Brief / Verzoekschrift.
Origineel
Brief / Verzoekschrift. 5 maart 1943. Onbekend (eigenaar/vennoot van de zaak aan de Nieuwendijk 84). Den WelEd Heer Inspecteur van de Centrale Markt voor Vischafslag Ruiterkade (Mijnheer de Waal). [Rechtsboven, onderstreept:] 619
[Stempel linksboven:] No. 46/17/1 M. 1943 23/3
[Handgeschreven potloodnotitie rechtsboven:] Niet door de H. Stam [of Staal]
Amsterdam 5 Maart 1943.
Den WelEd Heer Inspecteur van de
Centrale Markt voor Vischafslag Ruiterkade
Mijnheer de Waal.
Den 7 December 1942 heeft den WelEd Heer
Burgemeester Voute van Amsterdam beslist
dat ik voor den tijd van 4 Maanden tot en met
12 Maart uit te sluiten, bij de verdeeling van
gerookte visch aan de Ruiterkade.
Daar nu binnen korten tijd deze uitsluiting
voorbij is, wilt u nu zoo vriendelijk zijn en aan
Mijnheer Staal mededeelen dat ik den 13 Maart
weer op de lijst geplaatst wordt,
In deze tijd heb ik mijn Zaak in Fruit en
Visch verwisselt in een Vennootschap, Giaers en
Stegmeijer, Nieuwendijk 84 die nu met mijn
medewerking de Zaak leid. In deze brief verzoekt een Amsterdamse handelaar om na een schorsing van vier maanden weer te worden toegelaten tot de distributie van gerookte vis aan de Ruiterkade. De schrijver refereert aan een besluit van de burgemeester van Amsterdam van 7 december 1942, waarbij hij voor de duur van vier maanden werd uitgesloten van de visverdeling.
De brief dient twee doelen:
1. Rehabilitatie: Het verzoek om per 13 maart 1943 weer op de officiële lijst van handelaren te worden geplaatst.
2. Mutatie: De mededeling dat de bedrijfsvorm tijdens de schorsingsperiode is gewijzigd van een eenmanszaak naar een vennootschap onder de naam "Giaers en Stegmeijer", gevestigd aan de Nieuwendijk 84 te Amsterdam. Dit document stamt uit het midden van de Tweede Wereldoorlog (maart 1943). De context is die van een strikt gereguleerde distributie-economie onder Duitse bezetting.
- Burgemeester Voûte: In de brief wordt "Burgemeester Voute" genoemd. Edward John Voûte was de regeringscommissaris/burgemeester van Amsterdam tijdens de bezetting, aangesteld door de Duitsers. Het feit dat de burgemeester persoonlijk besliste over de uitsluiting van een handelaar, duidt op de verregaande controle van de overheid op de voedselvoorziening en de handel.
- Visafslag Ruiterkade: De visafslag aan de De Ruyterkade (achter het Centraal Station) was een cruciaal punt voor de Amsterdamse voedselvoorziening. Tijdens de oorlog was vis een van de weinige eiwitbronnen die (tot op zekere hoogte) buiten het strikte bonnensysteem van vlees kon vallen, al was de verdeling ervan streng gereguleerd om zwarte handel te voorkomen.
- Handel en sancties: Handelaren die de distributieregels overtrad (bijvoorbeeld door prijsopdrijving of handel buiten de officiële kanalen om) konden zware sancties tegemoet zien, waaronder tijdelijke of permanente uitsluiting van de markt, zoals in dit document beschreven. H. Stam