Brief op officieel briefpapier.
Origineel
Brief op officieel briefpapier. 20 oktober 1943. Nederlandsche Visscherijcentrale, Den Haag. Den Heer Directeur van den Gemeentelijken Vischafslag te Amsterdam. [In de rechterbovenhoek, handgeschreven:] 377
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
AFDEELING: Verd./Alg. Zaken.
BETREFFENDE: verdeeling sardijn en bliek.
'S-GRAVENHAGE, 20 October 1943
BIJ ANTWOORD VERMELDEN: 25405, V/VV
BIJLAGE: [leeg] STUKS, T.W. [leeg]
Den Heer Directeur van den
Gemeentelijken Vischafslag
te
AMSTERDAM. –
[Handgeschreven aantekeningen over de adressering:]
Gezien [onleesbaar]
nv. Den
den [onleesbaar]
V.M.
[Stempel in paarse inkt:]
No. 46A/305/1 M. 1943 25/10
Hiermede berichten wij U, dat wij de onderstaande firma's ontheffing hebben verleend van hun verplichtingen voortvloeiende uit het Tweede Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit 1941, wat betreft hun leveranties gezuurde bliek in vaatjes aan de firma J.B. Manger te Amsterdam, welke firma deze bliek benoodigt voor de fabricage van vischhapjes.
Eventueele leveranties in dit artikel moeten zij de firma J.B. Manger via Uw afslag leveren.
- N.V. Vischhandel Jac. Visser Jaczn. en Co. - IJmuiden.
- Brussaard's Handelmij. N.V. - Vredenoordkade 15 - Rotterdam-Oost.
- N.V. Nederl. Vischconservenfabriek Nevaco, Industriestraat 45 te IJmuiden (vroeger v. Vollenhoven - Scheveningen).
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
[Handgeschreven handtekening: H.A. Kraaijeveld?]
Ruy [Initialen onderaan links]
[Stempel rechtsonder:] L/GA
[Voetnoot:]
ADELHEIDSTRAAT 300, 'S-GRAVENHAGE — POSTGIROREKENING 245271 — TELEGRAMADRES: NEDVISCEN
TELEFOON 720080 EN 772162, INTERCOMM. XX. VOOR AFDEELING DISTRIBUTIE 722641
[Logo A] 28430 - '42 - K 993 Deze brief is een formeel besluit van de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC). De kern van de zaak is een ontheffing. Drie specifieke visbedrijven uit IJmuiden en Rotterdam krijgen toestemming om buiten de reguliere beperkingen van het 'Visscherijbesluit 1941' om te leveren aan de firma J.B. Manger in Amsterdam.
Het gaat specifiek om "gezuurde bliek" (kleine vis, vaak vergelijkbaar met sprot of jonge haring) die bestemd is voor de productie van "vischhapjes". Opvallend is de logistieke instructie: ondanks de ontheffing moet de levering wel administratief of fysiek via de Gemeentelijke Vischafslag in Amsterdam lopen, zodat de controle op de visstroom behouden blijft. Het document dateert uit oktober 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Visscherijcentrale was in die tijd het centrale orgaan dat door de bezetter (en het Nederlandse bestuur onder toezicht) was aangesteld om de volledige visserijketen te beheersen.
Tijdens de oorlog was er sprake van een strikte distributie-economie. Grondstoffen waren schaars en de handel was aan banden gelegd om de voedselvoorziening te controleren (en vaak ook om goederen richting Duitsland te kanaliseren). Het genoemde "Visscherijbesluit 1941" vormde de juridische basis voor deze gecentraliseerde controle. Het feit dat er een ontheffing nodig was voor zoiets specifieks als de productie van visborrelhapjes, toont aan hoe diep de bureaucratische controle in de economie was doorgedrongen. De genoemde bedrijven, zoals Nevaco in IJmuiden, waren destijds grote spelers in de conservenindustrie.