Ambtelijk advies / Rapportage.
Origineel
Ambtelijk advies / Rapportage. Ongeveer jaren '20 (gebaseerd op verkeerstypen en spelling). De tekst noemt specifiek waarnemingen op 16 juni. De Directeur van het Marktwezen (Amsterdam). Waarschijnlijk het College van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam (geadresseerd als "U"). Het verkeer met voertuigen over den weg tusschen de beide pleintjes bedroeg op:
| Rywielen | Tramwagens | Vrachten andere auto’s | Motoren en fietsen | Bespannen vrachtwagens | Handkarren | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 16 Juni van 10 tot 11 uur v.m. | 258 | 66 | 30 | 30 | 132 | 168 | 684 |
| 16 " " 3 " 4 " n.m. | 234 | 72 | 54 | 42 | 102 | 132 | 636 |
Het aantal voetgangers, dat zich over den ryweg bewoog, is niet geteld geworden, omdat dit door de massa vrywel ondoenlyk was met myn personeel.
Uit deze cyfers moge U blyken, ~~dat~~ het verkeer over de beide vluchtheuvels zeer belangryk mag worden genoemd. Indien dus beide pleintjes aan het terrein voor het verkeer van voetgangers worden onttrokken, zullen die personen zich langs den openbaren ryweg moeten begeven, waardoor het groote verkeer per as nog zal worden overbelast met dat van die personen.
Ik behoef U niet te zeggen, dat by stremming van het verkeer b.v. by het openen der brug, wanneer een file van voertuigen staat van de brug tot den Haarlemmerdyk, het voor voetgangers levensgevaarlyk wordt zich langs den ryweg te bewegen. In een dergelyk geval kunnen zy zich thans voortbewegen over de beide vluchtheuvels, maar indien daar markt wordt gehouden is dit uitgesloten.
Naar myn meening is dan ook de oplossing in een geheel andere richting te zoeken en wel door de venters te verwyzen naar de op enkele minuten afstand gelegen kostelooze markt, welke op de Lindengracht wordt gehouden. Het is my niet bekend hoeveel kaarten voor staanplaatsen op deze markt door de Politie zyn afgegeven, maar volgens ruwe schatting aan de hand van de geregeld ingenomen plaatsen, kunnen op de Lindengracht nog circa 130 venters een plaats innemen. Deze gedempte gracht is eenmaal voor de plaatsing van dergelyke venters aangewezen, maar wordt niet geheel benut. Slechts de helft der aanwezige ruimte
[Pagina 2]
wordt door venters ingenomen. Het aantal marktplaatsen voor venters met kostelooze marktplaatsen uit te breiden acht ik niet in het belang der voedselvoorziening van Amsterdam.
Op grond van het bovenstaande heb ik de eer U te adviseeren het daarheen te leiden, dat de venters naar de Lindengracht worden verwezen, waar nog de helft der ruimte voor 130 venters plaats biedt en op het Haarlemmerplein geen kostelooze marktplaats te vestigen, waaraan geen behoefte bestaat en die niet in het belang van de voedselvoorziening der bevolking is.
De Directeur van het Marktwezen,
Handgeschreven kanttekeningen:
* Linksboven (Pagina 1): Een vraagteken in potlood.
* Linkermarge (Pagina 1): "Lijngeschaduwde helft of de brug wel of niet geopend was" (mogelijk verwijzend naar een ontbrekende bijlage of kaart).
* Tekstcorrectie (Pagina 1): Het woord "dat" in de derde alinea is doorgehaald. * Taalgebruik: Het document is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl die kenmerkend is voor de vroege 20e eeuw (spelling met 'y' in plaats van 'ij', naamvallen zoals 'den weg').
* Argumentatie: De directeur hanteert drie hoofdargumenten:
1. Verkeersveiligheid: Het Haarlemmerplein is een druk knooppunt. De "vluchtheuvels" zijn essentieel voor voetgangers, vooral wanneer de brug open is en er files ontstaan. Een markt zou deze veilige zones blokkeren.
2. Efficiëntie: Er is al een nabijgelegen markt op de Lindengracht die slechts voor de helft wordt gebruikt. Er is fysiek ruimte voor nog 130 extra venters.
3. Algemeen belang: Hij stelt expliciet dat uitbreiding van kosteloze marktplaatsen op deze plek niet nodig is voor de voedselvoorziening van de stad.
* Historische waarde: De tabel biedt een uniek inkijkje in de verkeersintensiteit en -samenstelling van Amsterdam in die tijd. Opvallend is de grote hoeveelheid "bespannen vrachtwagens" (paard en wagen) en "handkarren" ten opzichte van "vrachten andere auto's", wat duidt op een overgangsperiode in transport. Dit document stamt uit een periode waarin Amsterdam worstelde met de toenemende verkeersdruk in de oude stadskern. Het Haarlemmerplein fungeerde als een belangrijke toegangspoort. De discussie over de "venters" (straatverkopers) was destijds actueel; de gemeente probeerde de informele straathandel te reguleren door ze naar vaste marktlocaties zoals de Lindengracht te dirigeren. De Lindengracht was aan het eind van de 19e eeuw gedempt, specifiek om ruimte te bieden aan markten en het verkeer, als oplossing voor de overvolle straten in de Jordaan. De "kostelooze marktplaatsen" waren bedoeld voor de armste handelaren om hun waren te kunnen verkopen zonder dat dit de doorstroming van de hoofdwegen belemmerde.