbuurt en later na de oorlog nagenoeg volledig is verdwenen. De Dapperstraat, waar zijn marktplaats zich bevond, was (en is) een van de belangrijkste en meest levendige markten in Amsterdam-Oost. Dit document biedt een inkijkje in de economische kwetsbaarheid van kleine zelfstandigen aan de vooravond van de bezetting. L. Meents Meents was (De heer) Gemeente Amsterdam Marktwezen