Archief 745
Inventaris 745-412
Pagina 471
Dossier 44
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

15 november 1943. Van: Een voormalig filiaalhouder van de firma Levie Biet (naam op deze pagina niet vermeld). Aan: Wel. Ed. Heer Siesma, Directeur der Vischmarkt te Amsterdam. Dossier: 466/292/1

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift). 15 november 1943. Een voormalig filiaalhouder van de firma Levie Biet (naam op deze pagina niet vermeld). Wel. Ed. Heer Siesma, Directeur der Vischmarkt te Amsterdam. No. 466/292/1 M. 1943 17/11 [stempel]

520 [handgeschreven]
md. mp. [paraaf]
Haarlem 15 Nov. 1943

Aan den Wel. Ed. Heer. Siesma
Directeur der Vischmarkt te
Amsterdam

Mijnheer,

Hiermede neem ik de vrijheid, tot U. Ed een
vriendelijk verzoek te richten.
Als filiaalhouder heb ik de zaak van Levie
Biet behartigd en in die hoedanigheid ben ik dan
ook bekend aan de Gem. Vischmarkt. Door sluiting
van die zaak, werd ik tewerkgesteld in Duitschland,
waar ik ziek geworden ben aan „Typhus”, waarna ik naar
Holland gezonden werd en nu afgekeurd ben
Daar ik het Middenstandsdiploma bezit,
ben ik naar de Ned. Visscherijcentrale in den Haag
geweest, voor een erkenning als kleinhandelaar,
waar mij door den heer Wegerif de toezegging gegeven
werd, dat, indien ik in Amsterdam in aanmerking
zou komen voor een toewijzing visch, ik erkend
werd door de Ned. Visscherijcentrale.
Nu is mijn verzoek het volgende, zou U Ed nu
zoo vriendelijk willen zijn, mij een verklaring te
willen geven, voor de Ned. Visscherijcentrale, waarin

46 B [handgeschreven] * Kern van het verzoek: De schrijver verzoekt de directeur van de Amsterdamse vismarkt om een verklaring. Deze verklaring is nodig om door de 'Nederlandsche Visscherijcentrale' erkend te worden als kleinhandelaar, zodat hij een toewijzing voor vis kan krijgen.
* Persoonlijke omstandigheden: De brief schetst een tragisch beeld van de oorlogsjaren. De schrijver werkte voor Levie Biet, een bekende Joodse vishandel. Na de gedwongen sluiting van deze zaak (als gevolg van anti-Joodse maatregelen) werd de schrijver in het kader van de Arbeitseinsatz tewerkgesteld in Duitsland. Daar werd hij ernstig ziek (tyfus), waarna hij als arbeidsongeschikt ("afgekeurd") terugkeerde naar Nederland.
* Juridische/Bureaucratische context: De schrijver probeert na zijn ziekte zijn bestaan weer op te bouwen. Hij beschikt over de juiste papieren (Middenstandsdiploma), maar stuit op de complexe distributieregels van de bezettingstijd. Zonder officiële erkenning en een toegewezen quotum vis kon men geen handel drijven. * Levie Biet: De firma Levie Biet was een prominente Joodse vishandel in Amsterdam. De "sluiting" waar de schrijver over spreekt, verwijst naar de onteigening en liquidatie van Joodse bedrijven door de bezetter.
* Arbeitseinsatz en ziekte: Het document is een directe getuigenis van de gedwongen tewerkstelling in Duitsland. Tyfusuitbraken kwamen veelvuldig voor in de kampen en werkomstandigheden van de tewerkgestelden door slechte hygiëne en ondervoeding.
* Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC): Dit was een tijdens de bezetting opgericht orgaan dat de gehele visketen controleerde, van vangst tot distributie. Voor elke stap in de handel was toestemming van de NVC vereist.
* Tijdsbeeld: De brief is geschreven in november 1943, een periode waarin de druk op de Nederlandse bevolking door de bezetter toenam en de voedselvoorziening steeds problematischer werd. De formele, uiterst beleefde toon van de brief was gebruikelijk in correspondentie met autoriteiten om de kans op een gunstig besluit te vergroten. U. Ed

Samenvatting

  • Kern van het verzoek: De schrijver verzoekt de directeur van de Amsterdamse vismarkt om een verklaring. Deze verklaring is nodig om door de 'Nederlandsche Visscherijcentrale' erkend te worden als kleinhandelaar, zodat hij een toewijzing voor vis kan krijgen.
  • Persoonlijke omstandigheden: De brief schetst een tragisch beeld van de oorlogsjaren. De schrijver werkte voor Levie Biet, een bekende Joodse vishandel. Na de gedwongen sluiting van deze zaak (als gevolg van anti-Joodse maatregelen) werd de schrijver in het kader van de Arbeitseinsatz tewerkgesteld in Duitsland. Daar werd hij ernstig ziek (tyfus), waarna hij als arbeidsongeschikt ("afgekeurd") terugkeerde naar Nederland.
  • Juridische/Bureaucratische context: De schrijver probeert na zijn ziekte zijn bestaan weer op te bouwen. Hij beschikt over de juiste papieren (Middenstandsdiploma), maar stuit op de complexe distributieregels van de bezettingstijd. Zonder officiële erkenning en een toegewezen quotum vis kon men geen handel drijven.

Historische Context

  • Levie Biet: De firma Levie Biet was een prominente Joodse vishandel in Amsterdam. De "sluiting" waar de schrijver over spreekt, verwijst naar de onteigening en liquidatie van Joodse bedrijven door de bezetter.
  • Arbeitseinsatz en ziekte: Het document is een directe getuigenis van de gedwongen tewerkstelling in Duitsland. Tyfusuitbraken kwamen veelvuldig voor in de kampen en werkomstandigheden van de tewerkgestelden door slechte hygiëne en ondervoeding.
  • Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC): Dit was een tijdens de bezetting opgericht orgaan dat de gehele visketen controleerde, van vangst tot distributie. Voor elke stap in de handel was toestemming van de NVC vereist.
  • Tijdsbeeld: De brief is geschreven in november 1943, een periode waarin de druk op de Nederlandse bevolking door de bezetter toenam en de voedselvoorziening steeds problematischer werd. De formele, uiterst beleefde toon van de brief was gebruikelijk in correspondentie met autoriteiten om de kans op een gunstig besluit te vergroten.

Genoemde Personen 1

Locaties

Haarlem.

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Textiel & Kleding: Hoed Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Duitsland/Oosten Dwang/Vordering Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 1