Brief (handgeschreven).
Origineel
Brief (handgeschreven). 1944 (afgeleid van de stempel "M.1944"). Getekend door "H. Faillé", die zichzelf omschrijft als een "buurtgenoot". Nº 46A/22/1 M.1944 5/2 [Rode aantekening onleesbaar]
Weledele Heer Directeur
Bij deze ben ik zoo vrij u even van het
volgende op de hoogte te stellen.
Dinsdag j.l. kocht een buurvrouw van mij
in de Haarlemmerhouttuinen 6 kilo
mosselen waarvoor haar 96 ct werd afge-
houden. Toen die vrouw die koopman er op
atent maakte dat de prijs van de mosselen
geen 16, doch 11 ct per kilo bedroeg rukte
hij met woest geweld die vrouw haar emmer
met mosselen uit de handen en gooide de
emmer met mosselen weer leeg in zijn kar
haar daarbij uitscheldende, te gemeen om hier
neer te schrijven. Dit feit is ook bekend
aan één uwer ambtenaren van de vismarkt
n. m. een zekere mijnheer de Vries. De juffrouw
zelf durft tegen die schooiert van een koopman
niet op, doch ik voel mij verplicht als huisvrouw
die van het loon dat mijn man verdient in de
werkverschaffing tegen zulke individuen als die
koopman is u hiervan even op de hoogte te stellen.
Zijn naam is H. Saljé. Visventer. Woont Vinkenstraat.
De juffrouw heet Termuelen. Haarlemmerhout-
tuinen 103.
Achtend een buurtgenoot.
H. Faillé? * Inhoud: De brief is een getuigenverklaring van een buurtbewoner (H. Faillé) over een incident tussen een visverkoper en een klant (mevrouw Termuelen). De verkoper, H. Saljé, probeerde 16 cent per kilo te rekenen in plaats van de vastgestelde 11 cent. Toen hij hierop werd aangesproken, reageerde hij agressief door de mosselen terug te pakken en de vrouw uit te schelden.
* Maatschappelijke positie: De schrijfster identificeert zich als een huisvrouw van een man in de "werkverschaffing". Dit duidt op een gezin met een zeer beperkt inkomen, voor wie een prijsverschil van 5 cent per kilo aanzienlijk was.
* Locatie: Het incident vond plaats in de Haarlemmerhouttuinen in Amsterdam. De visverkoper woonde in de nabijgelegen Vinkenstraat.
* Toon: De brief is formeel en beleefd ("Weledele Heer"), maar tegelijkertijd emotioneel geladen. De verkoper wordt omschreven als een "schooiert" en zijn gedrag als "woest geweld". * Oorlogstijd: De brief dateert uit 1944, de late bezettingsjaren in Nederland. In deze periode was voedsel schaars en waren prijzen strikt gereguleerd door de overheid om zwarte handel en uitbuiting te voorkomen.
* Prijsbeheersing: Het feit dat de schrijfster precies weet dat de prijs 11 cent moet zijn, wijst op de strikte prijscontroles van die tijd. Klachten over prijsopdrijving werden door de autoriteiten hoog opgenomen.
* Werkverschaffing: De vermelding van de "werkverschaffing" (werklozenprojecten van de overheid) plaatst het gezin in de sociaal-economische context van de crisisjaren en de bezetting, waarbij de lonen minimaal waren.
* Bureaucreatie: De stempels en verwijzing naar een ambtenaar (de heer De Vries) suggereren dat deze brief deel uitmaakte van een officieel onderzoek door de gemeentelijke marktdiensten of de prijsbeheersing.