Archiefdocument
Origineel
16 januari 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Gemeente Amsterdam). Den Heer S. Groen, Lepelstraat 77 II, Amsterdam-Centrum. [Rechtsboven, handgeschreven in potlood:]
Zen. Hr. de Raer.
[Midden boven, getypt:]
vP/HG.
[Linksboven, getypt en handgeschreven:]
30/78/2 M. 1939
[In rood potlood:] Verzonden 17/1-’40
[Rechtsmidden, getypt:]
16 Januari 1940.
den Heer S.Groen,
Lepelstraat 77 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 10.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 18 December jl. verleen ik U hierbij gedurende ten hoogste drie maanden na dato dezes uitstel van Uw verplichting om regelmatig Uw plaats op de markt Waterlooplein te bezetten, mits U zorg-draagt, dat het ook tijdens Uw afwezigheid verschuldigde marktgeld geregeld wordt betaald.
De Directeur, De brief is een formeel besluit van de Amsterdamse marktmeester of directeur van de markten. De ontvanger, de heer S. Groen, heeft verzocht om tijdelijk zijn standplaats op de markt aan het Waterlooplein niet te hoeven bezetten. De directie gaat hiermee akkoord voor een periode van maximaal drie maanden, ingaande vanaf de datum van de brief. De cruciale voorwaarde voor dit uitstel is de continuering van de betaling van het marktgeld; het recht op de plek bleef dus alleen behouden zolang er voor betaald werd. De administratieve aantekening "Verzonden 17/1-'40" in rood potlood bevestigt de daadwerkelijke verzending van het origineel één dag na het opstellen. Dit document is historisch relevant vanwege de datum en de locatie. Januari 1940 was de periode van de 'Schemeroorlog', slechts enkele maanden voor de Duitse inval in Nederland. De ontvanger, S. Groen, woonde in de Lepelstraat, in het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam. Uit historisch brononderzoek (zoals het Joods Monument) blijkt dat op het adres Lepelstraat 77-II de koopman Samuel Groen woonde. De markt op het Waterlooplein was de belangrijkste markt voor de Joodse gemeenschap. Dit document illustreert de strikte ambtelijke regelgeving waaraan marktkooplieden onderworpen waren, zelfs in een tijd van toenemende politieke en economische spanning. Voor veel Joodse Amsterdammers zou het leven en het werk op de markt na mei 1940 door de anti-Joodse maatregelen van de bezetter drastisch en fataal veranderen. S. Groen Gemeente Amsterdam