Brief/Verzoekschrift.
Origineel
Brief/Verzoekschrift. 8 februari 1939. L. Hijman, Linnaeusparkweg 76-I, Amsterdam. Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. [Rechtsboven, in potlood:]
Amsterdam. 8/2/39
[Paars stempel:]
Nº 33 / 3 / 2 M. 1939 ½
[In potlood bij stempel:] in map
Ondergeteekende, L. Hijman,
Linnaeusparkweg 76-I, losse
staanplaatshouder no 367,
markt Westerstraat, verzoekt
beleefd, aangezien hij wegens
ziekte van zijn vader S. Hijman,
Transvaalstr. 94, staanplaats 215,
tot nader bericht zijn moeder
moet assisteren, en hij dus niet
aan de loting kan deelnemen,
dit nummer te mogen behouden.
Bij voorbaat dankend,
Hoogachtend,
L Hijman [signatuur]
Aan den heer
Directeur van het marktwezen
Alhier.
[Rechtsonder, in potlood:] 33 Het document is een formeel verzoekschrift van L. Hijman aan de directeur van het Amsterdamse Marktwezen. De schrijver is een "losse staanplaatshouder" (nummer 367) op de markt in de Westerstraat.
De kern van het verzoek is een ontheffing of behoud van zijn marktpositie zonder deelname aan de reguliere loting. De reden hiervoor is een familieomstandigheid: de vader van de schrijver, S. Hijman (die zelf een staanplaats had op de Transvaalstraat), is ziek. L. Hijman geeft aan dat hij zijn moeder moet assisteren bij de kraam van zijn vader en daarom niet aanwezig kan zijn bij de loting voor zijn eigen nummer op de Westerstraat. Hij verzoekt daarom zijn huidige nummer (367) te mogen behouden.
De toon is formeel en beleefd, kenmerkend voor correspondentie met overheidsinstanties in die periode. De brief dateert van februari 1939, een periode van economische spanning en aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De namen (Hijman) en de genoemde locaties (Transvaalstraat en Linnaeusparkweg in Amsterdam-Oost) duiden op een Joodse achtergrond van de betrokkenen; deze buurten hadden in die tijd een grote Joodse populatie.
Het "Marktwezen" was de gemeentelijke dienst die de orde en regelgeving op de vele Amsterdamse dagmarkten handhaafde. De loting was een cruciaal onderdeel van dit systeem om eerlijke kansen te bieden op goede plekken, maar het betekende ook dat men fysiek aanwezig moest zijn om zijn rechten op een staanplaats te verdedigen of te vernieuwen. Dit verzoek toont de bureaucratische realiteit waar kleine handelaren mee te maken hadden wanneer persoonlijke noodsituaties botsten met de marktreglementen. L. Hijman S. Hijman Marktwezen