Archief 745
Inventaris 745-411
Pagina 348
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en stempels.

24 maart 1943. Van: P. H. J. Seljée, Saxenburgerstr. 14, Amsterdam. Aan: De heer De Haer (vermoedelijk een ambtenaar bij een distributie-instelling).

Origineel

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en stempels. 24 maart 1943. P. H. J. Seljée, Saxenburgerstr. 14, Amsterdam. De heer De Haer (vermoedelijk een ambtenaar bij een distributie-instelling). [Linksboven, briefhoofd:]
P. H. J. SELJÉE
SAXENBURGERSTR. 14¹
AMSTERDAM
TEL. 86455

[Rechtsboven, handgeschreven:]
6520

[Datumregel:]
Amsterdam, 24 Maatt 1943.

[Groot paars stempel met handgeschreven toevoegingen:]
No. 466/50/ M. 1943 26/3
/ X ger. aal
m. Hoop [?]
dossier [?]

[Rechtsboven in de marge, handgeschreven:]
debt

[Inhoud:]
Geachte Heer De Haer!

Gaarne zou Ondergeteekende in aanmerking
willen komen, om geplaatst te worden in de
verdeeling van gerookte aal, daar hij ver-
leden jaar werd uitgeschakeld, omdat hij niet
schriftelijk kon bewijzen dat hij in 1939 en
1940 gerookte aal heeft verkocht, maar wel
kan hij schriftelijk bewijzen dat hij van
1916 tot 1937 gerookte aal verhandeld heeft.
Hopende van U een gunstig antwoord te
mogen ontvangen en bijvoorbaat mijn dank,
teekend hij

Hoogachtend,
[Handtekening:] P.H.J. Seljée

[Onderaan, handgeschreven aantekening:]
opvoeren
/ 1 X ger. aal

[Linksonder:]
k 985

[Rechtsonder:]
46 B * Onderwerp: Een verzoek tot toelating tot de distributie van gerookte aal.
* Kern van het betoog: De afzender, P.H.J. Seljée, probeert zijn recht op een toewijzing van gerookte aal te herstellen. Hij was het voorgaande jaar uitgesloten omdat hij geen bewijs kon overleggen van handel in de referentiejaren 1939 en 1940. Hij voert nu aan dat hij wel een zeer lange staat van dienst heeft (1916-1937) om aan te tonen dat hij een gevestigde handelaar is.
* Taalgebruik: Formeel en eerbiedig ("Gaarne zou Ondergeteekende", "Hoogachtend"), typerend voor zakelijke correspondentie uit die periode.
* Administratieve verwerking: De handgeschreven krabbels "opvoeren" en "/ 1 X ger. aal" suggereren dat het verzoek is ingewilligd door de behandelend ambtenaar. De stempel wijst op een formele registratie in een dossiersysteem op 26 maart 1943. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vanwege schaarste was bijna de gehele voedselvoorziening onderworpen aan strikte distributieregels.

Handelaren moesten aantonen dat zij in de jaren direct voorafgaand aan de oorlog (meestal 1939 of 1940) actief waren in een bepaalde branche om in aanmerking te komen voor toewijzingen van goederen. Dit werd het "historisch recht" genoemd. Seljée lijkt hier slachtoffer te zijn van bureaucreatie omdat hij precies in die cruciale referentiejaren mogelijk niet actief was of de papieren niet had, ondanks een loopbaan van meer dan twintig jaar in de vishandel. De brief is gericht aan "Heer De Haer", die vermoedelijk werkzaam was bij het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening of een aan aanverwant distributieorgaan dat de verdeling van visproducten reguleerde.

Samenvatting

  • Onderwerp: Een verzoek tot toelating tot de distributie van gerookte aal.
  • Kern van het betoog: De afzender, P.H.J. Seljée, probeert zijn recht op een toewijzing van gerookte aal te herstellen. Hij was het voorgaande jaar uitgesloten omdat hij geen bewijs kon overleggen van handel in de referentiejaren 1939 en 1940. Hij voert nu aan dat hij wel een zeer lange staat van dienst heeft (1916-1937) om aan te tonen dat hij een gevestigde handelaar is.
  • Taalgebruik: Formeel en eerbiedig ("Gaarne zou Ondergeteekende", "Hoogachtend"), typerend voor zakelijke correspondentie uit die periode.
  • Administratieve verwerking: De handgeschreven krabbels "opvoeren" en "/ 1 X ger. aal" suggereren dat het verzoek is ingewilligd door de behandelend ambtenaar. De stempel wijst op een formele registratie in een dossiersysteem op 26 maart 1943.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vanwege schaarste was bijna de gehele voedselvoorziening onderworpen aan strikte distributieregels.

Handelaren moesten aantonen dat zij in de jaren direct voorafgaand aan de oorlog (meestal 1939 of 1940) actief waren in een bepaalde branche om in aanmerking te komen voor toewijzingen van goederen. Dit werd het "historisch recht" genoemd. Seljée lijkt hier slachtoffer te zijn van bureaucreatie omdat hij precies in die cruciale referentiejaren mogelijk niet actief was of de papieren niet had, ondanks een loopbaan van meer dan twintig jaar in de vishandel. De brief is gericht aan "Heer De Haer", die vermoedelijk werkzaam was bij het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening of een aan aanverwant distributieorgaan dat de verdeling van visproducten reguleerde.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 8