Getypte brief (doorslag of officieel afschrift).
Origineel
Getypte brief (doorslag of officieel afschrift). 6 mei 1920. Vermoedelijk een ambtenaar of afdeling ressorterend onder de Directeur van het Marktwezen (gezien het stempel en de paraaf rechtsboven). (Noot: De spelling uit het origineel is aangehouden, inclusief de destijds gebruikelijke 'y' voor 'ij'.)
[Stempel linksboven:] Nº. 1170 M. 1920. 8/5
[Paginanummer:] 349
[Stempels en handschrift rechtsboven:]
om Gezien
DE DIRECTEUR VAN HET MARKTWEZEN.
[Paraaf]
6 Mei 20.
In zyn schryven van 19 April 1920 heeft het bestuur der Vereeniging "Groep Veilingsvereenigingen" uit den Nederl. Tuinbouwraad de aandacht van Uwe Excellentie gevestigd op de min-gunstige vooruitzichten voor de kweekers van vroege aardappelen in verband met de vermoedelyk geringe export van dit gewas. Aangedron-genwerd de export geheel vry te laten. In een aan het Bestuur 28 April d.a.v. verleende audientie zou Uwe Excellentie volgens het weekblad van het Centraal bureau voor de veilingen, voornemens zyn geen maatregelen te treffen ten aanzien van vroege aardappelen. In het belang eener regelmatige en billyke voorziening met vroege aardappelen voor de verbruikers zouden wy Uwe Excellentie met aandrang willen verzoeken, die maatregelen te willen treffen, waardoor het binnenland, zoodra de voorziening met vroege aardappelen een aanvang neemt, op een voldoende voorziening zal kunnen rekenen. Hiertoe ware allereerst den besturen der groote gemeenten op te dragen Uwe Excellentie telegrafischh voor te lichten omtrent het al of niet voldoende zyn van den dagelykschen aanvoer ter markt, benevens van
[Onderaan links:]
Zyne Excellentie den Minister
van Landbouw, Nyverheid en Handel
Den Haag Dit document is een ambtelijk schrijven gericht aan de Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel. De kern van de zaak betreft de handel in "vroege aardappelen" in het voorjaar van 1920.
Er is een belangenconflict gaande: de telers (vertegenwoordigd door de Groep Veilingsvereenigingen) vrezen voor slechte inkomsten door beperkte exportmogelijkheden en pleiten voor een volledig vrije export. De Minister heeft echter in een eerdere bijeenkomst aangegeven geen specifieke maatregelen te willen nemen.
De schrijver van deze brief adviseert de Minister echter om wél in te grijpen, maar dan vanuit het oogpunt van de Nederlandse consument ("de verbruikers"). Er wordt aangedrongen op maatregelen om een goede binnenlandse voorziening te waarborgen zodra het seizoen begint. Het concrete voorstel is om grote gemeenten te verplichten dagelijks per telegraaf te rapporteren over de aanvoer op de markten, zodat de overheid de vinger aan de pols kan houden wat betreft de beschikbaarheid en prijsvorming van dit volksvoedsel. De brief dateert van vlak na de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, had de oorlog geleid tot grote schaarste en overheidsingrijpen in de voedseldistributie (de distributiestamkaarten en het "Marktwezen"). In 1920 was de overgang naar een vrije markt in volle gang, maar de herinnering aan voedseltekorten was nog vers.
De aardappel was (en is) een cruciaal onderdeel van het Nederlandse dieet. De overheid balanceerde constant tussen de belangen van de boeren (die baat hadden bij hoge prijzen en vrije export naar het buitenland, waar vaak meer betaald werd) en de belangen van de stedelijke bevolking (die behoefte had aan betaalbaar voedsel). Dit document illustreert de bureaucratische processen en de informatievoorziening (via telegrammen van gemeenten) die destijds werden ingezet om deze balans te bewaken. Marktwezen