Archief 745
Inventaris 745-418
Pagina 561
Dossier 22
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte lijst (doorslag).

1943.

Origineel

Getypte lijst (doorslag). 1943. vervolg groepindeeling appelen 1943.

IA. A. B.
Zoete Bloemée 60 55 50
Zoete Ermgaard 58 53 47
Zoete Winterkroon 55 50 45
Overige Courtpendu 57 52 45

GROEP IV: Jacques Lebel-groep.

A. B.
Bellefleur Fransche 54 47
Bismarck 58 50
Bosappel 54 50
Bramley's Seedling (Triomphe de Kiel) 56 50
Codlin Keswick 58 50
Crimson Bramley 58 50
Dubbele Bellefleur 56 50
Dijkmanszoet 52 47
Early Victoria 58 50
Fransche Zure 56 50
Graham Royal Jubilé 58 50
Guldeling 54 50
Jacob Dirk 54 50
Jacques Lebel 58 50
Jasappel 54 50
Joseph Mus 56 50
Kaneelzuur 56 50
Kesterens Wijnzuur 54 50
Keuleman 50 45
Kortstelen 58 50
Lane's Prince Albert 56 50
Lents Rood 50 40
Liendens Wijnzuur 54 50
Marie Josée d'Othée 56 50
Newton Wonder 56 50
Ossenkop (Oude Fransche) 56 50
Peas' Good Nonsuch 58 50
Pomme de deux ans 56 50
Pomme d'Orange 50 45
Pomme Rose (Smeedse) 56 50
Provinciale 54 50
Reinette Casseler 54 50
Rembour Mortier 56 50
The Queen 60 50
Tuinzoet 50 45
Veldrager (niet de blauwe Bellefleur uit de
Betuwe) 56 50
Zoete Campagner 52 47
Zoete Hollaert 52 45
Zoete Paradijs 52 47

GROEP V:

Alle overige soorten 45 40

Voor de kwaliteitsvoorschriften voor appelen en peren, zie onder Groepindeeling Peren. Dit document is een administratieve lijst uit 1943 die appelrassen indeelt in groepen en kwaliteitsklassen. De kolommen "IA", "A" en "B" verwijzen zeer waarschijnlijk naar de minimale diameter (in millimeters) die vereist is voor de respectievelijke kwaliteitsklassen. Dit soort sortering was essentieel voor de handel en veilingen om uniformiteit en prijsstelling te garanderen.

Opvallend is de grote variëteit aan rassen die destijds commercieel werden verhandeld, waarvan vele nu als "vergeten rassen" worden beschouwd (zoals de Zoete Ermgaard, Dijkmanszoet en de Veldrager). De lijst maakt ook specifiek onderscheid tussen rassen die op elkaar lijken, zoals de opmerking bij de Veldrager: "niet de blauwe Bellefleur uit de Betuwe". In 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland, stond de landbouw onder strikte controle van de bezetter en de daarvoor opgerichte instanties zoals de Nederlandsche Landstand en het Bedrijfschap voor Groenten en Fruit. Normering en standaardisatie waren cruciaal voor de distributie en de voedselvoorziening in oorlogstijd. Dergelijke lijsten zorgden ervoor dat er vaste criteria waren voor wat als "A-kwaliteit" of "B-kwaliteit" mocht worden verkocht, wat ook invloed had op de vastgestelde prijzen. Het document getuigt van een hoogontwikkelde pomologische traditie in Nederland, waarbij regionale variëteiten (bijv. uit de Betuwe of Lents) een duidelijke plek hadden in de marktreglementering.

Samenvatting

Dit document is een administratieve lijst uit 1943 die appelrassen indeelt in groepen en kwaliteitsklassen. De kolommen "IA", "A" en "B" verwijzen zeer waarschijnlijk naar de minimale diameter (in millimeters) die vereist is voor de respectievelijke kwaliteitsklassen. Dit soort sortering was essentieel voor de handel en veilingen om uniformiteit en prijsstelling te garanderen.

Opvallend is de grote variëteit aan rassen die destijds commercieel werden verhandeld, waarvan vele nu als "vergeten rassen" worden beschouwd (zoals de Zoete Ermgaard, Dijkmanszoet en de Veldrager). De lijst maakt ook specifiek onderscheid tussen rassen die op elkaar lijken, zoals de opmerking bij de Veldrager: "niet de blauwe Bellefleur uit de Betuwe".

Historische Context

In 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland, stond de landbouw onder strikte controle van de bezetter en de daarvoor opgerichte instanties zoals de Nederlandsche Landstand en het Bedrijfschap voor Groenten en Fruit. Normering en standaardisatie waren cruciaal voor de distributie en de voedselvoorziening in oorlogstijd. Dergelijke lijsten zorgden ervoor dat er vaste criteria waren voor wat als "A-kwaliteit" of "B-kwaliteit" mocht worden verkocht, wat ook invloed had op de vastgestelde prijzen. Het document getuigt van een hoogontwikkelde pomologische traditie in Nederland, waarbij regionale variëteiten (bijv. uit de Betuwe of Lents) een duidelijke plek hadden in de marktreglementering.

Kooplieden in dit dossier 100

A + B en Veldsla Waterlooplein 40 %
A. Geboorte Waterlooplein 40
A. en B., kropsla en spinazie Waterlooplein 40 %
Allington Pippin Waterlooplein 50
Ananas Reinette Waterlooplein 40
L. Blitz Waterlooplein 25
alias "Joost"). Waterlooplein
Augurken I, II, III, IV, I en II stippel Waterlooplein 50%
Augurken I, II, III, IV, I en II stippel en III en IV stippel Waterlooplein -
Augurken I, II, III & IV, " I, II, III & IV stippel Waterlooplein
I.J. Velleman Waterlooplein " 2.40
R. Bath Waterlooplein 45
Bellefleur Brabantsche Waterlooplein 45
Bellefleur Engelsche (Koningszuur) Waterlooplein 47
Bellefleur Limburgsche Waterlooplein 47
Belle Lucrative (Seigneur d'Esperen) Waterlooplein 40
Beucke's Butterbirne (Beurré Beucke) Waterlooplein 40
Lucas Caransa Waterlooplein 50
Beurré Clairgeau Waterlooplein 45
Beurré d'Amanlis Waterlooplein 47
T. Diels Waterlooplein 47
Beurré Dilly Waterlooplein 43
Beurré Durondeau (Beurré de Tongres) Waterlooplein 45
Beurré Hardy Waterlooplein 45
Beurré Lebrun Waterlooplein 45
Beurré Superfin Waterlooplein 47
B. Blijham Waterlooplein 42
Bezy de Chaumontel Waterlooplein 40
Bezy von Schonauwen (Vijgenpeer) Waterlooplein 40
Bieten (gekookt) Waterlooplein 87. :
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1