Getypte brief op officieel briefpapier.
Origineel
Getypte brief op officieel briefpapier. 9 maart 1939. M. Ortje, secretaris van de bond. De WelEd. Heer Inspecteur bij het marktwezen, Jan van Galenstraat, Amsterdam W. [Briefhoofd]
KOOPLIEDEN- EN MARKTKRAMERSBOND
„MERCURIUS”
SECRETARIAAT: M. ORTJE
NIEUWE ACHTERGRACHT 101 - TELEF. 50081
POSTGIRO 254334 - AMSTERDAM-CENTRUM
OPGERICHT 23 DEC. 1898
GOEDGEKEURD BIJ VERSCHILL. KONINKLIJKE BESLUITEN
AANGESLOTEN BIJ DE NED. BOND VAN MARKTKOOPLIEDENVER.
AMSTERDAM, 9 Maart 1939
[Adres van de ontvanger]
Den WelEd. Heer Inspecteur
bij het marktwezen
Jan van Galenstraat
Amsterdam W.
[Stempel en nummering in paars en potlood]
Nº 29/12/1 M. 1939 10/3
[Inhoud brief]
WelEd. Heer,
Ons lid Mevr. A. Crost verzoekt, dat haar vader, die vergunning heeft haar op de Nieuwmarkt te helpen, gedurende twee weken voor haar aanstaande bevalling en gedurende zes weken daarna, op deze plaats alleen mag verkopen.
Gaarne ondersteunen wij dit verzoek en wij zien met belangstelling Uw antwoord tegemoet.
Bij voorbaat onze dank voor Uw bereidwilligheid.
Hoogachtend,
[Handtekening: M. Ortje]
secr.
[Marginale aantekeningen]
Rechtsboven (handschrift): m. Insp.
Rechtsonder (potlood): 29 * Doel van de brief: De bond bemiddelt voor een van haar leden (Mevr. A. Crost) om een tijdelijke ontheffing van de persoonlijke verkoopplicht op de markt te verkrijgen. Vanwege haar zwangerschap en aanstaande bevalling vraagt zij toestemming dat haar vader acht weken lang alleen de kraam op de Nieuwmarkt mag bemannen.
* Juridische/Administratieve context: Marktkramers waren indertijd vaak gebonden aan strikte regels waarbij de vergunninghouder persoonlijk aanwezig moest zijn. Voor vervanging door familieleden was officiële toestemming van de marktinspectie nodig.
* Organisatie: De bond „Mercurius” (genoemd naar de Romeinse god van de handel) was een belangenvereniging voor Amsterdamse marktkooplieden, opgericht aan het eind van de 19e eeuw.
* Tijdsbeeld: De brief dateert van vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog. Het geeft een inkijkje in de sociale omstandigheden en de informele 'verlofregelingen' voor zelfstandige vrouwelijke ondernemers in de jaren '30. De Nieuwmarkt was in 1939 een vitaal handelscentrum in Amsterdam, gelegen aan de rand van de toenmalige Jodenbuurt. Veel marktkooplieden daar waren lid van bonden zoals Mercurius om hun rechten te beschermen tegenover de gemeentelijke bureaucratie. In die tijd was het gebruikelijk dat familieleden (vaders, moeders, echtgenoten) meehielpen, maar het alleenrecht om te verkopen was strikt gereguleerd via vergunningen. Dit document illustreert hoe een beroepsvereniging fungeerde als formele schakel tussen de individuele burger en de overheid voor zeer persoonlijke, praktische zaken.