Getypte officiële brief (vermoedelijk een doorslag of archiefkopie).
Origineel
Getypte officiële brief (vermoedelijk een doorslag of archiefkopie). 3 juni 1939. De Directeur (waarschijnlijk van de Dienst der Markten, Gemeente Amsterdam). vP/HG.
31/27/2 M.
extra
3 Juni 1939.
den Heer L. Koning,
1e Jan Steenstraat 65 hs,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 17.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 16 Mei jl. ver-
leen ik U hierbij alsnog tot uiterlijk 18 Juni a.s. uitstel
van Uw verplichting om Uw plaats op de markt Uilenburg te
bezetten.
De Directeur, Deze brief is een formeel besluit van een gemeentelijke instantie. De kern van de boodschap is dat de heer Koning uitstel krijgt tot 18 juni 1939 voor zijn verplichting om zijn marktplaats te bezetten. Voor markthandelaren was (en is) het vaak verplicht om een minimum aantal dagen aanwezig te zijn om hun standplaatsvergunning niet te verliezen. Het uitstel volgt op een verzoekbrief van de handelaar zelf van 16 mei.
De opmaak is typisch voor vooroorlogse ambtelijke correspondentie: zakelijk, beknopt en voorzien van diverse archiefkenmerken. De vermelding "Wijk 17" bij het adres verwijst naar de administratieve wijkindeling die de betreffende dienst hanteerde. Het document dateert van juni 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De genoemde markt Uilenburg bevond zich in het hart van de oude Joodse wijk (de Jodenbuurt) van Amsterdam. Deze markt stond bekend om zijn levendigheid en het grote aantal Joodse kooplieden.
Gezien de locatie van de standplaats is het zeer aannemelijk dat de heer L. Koning deel uitmaakte van de Joodse gemeenschap in Amsterdam. In 1939 was de situatie voor deze gemeenschap reeds gespannen door de gebeurtenissen in nazi-Duitsland en de komst van vele vluchtelingen. Slechts een jaar na deze brief, na de Duitse inval in mei 1940, zouden de regels voor Joodse markthandelaren drastisch veranderen, wat uiteindelijk leidde tot de segregatie en het verdwijnen van de Joodse markten in de stad. L. Koning Gemeente Amsterdam