Archief 745
Inventaris 745-283
Pagina 313
Dossier 29
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijke brief / Besluit.

3 juni 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Gemeente Amsterdam).

Origineel

Ambtelijke brief / Besluit. 3 juni 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Gemeente Amsterdam). [Rechtsboven handgeschreven:] M. de Leer
[Middenboven handgeschreven:] Verzonden 5/6

[Links:]
vP/HG.
30/36/2 M.

[Rechts:]
3 Juni 1939.

[Adresgegegevens:]
den Heer R. Koster,
Diezestraat 3 I,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 22C.

[Inhoud:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 11 Mei jl. verleen ik Uw vader hierbij alsnog gedurende ten hoogste drie maanden na dato dezes toestemming om zich op zijn plaatsen op de markten Waterlooplein en Westerstraat te laten vervangen door L. Koster. Indien Uw vader echter na verloop van vorenvermelden termijn nog niet in staat zou zijn, om de marktplaatsen persoonlijk te bezetten, zullen deze hem worden ontnomen, zulks op grond van de desbetreffende bepalingen van het Reglement op de Markten. U dient hiermede rekening te houden.

[Ondertekening:]
De Directeur, De brief is een formele, bureaucratische reactie op een verzoek van R. Koster om zijn vader te laten vervangen op diens marktplaatsen. Uit de tekst valt op te maken dat de vader van de geadresseerde blijkbaar door omstandigheden (waarschijnlijk ziekte of gebrek) niet in staat is zijn nering persoonlijk uit te oefenen. De directie verleent een eenmalige en strikt gelimiteerde dispensatie van drie maanden, waarbij L. Koster (vermoedelijk een ander familielid) als vervanger mag optreden. De brief bevat een expliciete waarschuwing: het niet tijdig hervatten van de werkzaamheden zal leiden tot het definitief intrekken van de marktvergunningen op basis van het vigerende marktreglement. De toon is zakelijk en onverbiddelijk, typerend voor de ambtelijke correspondentie uit die periode. Dit document stamt uit juni 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De genoemde locaties zijn historisch significant: het Waterlooplein was destijds het hart van de Joodse markt in Amsterdam. De achternaam Koster was een veelvoorkomende naam binnen de Joodse gemeenschap van de stad. Ook de woonplaats van de geadresseerde, de Diezestraat in de Rivierenbuurt, was een wijk waar in de jaren '30 veel (vaak uit Duitsland gevluchte) Joodse gezinnen woonden.

In deze periode was een marktvergunning van levensbelang voor het inkomen van een gezin. De strikte handhaving van de regels door het Marktwezen, zoals in deze brief verwoord, toont aan hoe precair de positie van marktkooplieden was; een langdurige ziekte kon direct leiden tot het verlies van hun bestaansmiddelen.

Samenvatting

De brief is een formele, bureaucratische reactie op een verzoek van R. Koster om zijn vader te laten vervangen op diens marktplaatsen. Uit de tekst valt op te maken dat de vader van de geadresseerde blijkbaar door omstandigheden (waarschijnlijk ziekte of gebrek) niet in staat is zijn nering persoonlijk uit te oefenen. De directie verleent een eenmalige en strikt gelimiteerde dispensatie van drie maanden, waarbij L. Koster (vermoedelijk een ander familielid) als vervanger mag optreden. De brief bevat een expliciete waarschuwing: het niet tijdig hervatten van de werkzaamheden zal leiden tot het definitief intrekken van de marktvergunningen op basis van het vigerende marktreglement. De toon is zakelijk en onverbiddelijk, typerend voor de ambtelijke correspondentie uit die periode.

Historische Context

Dit document stamt uit juni 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De genoemde locaties zijn historisch significant: het Waterlooplein was destijds het hart van de Joodse markt in Amsterdam. De achternaam Koster was een veelvoorkomende naam binnen de Joodse gemeenschap van de stad. Ook de woonplaats van de geadresseerde, de Diezestraat in de Rivierenbuurt, was een wijk waar in de jaren '30 veel (vaak uit Duitsland gevluchte) Joodse gezinnen woonden.

In deze periode was een marktvergunning van levensbelang voor het inkomen van een gezin. De strikte handhaving van de regels door het Marktwezen, zoals in deze brief verwoord, toont aan hoe precair de positie van marktkooplieden was; een langdurige ziekte kon direct leiden tot het verlies van hun bestaansmiddelen.

Kooplieden in dit dossier 10