Officiële brief/correspondentie.
Origineel
Officiële brief/correspondentie. 19 februari 1944. Bedrijfschap voor Visscherijproducten, Afdeeling Verdeeling ('s-Gravenhage). Den Heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam. BEDRIJFSCHAP VOOR VISSCHERIJPRODUCTEN
Afdeeling Verdeeling 's-Gravenhage, 19 Februari 1944
Betreffende toewijzingen
Bericht op schrijven
Bij antwoord vermelden 4006 V/Lan Den Heer Directeur
Bijlagen........ Stuks, t.w........... van het Marktwezen
Jan van Galenstraat 14,
AMSTERDAM.
[Stempel/Handschrift in paars:] Nº 46^A/32/1 M. 1944 23/2
[Handgeschreven rode en blauwe parafen]
Hiermede berichten wij U, dat de
firma's H. Monteban te Nieuwpoort en
W.v.Wijk te Stolwijk van het Bedrijfschap
voor Visscherijproducten opdracht hebben ge-
kregen een gedeelte van de bij hen aange-
voerde en/of aan hen afgeleverde visch naar
Uw afslag te zenden.
BEDRIJFSCHAP VOOR VISSCHERIJPRODUCTEN,
[Handgeschreven handtekening: M.W. Keusler]
Bo Gezien.
[Handgeschreven paraaf]
2-3-44
[Handgeschreven initialen: WSH.]
2e Adelheidstraat 300, 's-Gravenhage — Postgirorekening 351833 — Telegram-adres: BEVIPRO
Telefoon 720080 en 772162, Intercomm. XX. Voor afdeeling Distributie 722641
40305-10000-1-'44 V.V.O. 6698 K 2435 De brief is een formeel bericht van het Bedrijfschap voor Visscherijproducten aan de directeur van het Amsterdamse Marktwezen (gevestigd aan de Jan van Galenstraat, de locatie van de Centrale Markthallen).
De kern van de boodschap is een logistieke instructie: twee specifieke firma’s uit de regio Zuid-Holland (Monteban uit Nieuwpoort en Van Wijk uit Stolwijk) hebben de opdracht gekregen om een deel van hun visvoorraad naar de visafslag in Amsterdam te sturen. Dit wijst op een centraal gestuurde herverdeling van schaarse voedselmiddelen. De handgeschreven aantekening "Gezien" met de datum 2-3-44 geeft aan dat het document twee weken later door de ontvangende instantie in Amsterdam is verwerkt. Het document dateert van februari 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening volledig onderworpen aan de distributiepolitiek van de bezetter.
"Bedrijfschappen" waren publiekrechtelijke organen die tijdens de bezetting werden ingezet om de economie en de voedselketen strak te reguleren. De visserijsector was hierbij cruciaal, aangezien vis een belangrijke bron van eiwitten was in een tijd van ernstige tekorten. De gedwongen levering door handelaren uit kleinere gemeenten aan de grote stad Amsterdam was noodzakelijk om de stedelijke bevolking van voedsel te voorzien en zwarte handel te beperken. Het adres Jan van Galenstraat 14 is nog steeds het adres van de Centrale Markthallen, destijds het zenuwcentrum voor de voedseldistributie in Amsterdam.