Archief 745
Inventaris 745-403
Pagina 54
Dossier 27
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte rapportage (doorslag), waarschijnlijk onderdeel van een proces-verbaal of een intern onderzoeksverslag.

Origineel

Getypte rapportage (doorslag), waarschijnlijk onderdeel van een proces-verbaal of een intern onderzoeksverslag. -3-

kaarthoudsters heeft geteld. Deze regeling gaf zeer veel reden
tot klagen bij het in de rij staande publiek. De betreffende
vrouwen bleven namelijk op een afstand staan wachten tot er een
kar met mooie zeevisch of aal naar binnen reed en meldden zich
dan tegelijk bij den contrôleerenden ambtenaar! De ontevredenheid
van het publiek uit de rij sproot dan ook mede voort uit de rege-
ling met de voorrangskaarten.
Ten aanzien van de mededeeling van De Wolff, dat hij slechts
overzicht had over den verkoop in één loods hebben wij hem ge-
vraagd, waarom hij hierover nimmer bezwaren bij zijn superieuren
heeft ingebracht. De Wolff antwoordde hierop, dat de Politie de
regeling in handen had van het toelaten van het publiek tot de
loodsen. Het was hem onmogelijk om hierop voldoende toezicht te
houden. Bovendien was in een van de twee loodsen steeds een ambte-
naar van de Economische Politie aanwezig, genaamd De Bak. Ook
contrôleur Noorlander van den C.C.D. was vaak aanwezig. Wanneer
De Wolff in de eene loods contrôleerde, nam De Bak de andere voor
zijn rekening. De Wolff deelde mede, dat hij nimmer om dezen ambte-
naar heeft gevraagd. Naar de meening van De Wolff kwam deze De Bak
reeds voordat de verkoop officieel in de loodsen plaats vond;
naar schatting wel een jaar lang en vrijwel dagelijks.
Deze mededeeling wordt telefonisch bevestigd door Inspecteur
Bonarius van het Hoofdbureau van Politie.
De Bak verrichtte dezelfde werkzaamheden als De Wolff; hij
turfde ook regelmatig. De Bak kocht nooit visch bij de marktkoop-
lieden; wel heeft De Wolff eenige keeren gezien, dat hij bij
Fleysman en Visser, de halhouders, visch kocht. Het publiek heeft
hij hierover nooit aanmerkingen hooren maken.
De Wolff handhaafde zijn standpunt, dat er geen visch tus-
schen de De Ruyterkade en de Lindengracht kon verdwijnen. Hij
grondde dit hierop, dat de kooplieden niet vooruit wisten, wanneer
hij zou turven. Bij het turven is het vrijwel nooit voorgekomen,
dat er hoeveelheden visch ontbraken. Vandaar zijn conclusie, dat
er geen vischwerd achtergehouden, of reeds onderweg verdween. Aan-
gezien ook De Bak steeds turfde, zou ook deze hieromtrent kunnen
worden gehoord. De Wolff wijst er hierbij op, dat de verhouding
tusschen hem en De Bak gedurende geruimen tijd zoodanig was, dat
ze vijandig tegenover elkaar stonden. Hierin is pas 1 1/2 maand ge-
leden wat verbetering gekomen. Naar De Wolff's meening sluit dit
vanzelfsprekend "handje plak" tusschen hen beiden uit. Er was even-
wel geen volledige werkverdeeling tusschen De Wolff en De Bak;
dit kan er ook niet zijn, aangezien ze niet in hetzelfde dienst-
verband zaten. Wel verklaarde De Wolff, dat hij van dezen poli-
tieman zeer veel steun heeft gehad.
Ten aanzien van het koopen van visch hebben wij De Wolff me-
degedeeld, dat er vele en zeer ernstige klachten over hem waren.
De Wolff verklaarde, dat er voor hem nooit visch door de
marktkooplieden is achtergehouden; hij heeft nimmer bij deze
kooplieden visch gekocht of gekregen. Wel kocht hij om de 3, 4
weken visch bij de halhouders. De Wolff zeide, dat hij steeds
vrij van alle kooplieden heeft gestaan; hij wenschte dit als
ambtseedig ambtenaar en als valdwachter te verklaren.
De Wolff wees er opnieuw op, dat het publiek in de Jordaan
wel tot het lastigste behoort. Zoo is er bijv. een man, die, na-
dat De Wolff is overgeplaatst naar de Jan Evertsenstraat ook mee
is overgegaan en nu weer dagelijks op de Jan Evertsenstraat aan-
wezig is om te trachten iets te ontdekken. De Wolff wijst een en
ander aan zijn buren, die N.S.B. zijn en hem reeds zeer lang
dwarsboomen. Eerst zou De Wolff een clandestienen kolenhandel
hebben gedreven, toen werd hij beschuldigd van het luisteren naar
de Engelsche radio en nu wordt van hem gezegd, dat hij in den
zwarten vischhandel zit.
Zijn buurvrouw brengt al deze praatjes in omloop. Hierover
is reeds op het kringhuis gesproken, waar de vrouw onder handen
zou zijn genomen. Dit document verslaat een onderzoek naar mogelijke corruptie en onregelmatigheden bij de visdistributie in Amsterdam tijdens de bezettingsjaren. Centraal staat de ambtenaar De Wolff, die zich moet verdedigen tegen beschuldigingen van begunstiging en betrokkenheid bij de zwarte handel.

De tekst belicht de complexiteit van de controle op voedselstromen. Er is sprake van een schimmige verdeling tussen de reguliere politie, de Economische Politie (De Bak) en de Crisis Controle Dienst (Noorlander). De Wolff ontkent elke vorm van "handje plak" (samenspanning) met De Bak, mede omdat hun onderlinge verhouding tot voor kort vijandig was.

Interessant is de sociale dynamiek die beschreven wordt:
1. Publieke onvrede: De "voorrangskaarten" voor vis zorgden voor grote ergernis bij mensen die urenlang in de rij stonden.
2. Verklikking en achterdocht: De Wolff wijst op de rol van zijn NSB-buren die hem zouden dwarsbomen met diverse beschuldigingen (clandestienen kolenhandel, luisteren naar de Engelse radio). Dit illustreert de sfeer van wantrouwen en sociale controle in wijken als de Jordaan.
3. Kringhuis: Het noemen van het "kringhuis" (een lokaal hoofdkwartier van de NSB) waar de buurvrouw "onder handen zou zijn genomen", suggereert dat ook politieke instanties zich met deze ruzies en beschuldigingen bemoeiden. Tijdens de Duitse bezetting was er in Nederland een nijpend tekort aan voedsel, waaronder vis. Om de distributie in goede banen te leiden en de zwarte handel te bestrijden, werden organisaties als de C.C.D. (Crisis Controle Dienst) en de Economische Politie ingezet. Fraude door ambtenaren kwam veelvuldig voor, maar valse beschuldigingen uit wraak of politiek gewin waren evenzeer aan de orde van de dag. De vismarkten aan de De Ruyterkade en de Lindengracht waren vitale knooppunten in de Amsterdamse voedselvoorziening. De Jordaan stond in deze periode bekend als een 'moeilijke' wijk voor handhavers vanwege de sterke sociale cohesie en de weerstand tegen de bezetter en diens regels. Bonarius (Inspecteur) Bonarius van (Inspecteur) Hoofdbureau NSB Politie

Samenvatting

Dit document verslaat een onderzoek naar mogelijke corruptie en onregelmatigheden bij de visdistributie in Amsterdam tijdens de bezettingsjaren. Centraal staat de ambtenaar De Wolff, die zich moet verdedigen tegen beschuldigingen van begunstiging en betrokkenheid bij de zwarte handel.

De tekst belicht de complexiteit van de controle op voedselstromen. Er is sprake van een schimmige verdeling tussen de reguliere politie, de Economische Politie (De Bak) en de Crisis Controle Dienst (Noorlander). De Wolff ontkent elke vorm van "handje plak" (samenspanning) met De Bak, mede omdat hun onderlinge verhouding tot voor kort vijandig was.

Interessant is de sociale dynamiek die beschreven wordt:
1. Publieke onvrede: De "voorrangskaarten" voor vis zorgden voor grote ergernis bij mensen die urenlang in de rij stonden.
2. Verklikking en achterdocht: De Wolff wijst op de rol van zijn NSB-buren die hem zouden dwarsbomen met diverse beschuldigingen (clandestienen kolenhandel, luisteren naar de Engelse radio). Dit illustreert de sfeer van wantrouwen en sociale controle in wijken als de Jordaan.
3. Kringhuis: Het noemen van het "kringhuis" (een lokaal hoofdkwartier van de NSB) waar de buurvrouw "onder handen zou zijn genomen", suggereert dat ook politieke instanties zich met deze ruzies en beschuldigingen bemoeiden.

Historische Context

Tijdens de Duitse bezetting was er in Nederland een nijpend tekort aan voedsel, waaronder vis. Om de distributie in goede banen te leiden en de zwarte handel te bestrijden, werden organisaties als de C.C.D. (Crisis Controle Dienst) en de Economische Politie ingezet. Fraude door ambtenaren kwam veelvuldig voor, maar valse beschuldigingen uit wraak of politiek gewin waren evenzeer aan de orde van de dag. De vismarkten aan de De Ruyterkade en de Lindengracht waren vitale knooppunten in de Amsterdamse voedselvoorziening. De Jordaan stond in deze periode bekend als een 'moeilijke' wijk voor handhavers vanwege de sterke sociale cohesie en de weerstand tegen de bezetter en diens regels.

Genoemde Personen 2

Bonarius (Inspecteur) Bonarius van (Inspecteur)

Locaties

Lindengracht

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Brandstof Huishoudelijk: Kolen Huishoudelijk: Pan Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vis & Zee: Zeevis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Hoofdbureau NSB Politie

Gerelateerde Documenten 3