Archief 745
Inventaris 745-411
Pagina 413
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Doorslag van een ambtelijke brief.

10 mei 1943. Van: Onbekend (ondertekend door "De Directeur", vermoedelijk van een overheidsinstantie belast met voedselvoorziening).

Origineel

Doorslag van een ambtelijke brief. 10 mei 1943. Onbekend (ondertekend door "De Directeur", vermoedelijk van een overheidsinstantie belast met voedselvoorziening). 46b/87/2 M.

Verzonden 10/5

10 Mei 1943.

Den Heer Directeur der
Nederlandsche Visscherij
Centrale,

2e Adelheidstraat 300,

's-Gravenhage.

Naar aanleiding van Uw brief d.d.
8 April jl. No. 8933 V/vZ bericht ik U, dat
tot nu toe verzoeken van verschillende in-
stellingen, om visch beschikbaar te stellen,
zijn afgewezen. Er is slechts een regeling
getroffen voor het bedienen van ziekenhuizen,
doch het is niet mogelijk, in verband met
de consequenties, om ten deze verder te gaan.
Daarvoor is de aanvoer van visch te onregel-
matig, doch vooral te gering.
Ik geef U daarom in overweging op
het onderhavige verzoek afwijzend te be-
schikken.

De Directeur, Deze brief is een formeel administratief schrijven uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De tekst is getypt op dun doorslagpapier, wat gebruikelijk was voor het archiveren van verzonden correspondentie.

De kern van de brief is de schaarste aan vis. De schrijver reageert op een verzoek (waarschijnlijk doorgestuurd door de Nederlandsche Visscherij Centrale) om vis te leveren aan een niet nader genoemde instelling. De afwijzing wordt gemotiveerd door het feit dat de aanvoer van vis te onregelmatig en vooral te gering is. Er wordt strikt prioriteit gegeven aan ziekenhuizen; andere instellingen komen niet in aanmerking om "consequenties" (precedentwerking of verdere tekorten elders) te voorkomen. In 1943 was de voedselvoorziening in Nederland onderworpen aan strikte distributie en regulering door de bezetter en de Nederlandse bureaucreatie. De visserij was tijdens de oorlog ernstig belemmerd door de blokkades op de Noordzee, het vorderen van schepen door de Duitse Kriegsmarine en het gevaar van mijnen.

De Nederlandsche Visscherij Centrale (NVC) was een organisatie die tijdens de oorlog toezag op de handel en distributie van vis. Uit deze brief blijkt hoe nijpend de tekorten waren: zelfs voor instellingen was er, met uitzondering van ziekenhuizen, geen vis meer beschikbaar. De bureaucratische toon van de brief is kenmerkend voor de zakelijke afhandeling van de toenemende schaarste in die oorlogsjaren.

Samenvatting

Deze brief is een formeel administratief schrijven uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De tekst is getypt op dun doorslagpapier, wat gebruikelijk was voor het archiveren van verzonden correspondentie.

De kern van de brief is de schaarste aan vis. De schrijver reageert op een verzoek (waarschijnlijk doorgestuurd door de Nederlandsche Visscherij Centrale) om vis te leveren aan een niet nader genoemde instelling. De afwijzing wordt gemotiveerd door het feit dat de aanvoer van vis te onregelmatig en vooral te gering is. Er wordt strikt prioriteit gegeven aan ziekenhuizen; andere instellingen komen niet in aanmerking om "consequenties" (precedentwerking of verdere tekorten elders) te voorkomen.

Historische Context

In 1943 was de voedselvoorziening in Nederland onderworpen aan strikte distributie en regulering door de bezetter en de Nederlandse bureaucreatie. De visserij was tijdens de oorlog ernstig belemmerd door de blokkades op de Noordzee, het vorderen van schepen door de Duitse Kriegsmarine en het gevaar van mijnen.

De Nederlandsche Visscherij Centrale (NVC) was een organisatie die tijdens de oorlog toezag op de handel en distributie van vis. Uit deze brief blijkt hoe nijpend de tekorten waren: zelfs voor instellingen was er, met uitzondering van ziekenhuizen, geen vis meer beschikbaar. De bureaucratische toon van de brief is kenmerkend voor de zakelijke afhandeling van de toenemende schaarste in die oorlogsjaren.

Kooplieden in dit dossier 8