Getypte doorslag van een officiële brief/missieve.
Origineel
Getypte doorslag van een officiële brief/missieve. 28 juni 1944. De Burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte). No 46^A/41/8 M.1944 29/6 d.d.
450/'44 28 Juni 1944.
In mijn schrijven van 25 Mei j.l., No. 450 L.M. 1944, ver-
zocht ik Uw aandacht voor het aandeel, dat Amsterdam ontvangt
van de in Scheveningen aangevoerde visch. Aan het slot van dit
schrijven verzocht ik U te willen bevorderen, dat Amsterdam een
redelijk deel ontvangt van de visch, die in Scheveningen en
IJmuiden wordt aangevoerd.
Het zal mij aangenaam zijn, hierop thans Uw beslissing te
mogen vernemen.
HD De Burgemeester van Amsterdam,
(get) Voûte
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN * Inhoud: De burgemeester van Amsterdam herinnert de geadresseerde aan een eerdere brief over de voedselvoorziening, specifiek de distributie van vis. Amsterdam maakt aanspraak op een groter deel van de vis die in de nabijgelegen havens van Scheveningen en IJmuiden wordt binnengehaald.
* Taalgebruik: Formeel en ambtelijk ("verzocht ik Uw aandacht", "bevorderen", "beslissing te mogen vernemen"). De spelling is verouderd ("visch").
* Personen:
* Edward Voûte: Was burgemeester van Amsterdam tijdens de Duitse bezetting (1941-1945). Hij werd aangesteld door de bezetter.
* J.F. Franken: De toenmalige gemeentesecretaris van Amsterdam.
* Ondertekening: De aanduiding "(get)" staat voor "getekend", wat aangeeft dat dit een afschrift is van het origineel dat door Voûte en Franken is ondertekend. Dit document stamt uit juni 1944, een cruciale fase in de Tweede Wereldoorlog (vlak na D-Day). De voedselvoorziening in Nederland werd steeds nijpender door de Duitse vorderingen en de haperende logistiek. De burgemeester probeert hier de belangen van de Amsterdamse bevolking te behartigen door te pleiten voor een eerlijkere verdeling van de schaarse visreserves. Omdat Voûte een door de nazi's aangestelde burgemeester was, bevond hij zich in de lastige positie van het besturen van de stad onder directe controle van de bezettingsmacht, terwijl hij tegelijkertijd verantwoordelijk was voor de basale levensbehoeften van de Amsterdammers. De visaanvoer uit IJmuiden en Scheveningen was essentieel omdat de zeevisserij zwaar beperkt was door militaire maatregelen (zoals de Atlantikwall en zeemijnen). * Edward Voûte: Was burgemeester van Amsterdam tijdens de Duitse bezetting (1941-1945). Hij werd aangesteld door de bezetter.