Ambtelijk rapport/brief betreffende een levering van vis.
Origineel
Ambtelijk rapport/brief betreffende een levering van vis. 3 november 1943. Waarschijnlijk J. v. Stam (ondertekenaar), namens de Inspectie van het Marktwezen. Wethouder van Arbeid, Inspectie Marktwezen, Amsterdam. Amsterdam 3 Nov. 1943.
Wethouder
ARBEID
Insp. – Marktwezen
Amsterdam
No. 46A/312/1 M. 1943
Heden middag ontvangen van Joh. Scherpenhuizen te Groningen elf vaten gez: bliek, volgens opgaaf inhoudende 110 KG. De elf vaten zijn door [doorgehaald: J. v. Stam] Huisman en de commissie nagekeken, gewogen en door den Keurmeester Snoek gekeurd.
De vaten hielden het gewicht niet, ook zat er nogal vuil tusschen de bliek, zooals spiering, garnalen, wijting en krabben. De kwaliteit van de bliek was niet best. 8 vaten moesten namens den Keurmeester direct worden weggemaakt, om ze te redden. 2 vaten zijn afgekeurd en het laatste vat is Donderdag morgen verdeeld.
De vaten hielden doorelkaar 100 KG. [doorgehaald: door ons goed gewogen].
Van denzelfden Joh Scherpenhuizen ontvangen, via Gebr: de Jonge IJmuiden 15 vaten gez bliek, die ook in dezelfde omstandigheden verkeerden. Van deze 15 vaten zijn er 4 afgekeurd en 3 vaten moesten namens den Keurmeester direct weggemaakt worden; de overige 8 vaten zijn donderdag morgen verdeeld.
Scherpenhuizen moet betere bliek zenden, [doorgehaald: met minder afval er tusschen], want door het vuil wat er in zit bederft de bliek waarschijnlijk.
Deze vaten wogen ook door elkaar 100 KG. [doorgehaald: door ons goed gewogen].
Hoogachtend
J. v. Stam
46A/312/2
M.i. klacht doorzenden naar N.V.C.
zie modelbriefje. 10-11-43 [paraaf] Het document is een zakelijk rapport over de ontvangst en inspectie van partijen "gezouten bliek" (kleine vis, vaak jonge haring of aanverwante soorten). De kern van de rapportage is tweeledig:
- Gewichtstekort: De leverancier (Joh. Scherpenhuizen uit Groningen) claimde 110 kg per vat, maar bij weging bleek dit slechts 100 kg te zijn.
- Gebrekkige Kwaliteit: De vis was "vuil", wat betekent dat er veel bijvangst tussen zat (spiering, garnalen, krabben). Dit vuil bevorderde het bederf. Hierdoor moest een aanzienlijk deel van de partij (8 vaten uit de eerste zending, 3 uit de tweede) met spoed "weggemaakt" (direct verwerkt of verkocht) worden om totale derving te voorkomen, terwijl andere vaten volledig werden afgekeurd.
Onderaan is een administratieve instructie toegevoegd om een officiële klacht in te dienen bij de N.V.C. (waarschijnlijk de Nederlandse Voedselvoorzieningscommissie of een aanverwante crisisorganisatie). Dit document stamt uit november 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd en schaars.
- Voedseldistributie: Vis vormde een belangrijke bron van proteïne nu vlees schaars was. Het Marktwezen en de keurmeesters speelden een cruciale rol in het bewaken van de volksgezondheid en het eerlijk verdelen van de schaarse middelen.
- Bureaucreatie in Oorlogstijd: De nauwkeurigheid waarmee het gewichtstekort en de vervuiling worden genoteerd, getuigt van de strenge controle op de distributieketen. Fraude met gewichten of het leveren van inferieure kwaliteit werd in deze tijd hoog opgenomen, omdat het de rantsoenering in gevaar bracht.
- Logistiek: De vis kwam uit Groningen en via IJmuiden naar Amsterdam, wat de complexiteit van de binnenlandse voedselstroom in oorlogstijd illustreert.