Archief 745
Inventaris 745-411
Pagina 514
Dossier 44
Jaar 1943
Stadsarchief

Ambbtelijke brief / correspondentie.

29 oktober 1943. Van: De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke afdeling Visvoorziening of Marktwezen). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier.

Origineel

Ambbtelijke brief / correspondentie. 29 oktober 1943. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke afdeling Visvoorziening of Marktwezen). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [Handgeschreven, boven midden:] Verzonden 29/10
[Handgeschreven, rechtsboven:] Imp [?]
[Getypt, rechtsboven:] VD/SV

[Getypt, linksboven:]
46b/144/4 M.
1

[Getypt, links:]
Vischtoewijzing
Macht v.d. Poel.

[Getypt, rechts:] 29 October 1943.

[Getypt, rechts van het midden:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,

A l h i e r.

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.
20 October jl. om spoedig advies ontvangen stuk no. 709 L.M.
1943 heb ik de eer U in aansluiting op mijn brief van 29
September jl. no. 46b/255/2 M. te berichten, dat ik omtrent
de aanspraken van adressante op gerookte visch opnieuw het
oordeel heb doen inwinnen van de Verdeelingscommissie voor
visch. De leden dezer Commissie handhaven hun, in bovenver-
melden brief neergelegd, standpunt en zij deelen mede, dat
het hun volkomen onbekend is, dat adressante ooit in ge-
rookte visch zou hebben gehandeld.

Zij was voor den oorlog op de Vischmarkt geheel
onbekend. Indien zij deze vischsoorten echter toch zou hebben
verkocht, hetgeen mogelijk zou kunnen zijn, doordat zij ze
buiten de markt om van grossiers zou hebben betrokken, dan
moet zij verklaringen overleggen van de grossiers, waarvan
zij deze visch zou hebben betrokken. Inderdaad heeft betrok-
kene eenige verklaringen overgelegd doch deze hebben eener-
zijds betrekking op den tijd na het basisjaar en worden
anderzijds door de Commissie ten eenenmale onvoldoende ge-
acht om daarop tot een wijziging van haar standpunt te komen.
In deze verklaringen is namelijk geen enkel cijfer omtrent
den omzet opgenomen.

Ik geef U in overweging der adressante hiervan
mededeeling te doen.

[Rechtsonder:] De Directeur, Deze brief betreft een afwijzing van een aanvraag voor een visquotum (toewijzing) door een zekere mevrouw v.d. Poel (aangeduid als "adressante"). De kern van het geschil is of zij recht heeft op de handel in gerookte vis.

De "Verdeelingscommissie voor visch" baseert haar oordeel op de pre-oorlogse situatie. Omdat de vrouw niet bekend was op de Vischmarkt en geen bewijzen kan overleggen van handel via grossiers in het zogenaamde "basisjaar" (het referentiejaar voor de distributie, meestal 1939 of 1940), wordt haar claim afgewezen. De door haar ingediende bewijsstukken worden als onvoldoende beschouwd omdat ze over de verkeerde periode gaan en geen concrete omzetcijfers bevatten. De brief is een typisch voorbeeld van de bureaucratische stritheid waarmee de schaarse goederen tijdens de bezettingstijd werden beheerd. Het document dateert uit oktober 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was bijna alles "op de bon". De distributie van levensmiddelen was strak gereguleerd door de overheid om de schaarste te beheersen.

Om in aanmerking te komen voor handelsvoorraden (zoals vis), moesten ondernemers aantonen dat zij reeds vóór de oorlog in die producten handelden. Dit document illustreert de werking van de lokale distributie-instanties en de invloed van de "Verdeelingscommissies". Het gebruik van termen als "kantbrief" (een brief met een aantekening in de marge) en "basisjaar" is kenmerkend voor de ambtelijke taal uit die tijd. De vermelding "Alhier" bij de adressering aan de wethouder duidt erop dat de correspondentie binnen hetzelfde gemeentebestuur plaatsvond.

Samenvatting

Deze brief betreft een afwijzing van een aanvraag voor een visquotum (toewijzing) door een zekere mevrouw v.d. Poel (aangeduid als "adressante"). De kern van het geschil is of zij recht heeft op de handel in gerookte vis.

De "Verdeelingscommissie voor visch" baseert haar oordeel op de pre-oorlogse situatie. Omdat de vrouw niet bekend was op de Vischmarkt en geen bewijzen kan overleggen van handel via grossiers in het zogenaamde "basisjaar" (het referentiejaar voor de distributie, meestal 1939 of 1940), wordt haar claim afgewezen. De door haar ingediende bewijsstukken worden als onvoldoende beschouwd omdat ze over de verkeerde periode gaan en geen concrete omzetcijfers bevatten. De brief is een typisch voorbeeld van de bureaucratische stritheid waarmee de schaarse goederen tijdens de bezettingstijd werden beheerd.

Historische Context

Het document dateert uit oktober 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was bijna alles "op de bon". De distributie van levensmiddelen was strak gereguleerd door de overheid om de schaarste te beheersen.

Om in aanmerking te komen voor handelsvoorraden (zoals vis), moesten ondernemers aantonen dat zij reeds vóór de oorlog in die producten handelden. Dit document illustreert de werking van de lokale distributie-instanties en de invloed van de "Verdeelingscommissies". Het gebruik van termen als "kantbrief" (een brief met een aantekening in de marge) en "basisjaar" is kenmerkend voor de ambtelijke taal uit die tijd. De vermelding "Alhier" bij de adressering aan de wethouder duidt erop dat de correspondentie binnen hetzelfde gemeentebestuur plaatsvond.

Kooplieden in dit dossier 8