Handgeschreven brief met ambtelijke kanttekeningen.
Origineel
Handgeschreven brief met ambtelijke kanttekeningen. 26 februari 1943. Mevr. E. Moscoviter - Fresco. [Linksboven in stempel/inkt:]
No. 30/5/2 M. 1943 27/2
[Rechtsboven:]
595
Amsterdam 26 Februari 1943
Hooggeachte Mijnheer Directeur!
Beleefd verzoek ik u mijn zuster Debora Fresco geb: 12.9. 87 vergunning te willen verleenen mij behulpzaam te zijn op de markt Waterlooplein aangezien mijn gezondheid niet toelaat dit alleen waar te nemen. Het bewijs van de arts sluit ik hierbij in.
Hoogachtend
Mevr. E. Moscoviter - Fresco
Peperstraat 6 II
[Ambtelijke aantekeningen onder de brief:]
[In rood:] 30/5/3 m.
[Rechts midden:]
oproepen 15-3-'43
[Paraaf: deHeer?]
[Links onder de brieftekst:]
E. moscoviter - Fresco
pl. 131 Waterlooplein
H. Prins, om advies,
2-3-'43
[Paraaf: deHeer?]
Tegen inwilliging van het verzoek van Mevr. E moscoviter bestaat m.i. geen bezwaar.
22-3-'43
[Paraaf: deHeer?] * Inhoud: Esther Moscoviter-Fresco verzoekt de directeur van de marktvergunningen om toestemming voor haar jongere zus, Debora Fresco, om haar te mogen helpen bij haar marktkraam (plaats 131) op het Waterlooplein. Zij voert hiervoor medische redenen aan en heeft een doktersverklaring bijgevoegd.
* Administratieve gang van zaken: Het verzoek wordt op 2 maart 1943 voor advies doorgezet naar een zekere "H. Prins". Er wordt een oproep gepland voor 15 maart. Uiteindelijk geeft een ambtenaar (mogelijk met de naam De Heer) op 22 maart 1943 een positief advies: er is "geen bezwaar" tegen het inwilligen van het verzoek.
* Taal en handschrift: Het document is geschreven in formeel Nederlands. Het handschrift van de afzendster is een verzorgd, hellend schrijfschrift. De ambtelijke notities zijn in verschillende stijlen en pennen geschreven (zwart, rood, blauwpotlood). * Historische periode: De brief dateert uit februari/maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland.
* Locatie: Het Waterlooplein lag in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. Vanaf 1941 was de markt daar door de bezetter aangewezen als specifieke "Joodse markt", waar alleen Joden mochten handelen.
* Personen: De namen Moscoviter en Fresco zijn kenmerkend voor de Sefardisch-Joodse gemeenschap in Amsterdam. Uit historische bronnen (zoals de registers van het Joods Monument) blijkt dat de afzendster, Esther Moscoviter-Fresco (geboren 1881), en haar zus Debora Fresco (geboren 1887) beiden kort na dit document zijn gedeporteerd.
* Tragiek: Dit document toont de dagelijkse beslommeringen en de pogingen om de handel op de markt voort te zetten onder extreme omstandigheden. Hoewel de gemeente op 22 maart 1943 nog "geen bezwaar" had tegen de hulp van haar zus, werden beide zussen op 4 juni 1943 in het vernietigingskamp Sobibor vermoord. Dit geeft dit schijnbaar banale administratieve document een zeer beladen historische waarde. De namen Moscoviter en Fresco zijn kenmerkend voor de Sefardisch-Joodse gemeenschap in Amsterdam. Uit historische bronnen (zoals de registers van het Joods Monument) blijkt dat de afzendster Esther Moscoviter-Fresco (geboren 1881) en haar zus Debora Fresco (geboren 1887) beiden kort na dit document zijn gedeporteerd.