Getypt concept van een brief (met handmatige correcties).
Origineel
Getypt concept van een brief (met handmatige correcties). Niet expliciet vermeld op dit blad, maar verwijst naar correspondentie uit 1942 (waarschijnlijk geschreven eind 1942 of begin 1943). Vischverdeeling Amsterdam. C o n c e p t . VD/SV
Vischverdeeling
Amsterdam.
Den Heer Directeur der
Nederlandsche Visscherij
Centrale,
's-G r a v e n h a g e .
===================
Naar aanleiding van Uw brief d.d.
20 April jl. no. 10688/V/Ve. heb ik de eer U te
berichten, dat de bijlage van Uw brief mij tot
het maken van de volgende opmerkingen aanleiding
heeft gegeven.
- Aantal en soort van in de verdeeling te
Amsterdam opgenomen kleinhandelaren.
Voor zoover mij bekend, zijn alle
in de verdeeling opgenomen kleinhandelaren in het
bezit van een door de Nederlandsche Visscherij
Centrale uitgegeven voorloopige erkenning. Hier-
naar wordt thans op den afslag nog een nauw-
keurig onderzoek ingesteld. Vaststaat evenwel, dat
alle in de verdeeling opgenomen kleinhandelaren
in de basisjaren visch hebben verhandeld, met
uitzondering van enkele gevallen, die in opdracht
van Hoogerhand in de verdeeling moesten worden
opgenomen. Het staat echter tevens vast, dat te
Amsterdam buiten de in de verdeeling opgenomen
handelaren nog vele personen zijn, die in het
bezit zijn van een voorloopige erkenning der
Centrale. Aan verzoeken van deze personen om in
de verdeeling te worden opgenomen is niet vol-
daan, omdat deze naar het oordeel der Verdeelings-
commissie in de basisjaren niet in den visch-
handel werkzaam waren. Ik moge U in dit ver-
band verwijzen naar Uw brief d.d. 30 October 1942
no. 27974/A/Ko. waarin U, in antwoord op een
mijnerzijds gedaan verzoek toezegde, dat voort-
gaan bij het verleenen van erkenningen overleg
met den Dienst Marktwezen zal worden gepleegd.
Wat betreft de winkelbedrijven,
comestibleszaken e.d., die visch als nevenartikel
verhandelen, diene het volgende.
Het is mij bekend, dat momenteel Dit document is een ambtelijk schrijven betreffende de regulering van de visverkoop in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de tekst draait om de criteria voor kleinhandelaren om opgenomen te worden in het officiële distributiesysteem.
Hoofdpunten:
* Erkenning: Alle opgenomen handelaren moeten een "voorloopige erkenning" van de Nederlandsche Visscherij Centrale hebben.
* Basisjaren: Er wordt streng vastgehouden aan het criterium dat handelaren reeds in de "basisjaren" (de jaren direct voor de oorlog of de vroege bezetting) actief moesten zijn in de vishandel. Hiermee wilde men waarschijnlijk nieuwkomers en mogelijke zwarte handelaren uitsluiten.
* Uitzonderingen: Er wordt expliciet melding gemaakt van handelaren die "in opdracht van Hoogerhand" (de bezetter of hogere Nederlandse departementale instanties) toch moesten worden toegelaten, ondanks het niet voldoen aan de criteria.
* Coördinatie: Er is sprake van een afspraak om bij nieuwe erkenningen overleg te plegen met de "Dienst Marktwezen" van de gemeente Amsterdam. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was de voedselvoorziening volledig gecentraliseerd en gerantsoeneerd. De Nederlandsche Visscherij Centrale (NVC), gevestigd in Den Haag, was het overkoepelende orgaan dat toezicht hield op de visserijsector en de toewijzing van producten aan steden.
De vishandel in grote steden zoals Amsterdam werd strikt gecontroleerd door lokale distributiecommissies om te voorkomen dat schaarse goederen op de zwarte markt verdwenen. De term "Hoogerhand" in deze context wijst vaak op de directe invloed van de Rijkscommissaris of de Duitse Fachberater die zich mengden in het economische leven om vertrouwelingen of NSB'ers bevoorrechte posities in de handel te geven. Het document illustreert de bureaucratische strijd tussen lokale controleurs en centrale of opgelegde richtlijnen.