Intern disciplinair rapport / ambtsbericht van de Marktdienst.
Origineel
Intern disciplinair rapport / ambtsbericht van de Marktdienst. 25 augustus 1939 (met latere aantekeningen van 27 en 30 augustus 1939). (Hoofdtekst in rode inkt)
L. West en J. Dagloomer hebben zich schuldig gemaakt aan
wangedrag, door den plh. Commissaris ten aanschouwe van mij en het pu-
bliek uit te schelden voor viezerik, verrader enz: waardoor hand-
gemeen is ontstaan. Blijkens Art 39 v/h Reglement kunnen zij na i.
worden gestraft.
De v.K. van West heeft vroeger door het vechten op en om de
markt Waterlooplein op ergelyke wijze de orde verstoord en
heeft zijn werkterrein verplaatst naar de Ten Katestraat.
In 't belang en voor de handhaving der orde op de markt
moet het terroristisch optreden worden
gestraft: anders zal het grootere vormen aan-
nemen.
25-8-'39
v/p
(Onderschrift in rode inkt)
Zij verkochten bij opbod, door het geweldig stand-
werken werden de stille plh. gedupeerd.
v.
(Aantekeningen in de linkermarge in potlood/blauw)
H. Vrij
nader rapport v. p.
waarom geen pv. b. art. 345?
en wie heeft er
gevochten?
Directeur kon
op dit rapport
niet straffen
HP
27/8 '39
(Aantekening rechtsonder in zwarte inkt)
2 dagen uitsluiting
Dinsdag 5 en Woensdag
6 Septem a.s.
Accoord Whaen [Handtekening]
30-8-39. Het betreft een handgeschreven rapportage over een incident op een Amsterdamse markt in de zomer van 1939. De kern van de klacht is dat de marktkooplieden L. West en J. Dagloomer zich agressief hebben gedragen tegenover een marktcommissaris. Zij hebben hem in het openbaar uitgescholden voor "viezerik" en "verrader", wat leidde tot een fysieke confrontatie ("handgemeen").
De rapporteur gebruikt zware termen zoals "terroristisch optreden" om de ernst van de situatie te benadrukken en wijst op de voorgeschiedenis van West op het Waterlooplein. Er is tevens sprake van een conflict tussen verschillende verkoopstijlen: de luide 'standwerkers' (die bij opbod verkopen) versus de 'stille' plaatshouders (plh.) die hinder ondervonden van het lawaai.
Interessant is de ambtelijke kritiek in de kantlijn: ambtenaar HP vraagt zich af waarom er geen proces-verbaal (pv) is opgemaakt op basis van artikel 345 (belediging van een ambtenaar in functie) en merkt op dat de Directeur op basis van dit enkele rapport eigenlijk niet bevoegd is om te straffen. Desondanks is er uiteindelijk besloten tot een uitsluiting van twee dagen. Dit document is gedateerd aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog (de Duitse inval in Polen vond plaats op 1 september 1939). De term "verrader" in de scheldpartij weerspiegelt mogelijk de politieke spanningen van die tijd.
Het document biedt een uniek inkijkje in de dagelijkse ordehandhaving op de Amsterdamse markten. De genoemde locaties, het Waterlooplein en de Ten Katemarkt, waren destijds (en zijn nog steeds) belangrijke sociaal-economische knooppunten. De juridische grondslag voor de straf was Artikel 39 van het toenmalige Marktreglement, dat de marktmeester en directeur de macht gaf om handelaren bij wangedrag tijdelijk de toegang te ontzeggen. H. Vrij J. Dagloomer K. van West L. West