Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 10 maart 1943 (10/3/43). Een Amsterdamse visboer die namens zijn familiebedrijf spreekt. [Linksboven in blauw potlood:]
Ingeboekt
en daarna in
het dossier
[Midden boven, stempel en inkt:]
No. 46 6/23/1 M. 1943 12/3
afwachten herh. [In rood:] 46 6/23/2
[Rechtsboven:]
A’Dam. 10/3/43
[Tekst van de brief:]
Mijne Heeren
Hiermede richt ik mijn schrijven
tot U, met het verzoek, voor een
toewijzing van alle visch, daar
wij er aldoor om gevaagt hebben
en nu aan U moest schrijven,
Mijne heeren daar wij een winkel
hebben en vele menschen bij
ons komen om visch enz, hebben
wij aldoor met een leege winkel
gezeten en mosselen verkocht,
maar daarvan niet kunnen bestaan
daar wij met twee gezinnen er
van moeten eten, U zult zelf
wel begrijpen hoe wij er voor staan
en dat wij al jaren in de visch-
handel zijn, mijn Vader en ik
hebben schuiten vol van alles
aan de markt gebracht, en ik
heb nog jaren op de Lindengracht * Afzender: Een Amsterdamse visboer die namens zijn familiebedrijf spreekt.
* Geadresseerde: Waarschijnlijk een distributieorgaan of het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening tijdens de bezetting.
* Kernboodschap: De schrijver vraagt dringend om een toewijzing van vis. Hij legt uit dat hun winkel leeg staat en dat de verkoop van enkel mosselen onvoldoende is om twee gezinnen te onderhouden.
* Taalgebruik: De brief is geschreven in een formele maar wanhopige toon ("Mijne Heeren"). Er zijn enkele spelfouten die passen bij de tijd en de achtergrond van de schrijver (bijv. "gevaagt" in plaats van "gevraagd", "visch" volgens de oude spelling).
* Argumentatie: De schrijver benadrukt de historie van het bedrijf ("mijn Vader en ik") en hun ervaring op de markt (Lindengracht) om hun recht op toewijzing kracht bij te zetten. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). In 1943 was de voedselschaarste groot en werd de handel in vrijwel alle goederen, inclusief vis, streng gereguleerd via een distributiesysteem. Winkeliers waren volledig afhankelijk van officiële "toewijzingen" om voorraad te krijgen.
De Lindengracht in de Jordaan was (en is) een bekende locatie voor de Amsterdamse markthandel. De vermelding van het verkopen van enkel mosselen is tekenend voor de crisis; mosselen waren vaak een van de weinige producten die nog relatief beschikbaar waren als andere vissoorten door de oorlogsvoering op de Noordzee schaars werden. De brief illustreert de directe impact van de bezettingseconomie op kleine zelfstandigen en hun strijd om het dagelijks bestaan. Rijksbureau