Archief 745
Inventaris 745-412
Pagina 262
Dossier 25
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven brief met ambtelijke kanttekeningen.

11 augustus 1943 (gebaseerd op de kop: 11/8 1943). Van: Mevr. J. de Vos, Dapperstraat 36 III, Amsterdam (Oost). Dossier: 46

Origineel

Handgeschreven brief met ambtelijke kanttekeningen. 11 augustus 1943 (gebaseerd op de kop: 11/8 1943). Mevr. J. de Vos, Dapperstraat 36 III, Amsterdam (Oost). No. 46 6/239/1 M. 1943 11/8

Mijnheer
Bij deze wend ik me tot u met een verzoek aangaande mijn Man P.J. de Vos. daar hij op het oogenblik in het huis van bewaring zit wou ik aan u vragen of mijn man de toeweijzing door mijn zwager M: de Vos gehaald mag worden zolang mijn man afwezig is zoniet dan moet ik naar het Maatschappelijk Steun met mijn twee kinderen maar ik hoop op een goed antwoord van u want Maandag zou den Heer Kees Zwaan het voor mijn mede brengen maar hij kreeg die kist schol niet mee Nu Mijnheer dat was een harde tegenvaller als je liever met werken je brood wil verdienen om niet naar de Steun te moeten.

Mijnheer hopende op een goed antwoord van u.
Hoogachten.
M[evr]. J. de Vos
Dapperstraat 36 III
Adam (Oost).

[Ambtelijke kanttekening in potlood/pen onderaan]:
Mag zoo niet.
Vos zit in Vught.
Politie vragen waarvoor en daarna
W.h.M. De schrijfster, mevrouw J. de Vos, verkeert in een precaire financiële situatie omdat haar echtgenoot, P.J. de Vos, in hechtenis is genomen. Zij verzoekt de instantie om de "toewijzing" (waarschijnlijk een distributiebon of handelsvergunning voor vis) te laten ophalen door haar zwager. Uit de tekst blijkt dat haar man werkzaam was in de vishandel ("kist schol").

De brief is een direct getuigenis van de overlevingsdrang tijdens de bezetting; de schrijfster benadrukt dat zij liever werkt voor haar brood dan afhankelijk te zijn van de "Maatschappelijk Steun" (de toenmalige sociale dienst). De toon is beleefd doch dringend.

De ambtelijke notitie onderaan werpt een grimmig licht op de situatie: het verzoek wordt afgewezen ("Mag zoo niet"). Bovendien blijkt de administratie op de hoogte van een verplaatsing van de gevangene: "Vos zit in Vught". Dit wijst erop dat de man niet langer in het plaatselijke Huis van Bewaring zat, maar was overgebracht naar het concentratiekamp Vught (Kamp Vught). Het document stamt uit de zomer van 1943, een periode waarin de Duitse bezetting van Nederland verhardde. De Dapperstraat in Amsterdam-Oost was (en is) een bekende marktbuurt, wat de referentie naar de "kist schol" verklaart. De "Maatschappelijk Steun" was in die tijd de instantie die uitkeringen verstrekte aan gezinnen zonder inkomen, maar dit stond destijds vaak in een kwaad daglicht of was simpelweg ontoereikend.

Het feit dat P.J. de Vos in Kamp Vught terechtkwam, suggereert dat zijn arrestatie mogelijk een politieke achtergrond had (verzet, zwarte handel of overtreding van bezettingsverordeningen). De ambtelijke instructie om bij de politie te vragen "waarvoor" hij vastzit, duidt op een bureaucratische afhandeling waarbij de hulpvraag van de vrouw ondergeschikt is aan de status van de gevangene. J. de Vos P.J. de Vos Politie

Samenvatting

De schrijfster, mevrouw J. de Vos, verkeert in een precaire financiële situatie omdat haar echtgenoot, P.J. de Vos, in hechtenis is genomen. Zij verzoekt de instantie om de "toewijzing" (waarschijnlijk een distributiebon of handelsvergunning voor vis) te laten ophalen door haar zwager. Uit de tekst blijkt dat haar man werkzaam was in de vishandel ("kist schol").

De brief is een direct getuigenis van de overlevingsdrang tijdens de bezetting; de schrijfster benadrukt dat zij liever werkt voor haar brood dan afhankelijk te zijn van de "Maatschappelijk Steun" (de toenmalige sociale dienst). De toon is beleefd doch dringend.

De ambtelijke notitie onderaan werpt een grimmig licht op de situatie: het verzoek wordt afgewezen ("Mag zoo niet"). Bovendien blijkt de administratie op de hoogte van een verplaatsing van de gevangene: "Vos zit in Vught". Dit wijst erop dat de man niet langer in het plaatselijke Huis van Bewaring zat, maar was overgebracht naar het concentratiekamp Vught (Kamp Vught).

Historische Context

Het document stamt uit de zomer van 1943, een periode waarin de Duitse bezetting van Nederland verhardde. De Dapperstraat in Amsterdam-Oost was (en is) een bekende marktbuurt, wat de referentie naar de "kist schol" verklaart. De "Maatschappelijk Steun" was in die tijd de instantie die uitkeringen verstrekte aan gezinnen zonder inkomen, maar dit stond destijds vaak in een kwaad daglicht of was simpelweg ontoereikend.

Het feit dat P.J. de Vos in Kamp Vught terechtkwam, suggereert dat zijn arrestatie mogelijk een politieke achtergrond had (verzet, zwarte handel of overtreding van bezettingsverordeningen). De ambtelijke instructie om bij de politie te vragen "waarvoor" hij vastzit, duidt op een bureaucratische afhandeling waarbij de hulpvraag van de vrouw ondergeschikt is aan de status van de gevangene.

Genoemde Personen 2

Locaties

Dappermarkt

Producten

A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen Kamp Vught

Organisaties

Politie

Gerelateerde Documenten 1