Brief (verzoekschrift/klacht).
Origineel
Brief (verzoekschrift/klacht). 20 maart 1939. H. Prins, gevestigd aan de Jodenhouttuin 32 III te Amsterdam. De Inspecteur van het Marktwezen, Amsterdam. № 31/17/ M. 1939 22/3
A’dam 20/3 1939
Aan den Heer mi. Insp.
Inspecteur van
Het Marktwezen
Geachte Heer
Ondergetekende wend zich langs
dezen weg tot U. met een verzoek
hem ter wille te zijn. U. had.
mij toendertijd bericht gestuurd mij
zooveel mogelijk van dienst te zijn in
zaken het plaatsen van Marktkraam
voor perceel Jodenhouttuin № 32 waar
ik een kapperszaak gevestigd heb.
Nu doet zich weer de zelfde kwestie
voor dat mijn winkelraam geheel wordt
ingenomen door ^(het?) plaatsen van Kraam,
terwijl het perceel grenzende aan mijn
zaak niet bewoond wordt maar enkel
voor opslagplaats dienst.
Hoopende dat u mij van dienst wilt
zijn en orde te geven dat Zondags
mijn winkel raam niet wordt ingenome.
Hoogachtend
H. Prins
Jodenhouttuin 32 3/ * Inhoud: De heer H. Prins, een kapper, beklaagt zich over het feit dat er op zondagen een marktkraam recht voor zijn winkeletalage wordt geplaatst. Hij herinnert de inspecteur aan een eerdere toezegging om hem hierin tegemoet te komen. Hij voert als argument aan dat het buurpand slechts als opslag dient en niet bewoond is, waardoor de kraam beter daarvoor geplaatst zou kunnen worden.
* Taal en Stijl: De brief is geschreven in een beleefde, ietwat formele toon die gebruikelijk was voor correspondentie met overheidsinstanties in de jaren '30 (bijv. "Ondergetekende wend zich", "ter wille te zijn"). Er zitten kleine spelfouten in ("wend" ipv "wendt", "ingenome" ipv "ingenomen"), wat wijst op een middenstander die een formele brief probeert op te stellen.
* Paleografie: Het handschrift is een vlot lopend, enigszins hellend cursief schrift uit de eerste helft van de 20e eeuw, goed leesbaar met duidelijke lussen. * Locatie: De Jodenhouttuin was een straat in de Joodse buurt van Amsterdam, nabij het Waterlooplein. Deze straat is na de Tweede Wereldoorlog grotendeels verdwenen door de sanering van de buurt en de aanleg van de metro.
* Historische context: De brief dateert van maart 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De afzender, wonend en werkend in het hart van de Joodse wijk, was naar alle waarschijnlijkheid van Joodse afkomst. Dit geeft de brief een extra laag van historische lading, aangezien de wereld van deze kleine ondernemer een jaar later drastisch zou veranderen door de bezetting.
* Marktwezen: De kwestie illustreert de voortdurende spanning tussen de belangen van vaste winkeliers en de ambulante handel (de markt) op en rond het drukke Waterlooplein, waar de Jodenhouttuin aan grensde. De vermelding van "Zondags" duidt erop dat de markt destijds op zondag actief was, wat typerend was voor de Joodse buurt (waar de rustdag op zaterdag viel). H. Prins Marktwezen