Gedrukte kennisgeving of bijlage bij een vergunning.
Origineel
Gedrukte kennisgeving of bijlage bij een vergunning. Aan het Ventverbod, omschreven in de bijlage V der vent-
en/of opkoopersvergunning is toegevoegd punt E, luidende:
na 8 uur des vóórmiddags met andere artikelen dan ge-
drukte of geschreven stukken of afbeeldingen te venten
of voorwerpen of stoffen van welken aard ook op te koopen
in de Plantage Kerklaan, tusschen de Plantage Middenlaan
en de Plantage Doklaan, en op de Plantage Muidergracht,
eveneens tusschen de Plantage Middenlaan en de Plantage
Doklaan, of op den openbaren weg binnen een afstand
van 25 M. van de genoemde gedeelten van de Plantage
Kerklaan en van de Plantage Muidergracht. * Inhoud: De tekst beschrijft een aanvulling (punt E) op een bestaand verbod voor straathandel ('ventverbod'). Het verbod houdt in dat er na 8:00 uur 's ochtends geen handel meer gedreven mag worden in bepaalde goederen.
* Uitzondering: Alleen de verkoop van "gedrukte of geschreven stukken of afbeeldingen" (zoals kranten en boeken) blijft na dit tijdstip toegestaan.
* Reikwijdte: Het verbod betreft zowel de verkoop ('venten') als de inkoop ('opkoopen') van goederen.
* Geografie: Het gebied is zeer specifiek afgebakend in de Amsterdamse Plantagebuurt: de Plantage Kerklaan en de Plantage Muidergracht, telkens tussen de Plantage Middenlaan en de Plantage Doklaan, inclusief een bufferzone van 25 meter in de omliggende openbare wegen. Dit document moet geplaatst worden in de context van de Duitse bezetting van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Plantagebuurt was een essentieel onderdeel van de Joodse wijk. Veel Joodse Amsterdammers waren voor hun levensonderhoud afhankelijk van straathandel.
Dergelijke verordeningen werden door de bezetter en het collaborerende Amsterdamse gemeentebestuur ingezet om de Joodse bevolking economisch te isoleren en het dagelijks leven in de Joodse wijk te ontwrichten. De specifieke straten die genoemd worden, liggen nabij de Hollandsche Schouwburg (Plantage Middenlaan), die vanaf de zomer van 1942 als verzamelplaats voor deportaties diende. Door de handel in deze straten aan banden te leggen, werd het toezicht verscherpt en de bewegingsvrijheid van de bewoners verder ingeperkt. De uitzondering voor drukwerk was vaak bedoeld om de verspreiding van (gecontroleerde of nationaalsocialistische) kranten niet te hinderen.