Ambtelijke notitie / memo.
Origineel
Ambtelijke notitie / memo. 21 juli 1943. verzoekt plaats in te
mogen nemen op de Nieuw-
markt voor het opkoope-
[doorstreept: en verkoopen] van oude meubelen enz.
Heeft geen vergunning
M. i. verzoek afwijzen.
Zal zich wenden tot
Rijksbureau voor af-
valstoffen en oude
materialen.
21-7-’43
[handtekening, mogelijk: de Haan] Het document is een korte ambtelijke besluitvorming of een advies betreffende een verzoek van een onbekende partij. De aanvrager wilde een staanplaats op de Nieuwmarkt in Amsterdam om te handelen in oude meubelen.
Opvallende punten in de tekst:
* Correctie: De woorden "en verkoopen" zijn doorstreept, wat suggereert dat de nadruk van het verzoek (of de toegestane activiteit) enkel op het opkopen lag, of dat de ambtenaar de omschrijving specifieker wilde maken.
* Advies: De afkorting "M. i." staat voor "Mijns inziens". De ambtenaar adviseert het verzoek af te wijzen omdat de aanvrager niet over de juiste vergunningen beschikt.
* Doorverwijzing: De aanvrager wordt doorverwezen naar het "Rijksbureau voor afvalstoffen en oude materialen". Het document dateert uit juli 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de handel in schaarse goederen en grondstoffen strikt gereguleerd door de bezetter.
De verwijzing naar het Rijksbureau voor afvalstoffen en oude materialen is historisch significant. Tijdens de bezetting werden diverse 'Rijksbureaus' opgericht om de distributie en recycling van materialen (zoals metalen, textiel en papier) te controleren ten behoeve van de oorlogseconomie. Zelfs de handel in oude meubelen en "afval" viel onder deze strikte bureaucracie.
De Nieuwmarkt in Amsterdam was van oudsher een plek voor handel, maar lag in het hart van de Jodenbuurt. In juli 1943 waren de grootschalige deportaties uit deze buurt nagenoeg voltooid, waardoor de dynamiek op de markt en de regelgeving rondom handelspanden en standplaatsen in dit gebied extra beladen en streng gecontroleerd waren. Rijksbureau