Handgeschreven memo of conceptbrief (pagina 2).
Origineel
Handgeschreven memo of conceptbrief (pagina 2). deze visch worden aangevoerd. (2)
Naar mij ter oore komt,
zouden tegen eenige grossiers,
die zich aan het vervoer van
niet-geveilde visch (groote
partijen snoekbaars en aal),
zouden hebben schuldig
gemaakt, reeds p.v.b. zijn
opgemaakt. Het gaat hier nl.
om grossiers, die verplicht
zijn aan A’dam te leveren.
Ik neem aan, dat U ter zake
de noodige maatregelen zult
nemen.
Daarnaast lijkt het mij
gewenscht, dat vanwege de
centrale [storg...] der
grossiers, die verplicht zijn
om aan A’dam te leveren,
met nadruk op hun
leveringsplicht wordt ge-
wezen, onder vermelding
van het percentage, dat zij
moeten leveren. Daarbij * Inhoud: Het document betreft een rapportage over onregelmatigheden in de vishandel. Er is vastgesteld dat bepaalde groothandelaren (grossiers) zich bezighouden met het transport van "niet-geveilde visch", met name grote partijen snoekbaars en aal. Dit duidt op handel buiten de officiële kanalen (zwarte markt of omzeiling van de distributieregels).
* Handhaving: De schrijver meldt dat er tegen deze grossiers reeds processen-verbaal (p.v.b.) zijn opgemaakt. De nadruk ligt op het feit dat deze handelaren een wettelijke verplichting hebben om aan Amsterdam te leveren.
* Beleidsadvies: De auteur adviseert om via de overkoepelende organisatie (de "centrale der grossiers") de leveringsplicht en de bijbehorende verplichte percentages nogmaals scherp onder de aandacht te brengen.
* Stijl: Formeel-ambtelijk taalgebruik met een dwingende toon ("Ik neem aan, dat U... de noodige maatregelen zult nemen"). Het gebruik van de 'sch'-uitgang in woorden als "visch" en "gewenscht" duidt op de spelling van vóór 1947 (de spelling-Marchant). Dit document moet geplaatst worden in de context van de schaarste en de strak gereguleerde voedselvoorziening in Nederland, zeer waarschijnlijk tijdens de Duitse bezetting of de directe nasleep daarvan. In die periode was de distributie van schaarse goederen zoals vis strikt aan regels gebonden om de voedselvoorziening in de grote steden (zoals Amsterdam) te waarborgen.
Vissers en handelaren waren verplicht hun vangst via officiële afslagen en veilingen te verhandelen, zodat de overheid controle hield op de prijzen en de verdeling. Het passeren van de veiling voor gewilde soorten als aal en snoekbaars was een lucratieve vorm van economische criminaliteit die streng werd bestraft met processen-verbaal en administratieve maatregelen. Het document illustreert de bureaucratische strijd tegen de 'zwarte handel' en de logistieke uitdagingen om de stad Amsterdam van voldoende mondvoorraad te voorzien.