Archief 745
Inventaris 745-54
Pagina 233
Dossier 2A
Jaar 1920
Stadsarchief

Ambtelijk overzicht/rapportage.

Origineel

Ambtelijk overzicht/rapportage. [Linkermarge, verticaal geschreven:]
Wilt gaarne weten hoeveel dezer vaartuigen v. komen.

[Hoofdtekst:]
№ 1390 M. 1920.

Verschil in betaling per M³ of per Colli.

Roelofarendsveen
Een vaartuig van 14 M³ heeft 12 à 1400 zak peulen
doper, snij of sperzieboonen geladen betaald per M³ f 1.40
thans f 12.- of f 14.- 1000 %

De Rijp of Purmerend
Een vaartuig van 80 M³ heeft 5 à 7000 zak met
15 kilo betaald per M³ f 8.- thans f 50.- of 60.- of f 70.- ± 750 %
De ladingen bestaan uit tuinboonen, aardappelen, sperzieboonen
enz.

Langeraar
Vaartuigen van 30 à 40 M³ heeft 3 à 4000 zak snij
en sperzieboonen betaald per M³ f 3.- of 4.- thans f 30.- of 40.-
1000 %

Langedijk
Vaartuigen van 18 tot 24 M³ heeft 5 à 600 mandjes
aardappelen à 17 kilo betaald per M³ f 1.80 tot f 2.40 thans
f 5.- of f 6.- 250 %

Hillegom
Vaartuigen van 32 M³ heeft 2500 à 3000 zak snij of sper-
zieboonen van 10 kilo betaald per M³ f 3.20 thans f 25.- of f 30.-
850 %

Gouda
Een vaartuig van 34 M³ heeft van 3 tot 500 vaten sla
en betaald per M³ f 3.40 thans van f 3.- tot f 5.- 150 %

Westland
Vaartuigen van 27 tot 35 M³ heeft van 8 tot 1300
zak spruitkool en betaald per M³ f 2.70 tot f 3.50 thans van
f 8.- tot f 13.- 300 %

De Marktmeester te 's-Gravenhage
[Handtekening: W. Westland(?)]

Den 2 Juni 1920 Dit document is een statistisch overzicht opgesteld door de Marktmeester van Den Haag. Het doel is om het prijsverschil aan te tonen tussen de oude wijze van belasten (op basis van het volume van het vaartuig in kubieke meters) en de nieuwe of feitelijke kosten wanneer er per verpakkingseenheid (colli, zoals zakken, manden of vaten) wordt gerekend.

De rechterkolom toont extreme stijgingen in de effectieve kosten, variërend van 150% tot wel 1000% (een vertienvoudiging). Dit wijst op een significante tariefwijziging of een correctie op de marktgelden in die periode. Er wordt gedetailleerd ingegaan op de inhoud van de schepen (peulvruchten, aardappelen, sla, kool) en hun herkomstgebieden, wat inzicht geeft in de logistieke stromen naar de Haagse markt in 1920. In 1920 bevond Nederland zich in de nasleep van de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, was er sprake van flinke inflatie en economische herstructurering. De overgang van het heffen van gelden op basis van scheepsinhoud naar een tarief per eenheid product was waarschijnlijk een poging van het marktbestuur om de inkomsten te moderniseren en in lijn te brengen met de werkelijke waarde of hoeveelheid van de verhandelde goederen.

De genoemde plaatsen (het Westland, de Langedijk, Roelofarendsveen) vormden toen – en deels nu nog steeds – de 'groentetuin' van Nederland, die de grote steden via de binnenwateren van verse producten voorzagen. De opmerking in de marge suggereert dat de ontvanger van dit document (mogelijk een wethouder of de gemeenteraad) specifiek vroeg naar de frequentie van deze transporten om de totale financiële impact van de prijsverhoging te kunnen berekenen.

Samenvatting

Dit document is een statistisch overzicht opgesteld door de Marktmeester van Den Haag. Het doel is om het prijsverschil aan te tonen tussen de oude wijze van belasten (op basis van het volume van het vaartuig in kubieke meters) en de nieuwe of feitelijke kosten wanneer er per verpakkingseenheid (colli, zoals zakken, manden of vaten) wordt gerekend.

De rechterkolom toont extreme stijgingen in de effectieve kosten, variërend van 150% tot wel 1000% (een vertienvoudiging). Dit wijst op een significante tariefwijziging of een correctie op de marktgelden in die periode. Er wordt gedetailleerd ingegaan op de inhoud van de schepen (peulvruchten, aardappelen, sla, kool) en hun herkomstgebieden, wat inzicht geeft in de logistieke stromen naar de Haagse markt in 1920.

Historische Context

In 1920 bevond Nederland zich in de nasleep van de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, was er sprake van flinke inflatie en economische herstructurering. De overgang van het heffen van gelden op basis van scheepsinhoud naar een tarief per eenheid product was waarschijnlijk een poging van het marktbestuur om de inkomsten te moderniseren en in lijn te brengen met de werkelijke waarde of hoeveelheid van de verhandelde goederen.

De genoemde plaatsen (het Westland, de Langedijk, Roelofarendsveen) vormden toen – en deels nu nog steeds – de 'groentetuin' van Nederland, die de grote steden via de binnenwateren van verse producten voorzagen. De opmerking in de marge suggereert dat de ontvanger van dit document (mogelijk een wethouder of de gemeenteraad) specifiek vroeg naar de frequentie van deze transporten om de totale financiële impact van de prijsverhoging te kunnen berekenen.

Kooplieden in dit dossier 31

H.L. Bonte Waterlooplein 380
H.L. Bonte Waterlooplein 150
V.V.O. Diverse Waterlooplein 4,10-8,50
V.V.O. Diverse Waterlooplein -
V.V.O. Diverse Waterlooplein *433 „ 200 Malta*
V.V.O. Diverse Waterlooplein *H. O. K.*
A. Geboorte Waterlooplein *"*
R. Eigenheimers Waterlooplein 4,10
R. Eigenheimers Waterlooplein *Drente*
R. Eigenheimers Waterlooplein -
E.A. Borgerstr Waterlooplein 3,25. 6,45
A. Geboorte Waterlooplein *Friesland*
Geldersche Bravo's Waterlooplein -
A. Groenten Waterlooplein 1549
79 gulden). " 0,23
B. Schelvisch " 0,45
Polder poters Waterlooplein -
Rijper *Limburgsche industrie* Waterlooplein *Limburg*
K. Bloemen Waterlooplein 222
R. Eigenheimers Waterlooplein *N. Holl. eilanden*
Zeeuwsche blauwen Waterlooplein 10.- 10,75
A. Geboorte Waterlooplein *Zeeland*
Alle 31 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2