Archief 745
Inventaris 745-411
Pagina 75
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Brief / Verzoekschrift

21 oktober 1943 Van: F. Vrees Aan: Commissieleden en Collega's (vermoedelijk van een marktwezen- of visserij-instantie) Dossier: 46

Origineel

Brief / Verzoekschrift 21 oktober 1943 F. Vrees Commissieleden en Collega's (vermoedelijk van een marktwezen- of visserij-instantie) [Hoofdtekst]

Amsterdam 21 October 1943.
No. 46A/309/1 M. 1943 6/11

Geachte Commissieleden en Colega's

Hiermede verzoek ik u beleefd mij te willen rangschikken onder de visch-winkeliers of vischhalhouders, daar ik net zoo'n Vischhal heb als, W. Böhne, D. Fleysman, Frans Visser en anderen. Ik heb mijn zelfde verplichtingen en de zelfde vergunningen dus is het ook billijk dat ik dezelfde rechten krijg en dus niet naar deze of geene markt gestuurd word om daar mijn visch te verkoopen.

Dit schrijven zendt ik nu vooraf omdat 5 November a.s. mijn welverdiende straf (!) geëindigd is en ik na dien tijd hoop, net als bovengenoemde vischhandelaren als winkelier of vischhalhouder beschouwd en behandeld te worden.

Hoogachtend
F. Vrees

[Kanttekeningen en marges]

  • Linksboven: Verkregen (mogelijk een paraaf)
  • Rechtsboven: V seg / Opl / JHD
  • Midden links (gepaarseerd): Vrees meedeelen, dat hij zich voor vestiging tot N.V.C. moet wenden 27/10/43
  • Linksonder (doorgehaald): Commissieleden meenen dat F. Vrees recht heeft om zijn visch in zijn hal te verkoopen. 3-11-43 [Paraaf]
  • Rechtsonder: Is uitbreiding van een kleinverkoop. moet onder contrôle blijven vandaar. M.i. moet Vrees zich tot N.V.C. wenden voor een vestiging D.

--- Het document is een verzoek van de heer F. Vrees om ambtelijk erkend te worden als "vischhalhouder" of "vischwinkelier". Hij ageert tegen het feit dat hij als markthandelaar wordt behandeld en naar verschillende standplaatsen wordt gestuurd, terwijl hij over een vaste verkoopruimte (vischhal) beschikt, net als zijn genoemde collega's.

Opvallend is de zinsnede over zijn "welverdiende straf (!)" die op 5 november 1943 zou eindigen. Het uitroepteken suggereert een cynische of berustende toon. Dit duidt op een eerdere overtreding van de destijds geldende (oorlogs)distributieregels of marktbepalingen.

De ambtelijke afhandeling in de marges laat een besluitvormingsproces zien:
1. Er wordt eerst op 27 oktober besloten dat hij zich tot de N.V.C. (Nederlandsche Visscherij Centrale) moet wenden.
2. Een notitie van 3 november, die later is doorgehaald, suggereert dat de commissieleden hem aanvankelijk gelijk gaven.
3. De uiteindelijke beslissing (rechtsonder) stelt dat het hier een "uitbreiding van kleinverkoop" betreft die onder controle moet blijven, en herhaalt het advies dat hij voor een vestigingsvergunning bij de N.V.C. moet zijn.

--- Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (oktober 1943). De handel in levensmiddelen, waaronder vis, was in deze tijd extreem streng gereguleerd via distributiestelsels en overheidsinstanties.

De genoemde N.V.C. (Nederlandsche Visscherij Centrale) was de door de bezetter gecontroleerde organisatie die de gehele visketen beheerde, van vangst tot verkoop. Zonder de juiste "rangschikking" of vergunning van deze instantie was het onmogelijk om legaal een vaste winkel of vishal te exploiteren. Het onderscheid tussen een markthandelaar (ambulant) en een winkelier (vast) was cruciaal voor de toewijzing van voorraden en de mate van toezicht. De genoemde collega's (Böhne, Fleysman, Visser) waren destijds bekende namen in de Amsterdamse vishandel. D. Fleysman F. Vrees Marktwezen

Samenvatting

Het document is een verzoek van de heer F. Vrees om ambtelijk erkend te worden als "vischhalhouder" of "vischwinkelier". Hij ageert tegen het feit dat hij als markthandelaar wordt behandeld en naar verschillende standplaatsen wordt gestuurd, terwijl hij over een vaste verkoopruimte (vischhal) beschikt, net als zijn genoemde collega's.

Opvallend is de zinsnede over zijn "welverdiende straf (!)" die op 5 november 1943 zou eindigen. Het uitroepteken suggereert een cynische of berustende toon. Dit duidt op een eerdere overtreding van de destijds geldende (oorlogs)distributieregels of marktbepalingen.

De ambtelijke afhandeling in de marges laat een besluitvormingsproces zien:
1. Er wordt eerst op 27 oktober besloten dat hij zich tot de N.V.C. (Nederlandsche Visscherij Centrale) moet wenden.
2. Een notitie van 3 november, die later is doorgehaald, suggereert dat de commissieleden hem aanvankelijk gelijk gaven.
3. De uiteindelijke beslissing (rechtsonder) stelt dat het hier een "uitbreiding van kleinverkoop" betreft die onder controle moet blijven, en herhaalt het advies dat hij voor een vestigingsvergunning bij de N.V.C. moet zijn.


Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (oktober 1943). De handel in levensmiddelen, waaronder vis, was in deze tijd extreem streng gereguleerd via distributiestelsels en overheidsinstanties.

De genoemde N.V.C. (Nederlandsche Visscherij Centrale) was de door de bezetter gecontroleerde organisatie die de gehele visketen beheerde, van vangst tot verkoop. Zonder de juiste "rangschikking" of vergunning van deze instantie was het onmogelijk om legaal een vaste winkel of vishal te exploiteren. Het onderscheid tussen een markthandelaar (ambulant) en een winkelier (vast) was cruciaal voor de toewijzing van voorraden en de mate van toezicht. De genoemde collega's (Böhne, Fleysman, Visser) waren destijds bekende namen in de Amsterdamse vishandel.

Genoemde Personen 2

Locaties

Amsterdam

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Pruim Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 8