Archiefdocument
Origineel
22 september 1943 t/m 30 oktober 1943. [Linksboven:]
Nr: 29/24/1 M 1943 22/9
[Midden:]
N.J. Huppen kan voor een legitimatiekaart
losse plaats in aanmerking komen.
[Rechtsmidden:]
28/10 43
de amb:
[Handtekening, vermoedelijk Spöll]
[Linksonder:]
Losse plaats afgegeven
per 1 November 1943.
Driebergen. H.G. 30/10 43.
[Onderaan midden:]
ommezij[de]
J. 29/10 Het document is een ambtelijke schriftelijke vastlegging betreffende de aanvraag van een legitimatiekaart voor een "losse plaats" door de heer N.J. Huppen. De notities tonen de procesgang:
1. 28 oktober 1943: Een ambtenaar stelt vast dat de aanvrager in aanmerking komt voor de kaart.
2. 30 oktober 1943: Er wordt genoteerd dat de kaart daadwerkelijk is afgegeven, met ingang van 1 november 1943, te Driebergen.
De term "losse plaats" verwijst in een gemeentelijke context doorgaans naar een vergunning voor een marktstandplaats of een ambulante handelspost die niet op een vaste, permanente locatie is gevestigd. Het woord "ommezijde" wijst erop dat de administratieve afhandeling op de achterkant van het document wordt voortgezet of dat daar aanvullende persoonsgegevens staan. Dit document stamt uit de periode van de Tweede Wereldoorlog (1943). Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was de administratieve controle op burgers en hun economische activiteiten zeer streng. Legitimatiebewijzen en specifieke vergunningskaarten waren essentieel voor het uitoefenen van een beroep of handel. De gemeente Driebergen (tegenwoordig Driebergen-Rijsenburg) hanteerde, zoals elke Nederlandse gemeente in die tijd, een nauwgezette registratie van uitgegeven documenten. Dit kaartje is een voorbeeld van de dagelijkse bureaucratie die ook onder oorlogsomstandigheden werd voortgezet door het lokale overheidsapparaat. N.J. Huppen