Ambtelijke rapportage / brief
Origineel
Ambtelijke rapportage / brief 21 juni 1920 № 1435 M. 1920. 22/6
MARKTWEZEN VAN AMSTERDAM.
AMSTERDAM, 21 Juni 1920.
Keizersgracht 756.
№ 1435 M.
BIJLAGEN.
Den Heer
Directeur v/h Marktwezen.
Naar aanleiding van boven aangehaald schrijven heb ik de eer, U mede te deelen, dat ik, ingevolge opdracht, het gedeelte van het J. D. Meijerplein heb bezocht en tot de conclusie ben gekomen, dat daar wel een 15 à 20 karren met visch geplaatst kunnen worden. Ik ben echter van meening, dat bovengenoemd verzoek alvorens daaromtrent een beslissing genomen wordt, weleens nauwkeurig bekeken mag worden. Het is mij nl. gebleken, dat door de Politie aan deze venters een standplaats is aangewezen op Uilenburg, zoodat, wanneer door U een andere plaats wordt voorgesteld, dit niet anders kan gebeuren dan na overleg met de Politie.
Bovendien zou, wanneer dit plein als dagmarkt wordt aangewezen de Verordening opnieuw [afgebroken, tekst loopt door op volgende pagina] * Kernboodschap: De brief betreft een inspectie van het Jonas Daniël Meijerplein om te bepalen of er ruimte is voor viskarren. De inspecteur concludeert dat er fysiek plek is voor 15 tot 20 karren.
* Belemmeringen: De auteur waarschuwt voor twee complicaties:
1. Jurisdictie van de Politie: De visventers hebben reeds een toegewezen plek op Uilenburg door de politie. Verplaatsing vereist ambtelijk overleg.
2. Regelgeving: Het officieel aanwijzen van het plein als dagmarkt heeft juridische gevolgen voor de bestaande marktverordeningen.
* Taalgebruik: Het document is geschreven in de formele, ambtelijke stijl van de vroege 20e eeuw (bijv. "heb ik de eer, U mede te deelen"). Dit document biedt een inkijkje in de regulering van de Amsterdamse straathandel in de jaren '20. Het Jonas Daniël Meijerplein en de nabijgelegen wijk Uilenburg vormden destijds het centrum van de Joodse buurt, waar de vis- en straathandel een vitale rol speelde in het dagelijks leven. Het document illustreert de spanning tussen de fysieke mogelijkheden van de stad en de noodzaak tot strikte politiële en juridische handhaving van marktlocaties. Het toont aan dat beslissingen over de inrichting van de openbare ruimte toen al een proces waren van afstemming tussen verschillende gemeentelijke diensten. D. Meijerplein Marktwezen Politie
Samenvatting
- Kernboodschap: De brief betreft een inspectie van het Jonas Daniël Meijerplein om te bepalen of er ruimte is voor viskarren. De inspecteur concludeert dat er fysiek plek is voor 15 tot 20 karren.
- Belemmeringen: De auteur waarschuwt voor twee complicaties:
- Jurisdictie van de Politie: De visventers hebben reeds een toegewezen plek op Uilenburg door de politie. Verplaatsing vereist ambtelijk overleg.
- Regelgeving: Het officieel aanwijzen van het plein als dagmarkt heeft juridische gevolgen voor de bestaande marktverordeningen.
- Taalgebruik: Het document is geschreven in de formele, ambtelijke stijl van de vroege 20e eeuw (bijv. "heb ik de eer, U mede te deelen").
Historische Context
Dit document biedt een inkijkje in de regulering van de Amsterdamse straathandel in de jaren '20. Het Jonas Daniël Meijerplein en de nabijgelegen wijk Uilenburg vormden destijds het centrum van de Joodse buurt, waar de vis- en straathandel een vitale rol speelde in het dagelijks leven. Het document illustreert de spanning tussen de fysieke mogelijkheden van de stad en de noodzaak tot strikte politiële en juridische handhaving van marktlocaties. Het toont aan dat beslissingen over de inrichting van de openbare ruimte toen al een proces waren van afstemming tussen verschillende gemeentelijke diensten.