M. Berene
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Administratief bijblad/memorandum met handgeschreven conceptbrief en ambtelijke notities.
Het document is een ambtelijk werkblad waarop een antwoordbrief is geconceptueerd. De tekst is geschreven in de formele, hoffelijke stijl die kenmerkend was voor de Nederlandse bureaucratie in de eerste helft van de 20e eeuw. De kern van de correspondentie betreft een verzoek van een bedrijf ("Alg. Confectiehandel", afdeling van een zekere Thomsen) om met het personeel een bezoek te brengen aan de **Centrale Markt**. De schrijver (waarschijnlijk een functionaris van de markt of het desbetreffende wethouderschap) stemt hierin toe en stelt logistieke voorwaarden: het bezoek kan op werkdagen (behalve zaterdagochtend na 9:00 uur) en in groepen van maximaal 30 personen. De afkorting **"M - D - W. D - V."** staat zeer waarschijnlijk voor *"Mijnheer De Wethouder Der Voorzieningen"*, een cruciale post in Amsterdam tijdens de oorlogsjaren. De marginale notities geven inzicht in de bredere ambtelijke context: * **"M. Boeren bespreken"**: Een instructie om dit met een collega genaamd Boeren te overleggen. * **De P.D.-notitie**: Een informele vraag over de voortgang van de "net-woning verzorging" (mogelijk een term voor woningtoewijzing of noodvoorzieningen), wat aangeeft dat dit bijblad door meerdere handen is gegaan voor verschillende lopende zaken.
Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie).
Deze brief is een ambtelijk antwoord op een verzoek van Professor Carol van het Laboratorium voor Huidziekten van het Binnengasthuis. Het verzoek betrof blijkbaar het ophalen van afvalstoffen. De directeur van de betreffende (niet nader genoemde) dienst geeft aan dat hij akkoord gaat met het verzoek, mits er contact wordt opgenomen met de bedrijfschef voor de praktische uitvoering. Cruciaal in de brief is de juridische/administratieve kanttekening: er is voor het ophalen van afvalstoffen een formele gemeentelijke vergunning nodig. De professor wordt doorverwezen naar de Directeur der Stadsreiniging om deze vergunning aan te vragen. De stijl is formeel en beleefd ("heb ik de eer U te berichten"), kenmerkend voor de Nederlandse ambtenarij in de eerste helft van de 20e eeuw.
Ambtelijk memorandum/bijblad met handgeschreven notities.
Het document betreft een administratieve beslissing aangaande een straf die is opgelegd aan een persoon genaamd Schellies (of Schellens). De schrijver van het memo stelt vast dat er geen reden is om de straf in te trekken. De kern van de zaak is de "ontzegging van toegang tot het Bureau". Er wordt verduidelijkt dat de gemeente de zaak van Schellies niet kan sluiten, maar dat de persoon zelf verbannen is. Er wordt opgemerkt dat de gestrafte via een omweg (familieleden of relaties) nog steeds goederen kan verkrijgen, zolang het niet gaat om strikt gedistribueerde (op de bon zijnde) artikelen. Schellies klaagt zelf over aanzienlijke zakelijke schade door deze maatregel.
Relevante Archieffragmenten
M. de Haan.
- 3 -
Div. bylagen (w.o. teek).
# TRANSCRIPTIE Mijnheer R.
# TRANSCRIPTIE [Links bovenin een klein merkje, mogelijk een 'i' of vinkje] Molenaar 'B <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> 16/12 '43 Markt Dapperstraat B [onderstreept]