Archief 745
Inventaris 745-283
Pagina 89
Dossier 15
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen en kenmerken.

25 mei 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam).

Origineel

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen en kenmerken. 25 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). [Handgeschreven rechtsboven:] Min de Boer [?]
[Handgeschreven middenboven:] Verzonden 25/5

vP/HG.
29/20/2 M.
1

25 Mei 1939.

Zomerspelen op Nieuwmarkt.

[Handgeschreven in rode pen over de geadresseerde:]
25/5/39 [gevolgd door een paraaf]
29/20/3 1.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 23 dezer om spoedig advies ontvangen stuk no.422 L.M.1939 heb ik de eer U te berichten, dat uit een door mij met den tweeden onderteekenaar, den heer Sternheim, gevoerde bespreking is gebleken, dat het de bedoeling is, om hoofdzakelijk het deel van de Nieuwmarkt, waar voorheen het gebouw der Vischmarkt stond, voor de zomerspelen te gebruiken. De markt als zoodanig kan dan desondanks normaal worden gehouden.

Alleen zouden adressanten ook op een of twee Zaterdagavonden een opvoering willen geven in welk geval het noodig is, dat de omgeving van het waaggebouw niet wordt verlicht. Op Zaterdagavond wordt de Nieuwmarkt gehouden tot op het uur van winkelsluiting doch er komen slechts enkele tientallen kooplieden. Mijnerzijds bestaat dan ook geen bezwaar, dat op de bedoelde Zaterdagavonden de markt niet wordt gehouden, zoodat de marktverlichting in dat geval niet behoeft te worden ontstoken. Krachtens artikel 6 laatste lid van de Verordening op den dienst van het Marktwezen zijn Burgemeester en Wethouders bevoegd tot het niet doen houden der markt te besluiten. Wellicht vindt U in het vorenstaande aanleiding een desbetreffend besluit te doen nemen, eventueel nadat ik terzake nog het advies inwon van de Commissie van Advies voor de Markten. In het laatstbedoelde geval zie ik Uw opdracht tegemoet, om deze aangelegenheid in de bedoelde Commissie te bespreken.

De Directeur, Deze brief vormt een ambtelijk advies over een verzoek om culturele activiteiten ("zomerspelen") te organiseren op de Nieuwmarkt in Amsterdam. De kern van het vraagstuk is de overlap tussen deze evenementen en de reguliere zaterdagmarkt.

De belangrijkste punten uit de analyse zijn:
* Locatiegebruik: De organisatoren (waaronder een "heer Sternheim") willen specifiek het deel gebruiken waar vroeger de vismarkt stond (ten noorden/oosten van de Waag). Dit zou de dagmarkt niet verstoren.
* Het Verlichtingsprobleem: Voor avondvoorstellingen is volledige duisternis rond het Waaggebouw gewenst. Dit botst met de noodzakelijke marktverlichting op zaterdagavond.
* Ambtelijke pragmatiek: De directeur adviseert positief. Hij stelt dat de zaterdagavondmarkt toch al slecht bezocht wordt ("slechts enkele tientallen kooplieden") en dat het daarom gerechtvaardigd is de markt op die specifieke avonden af te gelasten.
* Juridische grondslag: Er wordt expliciet verwezen naar de Verordening op den dienst van het Marktwezen, wat aantoont hoe dergelijke stedelijke besluiten strikt binnen het geldende reglement moesten passen. Het document dateert van mei 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Nieuwmarkt was in die tijd het kloppende hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. De genoemde "heer Sternheim" is hoogstwaarschijnlijk Andries Sternheim (1890-1944), een bekende sociaal-democraat en vakbondsman die zeer actief was in de culturele verheffing van de arbeidersklasse en betrokken was bij de organisatie van volksspelen en buurtactiviteiten.

De "zomerspelen" pasten in de traditie van openluchttheater en gemeenschapsvorming die in de jaren '30 populair was. De brief geeft een uniek inkijkje in de logistieke afwegingen van het stadsbestuur: hoe balanceer je de economische functie van een markt met de opkomende behoefte aan publieke cultuur en ontspanning in de openbare ruimte. Het vermelde "gebouw der Vischmarkt" dat er "voorheen" stond, verwijst naar de overdekte vismarkt die in de 19e eeuw gesloopt was, waarna de ruimte rond de Waag een open plein werd.

Samenvatting

Deze brief vormt een ambtelijk advies over een verzoek om culturele activiteiten ("zomerspelen") te organiseren op de Nieuwmarkt in Amsterdam. De kern van het vraagstuk is de overlap tussen deze evenementen en de reguliere zaterdagmarkt.

De belangrijkste punten uit de analyse zijn:
* Locatiegebruik: De organisatoren (waaronder een "heer Sternheim") willen specifiek het deel gebruiken waar vroeger de vismarkt stond (ten noorden/oosten van de Waag). Dit zou de dagmarkt niet verstoren.
* Het Verlichtingsprobleem: Voor avondvoorstellingen is volledige duisternis rond het Waaggebouw gewenst. Dit botst met de noodzakelijke marktverlichting op zaterdagavond.
* Ambtelijke pragmatiek: De directeur adviseert positief. Hij stelt dat de zaterdagavondmarkt toch al slecht bezocht wordt ("slechts enkele tientallen kooplieden") en dat het daarom gerechtvaardigd is de markt op die specifieke avonden af te gelasten.
* Juridische grondslag: Er wordt expliciet verwezen naar de Verordening op den dienst van het Marktwezen, wat aantoont hoe dergelijke stedelijke besluiten strikt binnen het geldende reglement moesten passen.

Historische Context

Het document dateert van mei 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Nieuwmarkt was in die tijd het kloppende hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. De genoemde "heer Sternheim" is hoogstwaarschijnlijk Andries Sternheim (1890-1944), een bekende sociaal-democraat en vakbondsman die zeer actief was in de culturele verheffing van de arbeidersklasse en betrokken was bij de organisatie van volksspelen en buurtactiviteiten.

De "zomerspelen" pasten in de traditie van openluchttheater en gemeenschapsvorming die in de jaren '30 populair was. De brief geeft een uniek inkijkje in de logistieke afwegingen van het stadsbestuur: hoe balanceer je de economische functie van een markt met de opkomende behoefte aan publieke cultuur en ontspanning in de openbare ruimte. Het vermelde "gebouw der Vischmarkt" dat er "voorheen" stond, verwijst naar de overdekte vismarkt die in de 19e eeuw gesloopt was, waarna de ruimte rond de Waag een open plein werd.

Kooplieden in dit dossier 10