Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en correcties.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en correcties. 18 mei 1920. De Directeur van het Marktwezen (ondertekend door C.H. Claassen). [Linksboven, handgeschreven en doorgehaald:]
~~Exh. 19 S 1920 N 100 A.M.~~
MARKTWEZEN
HOOFDBUREAU
S.
AMSTERDAM, 18 Mei 1920.
No. 1242 M.
3 BIJLAGEN
Onderwerp:
Verzoeke bij de beantwoording datum en nummer te willen aanhalen.
Hierby heb ik de eer U te doen toekomen de begrootingen voor 1921 van de volgnummers 44, 78ᵈ en 194ᵃ [handgeschreven toevoeging:] en van de levensmiddelenvoorziening, welke door Financiën nog aan een volgnummer dient te worden gegeven.
By no 44 heb ik in de indeeling een wyziging gebracht, welke vereenvoudiging brengt, de verschillende soorten markt by elkander voegt en zoodoende een vergelyking gemakkelyker mogelyk maakt. De steeds doorgevoerde splitsing in vyf marktafdeelingen acht ik overbodig.
Op no 78ᵈ plaatste ik de huur van het gebouw der Vischmarkt op de Nieuwmarkt, hetwelk weder by het Marktwezen is gebracht. Bovendien trok ik f 50.000,- uit als vermoedelyke winst op den verkoop van levensmiddelen. Hiertegenover raamde ik de uitgaven op no 194ᵃ ongeveer f 100.000,- hooger, maar in dit bedrag zyn ook opgenomen de kosten, verbonden aan het verzamelen van statistische cyfers, betreffende de levensmiddelen [vanaf hier doorgestreept:] ~~en het voorbereiden van het plan tot reorganisatie van het Marktwezen.~~
[De gehele volgende alinea is met een groot kruis doorgestreept:]
~~Bovendien nam ik bedragen op voor afschryving en rente van het te verstrekken kapitaal, hoewel dit tot nu toe voor de bestaande eigendommen van het Marktwezen niet is geschied. Evenwel dienen voor veer aanschaffing van materialen, verbouw van loodsen, enz. credieten te worden verstrekt, welke niet uit ontvangsten kunnen worden bestreden.~~
De Directeur van het Marktwezen,
[Handtekening:] C.H. Claassen.
Aan den Heer
Wethouder voor de
Levensmiddelen.
[Handgeschreven tekst in de linker marge:]
De begrooting v. d. Dienst geeft een overschot aan ontvangst en uitgaaf een bedrag aan van f 82.000,- welk cijfer gehaald is uit de kosten van het beheer zooveel mogelijk aan de kosten van de partijen levensmiddelen in rekening en in verband met de bestaande reserves.
[Onderaan de marge-tekst:] Bedrag op map?? [onleesbaar]
--- * Doel van de correspondentie: De directeur van de gemeentelijke dienst Marktwezen dient de begrotingsvoorstellen voor het jaar 1921 in bij de verantwoordelijke wethouder.
* Kernpunten:
* Administratieve vereenvoudiging: De directeur stelt voor om de indeling van de marktsectoren te consolideren van vijf afdelingen naar een overzichtelijker systeem om vergelijkingen te vergemakkelijken.
* Herinlijving Vischmarkt: De vismarkt op de Nieuwmarkt valt weer direct onder het beheer van het Marktwezen.
* Financiële ramingen: Er wordt een winst van 50.000 gulden verwacht op de verkoop van levensmiddelen. Daartegenover staan hogere kosten (100.000 gulden) voor de verzameling van statistische gegevens.
* Correcties en afwijzingen: Het document bevat belangrijke doorhalingen. De passage over de reorganisatie van het Marktwezen is geschrapt. Belangrijker nog is de volledige schrapping van de alinea over het invoeren van posten voor afschrijving en rente op kapitaal. Dit suggereert dat de directeur een modernere boekhoudkundige methode wilde invoeren, maar dat dit (vooralsnog) door de politiek of hogere ambtenaren is afgewezen.
* Marginalia: De handgeschreven opmerking in de kantlijn lijkt een latere toevoeging (mogelijk door een secretarie-ambtenaar of de wethouder zelf) die een specifiek begrotingsoverschot van 82.000 gulden verklaart vanuit de bestaande reserves en beheerskosten.
--- Dit document stamt uit mei 1920, de periode vlak na de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, had de oorlog geleid tot enorme voedselschaarste en distributieproblemen. De gemeente Amsterdam had hierdoor een omvangrijk apparaat voor de "Levensmiddelenvoorziening" opgetuigd.
In 1920 bevond de stad zich in de overgangsfase van de oorlogscrisis naar een meer genormaliseerde situatie. De brief weerspiegelt deze transitie:
1. Bureaucratische consolidatie: De wens om de vijf marktafdelingen te vereenvoudigen duidt op een professionalisering van het gemeentebestuur.
2. Statistiek als beleidsinstrument: De significante investering in "statistische cyfers betreffende de levensmiddelen" laat zien dat de overheid meer grip wilde houden op de voedselstromen en prijzen, een direct gevolg van de ervaringen tijdens de oorlogsjaren.
3. De rol van de Wethouder voor de Levensmiddelen: In deze periode was dit een van de machtigste en meest cruciale posten in het Amsterdamse college, aangezien de betaalbaarheid van voedsel direct gekoppeld was aan sociale stabiliteit en de bestrijding van armoede in de stad.
4. Boekhoudkundige discussie: De discussie over het al dan niet opnemen van afschrijvingen en rente in de begroting van een gemeentelijke dienst was een kenmerkend debat voor de vroege 20e eeuw, waarbij overheidsdiensten langzaam overgingen van een eenvoudige kasboekhouding naar meer bedrijfsmatige principes. C.H. Claassen Gemeente Amsterdam Hoofdbureau Marktwezen