Archiefdocument
Origineel
8 juli 1943 46b/100/4
A'dam, 8/7 1943
Dir. N.V.C.
Naar aanleiding van Uw brief dd. 18 Mei jl. no. 13241 v/Ham. bericht ik U, dat F. Schraal niet heeft verzocht om i.p.v. versche aal gerookte aal te mogen ontvangen uit de verdeling te dezer stede, doch om hem naast zijn versche aal ook gerookte aal toe te wijzen, zooals aan het merendeel van de bonafide venters, die een enkele toewijzing aal ontvangen, plaats vindt.
Hoewel Schraal vóór het jaar 1942 nimmer in den kleinhandel in visch is werkzaam geweest †, is hij, naar bij nadere revisie in de visch-verdeling opgenomen met een toewijzing, welke de kleinste venters te A'dam ontvangen. De verdeelingscommissie acht het ongewenscht, met het oog op de con-
[Marge links:] † (hij kwam toen van Urk naar A'dam) Dit document is een ambtelijke correspondentie uit de Tweede Wereldoorlog betreffende de distributie van schaarse levensmiddelen, in dit geval vis (aal/paling). De kern van de zaak is een verzoek van een zekere F. Schraal. Er is verwarring ontstaan over zijn aanvraag: hij wilde niet gerookte aal in plaats van verse aal, maar hij wilde beide, net als andere "bonafide" (betrouwbare) handelaren.
De tekst onthult een zekere strengheid van de verdeelingscommissie. Schraal wordt als een nieuwkomer beschouwd omdat hij pas sinds 1942 in de Amsterdamse vishandel werkt (hij was daarvoor afkomstig uit het vissersdorp Urk). Vanwege zijn korte staat van dienst krijgt hij slechts de minimale toewijzing die voor kleine venters gereserveerd is. De brief breekt af bij het woord "con-", wat waarschijnlijk zou uitlopen in "concurrentie" of "consequenties". Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was vrijwel alles op de bon. De distributie van vis werd streng gereguleerd door instanties zoals de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening. Urk, de oorspronkelijke woonplaats van Schraal, was een cruciaal centrum voor de visserij, maar wie naar de grote stad (Amsterdam) trok, moest zich voegen naar de lokale verdeelsleutels en quota.
Termen als "bonafide venters" wijzen op de pogingen van de overheid om de zwarte handel in te dammen door alleen erkende handelaren van voorraad te voorzien. De datum, juli 1943, valt in een periode van toenemende schaarste waarin de bureaucratie rondom voedseldistributie uiterst gedetailleerd en strikt was.