H. Engel
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Ambtelijke brief/correspondentie.
In deze brief rapporteert de directeur (waarschijnlijk van de Marktdienst) aan de Wethouder voor de Levensmiddelen over een overtreding door twee marktkraamhouders: A. Brinksma en H. Engel. Zij zijn betrapt op het verkopen van gebak zonder dat daar de vereiste distributiebonnen voor werden geïnd ("bonloos gebak"). De directeur heeft de twee kooplieden reeds een directe schorsing van 14 dagen opgelegd (ingaande 23 september 1943). Hij verzoekt de wethouder echter om de Burgemeester te laten besluiten hen voor *onbepaalde tijd* van de markten te weren, ingaande op 7 oktober 1943 (direct aansluitend op de eerste schorsing). Dit wijst op een streng handhavingsbeleid ten aanzien van distributiefraude.
Handgeschreven verzoekschrift op gelinieerd papier.
Het document is een formeel verzoek van een Amsterdamse burger aan de directeur van het Marktwezen. De schrijver, H. Engel, verzoekt om herstel van zijn standplaats op de Albert Cuypmarkt. **Opvallende punten:** * **Motivering:** Engel voert aan dat hij sinds oktober 1942 al op de markt stond met "koek en aanverwante artikelen". * **Sociaal-economische noodzaak:** Hij is afgekeurd voor de "Werkverschaffing" vanwege een hartkwaal en zijn leeftijd (58 jaar). In de context van de tijd was men vaak aangewezen op dergelijke zware arbeidsprojecten, tenzij men medisch ongeschikt was. * **Taalgebruik:** Het taalgebruik is typisch voor de tijd, met archaïsche spelling en zinsbouw ("Redene aangezien", "ende", "Uwerzijdes teeken ik"). * **Administratieve sporen:** De "Z.O.Z." (Zie Ommezijde) en de stempels duiden erop dat dit document deel uitmaakte van een lopend ambtelijk dossier over marktvergunningen.
Officiële kennisgeving/strafbeschikking.
Het document is een zakelijke en dwingende mededeling aan een marktkraamhouder (H. Engel) die actief was op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De kern van de overtreding is het verkopen van luxe goederen ("gebak en/of koek") zonder de vereiste distributiebonnen. In de administratieve taal van de bezettingstijd wordt dit direct gekoppeld aan het "in gevaar brengen van de goede orde". De straf is onmiddellijk effectief: een schorsing van twee weken (14 dagen). Opvallend is dat de brief op de dag dat de straf ingaat (23 september) is gedateerd, wat duidt op een zeer snelle handhaving of een directe uitvoering na constatering. De dreiging met een langere uitsluiting via de Burgemeester onderstreept de ernst waarmee de autoriteiten destijds toezagen op het bonnenstelsel.
Extract uit het "Boek der Besluiten van den Burgemeester van Amsterdam".
* **Juridische inhoud:** Het document betreft een administratieve sanctie. Twee personen, A. Brinksma en H. Engel, krijgen een toegangsverbod voor onbepaalde tijd voor alle Amsterdamse markten. * **Aanleiding:** De overtreding is het verkopen van "bonloos gebak" op de Albert Cuypmarkt. In de context van de bezettingsjaren was dit een economisch delict, aangezien voedsel strikt gerantsoeneerd was en alleen via distributiebonnen verkocht mocht worden. * **Procesgang:** De straf volgt op een eerdere tijdelijke ontzegging van 14 dagen door de directeur van het Marktwezen. De burgemeester bekrachtigt hier een verzwaring naar een verbod voor onbepaalde tijd. * **Bestuurlijke indeling:** Opvallend is de curieuze combinatie van portefeuilles van de wethouder: "Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen", wat de specifieke oorlogsorganisatie van het stadsbestuur weerspiegelt.
Relevante Archieffragmenten
M. de Haan.
Eendrachtstr. 9 hs V 4.5.13 J 010723 J.Elsas Blasiusstr.122 IIIV 1.7.23 J 190822 S.v.Emrik Zwanenb.wal 34 hs V 19.8.22 J 010321 H.v.Engel Pythagorasstr.49 hsV 1.3.21 J 120123 S. Erwteman Duivelandstr.27 hs 12.1.23 J 67724 SW S.Frankenhuis Maritzstr.19 III V 9.12.00 * = geb.datum
# TRANSCRIPTIE (Bovenaan links) J. v. Druijne S. Engelsman J. Goudketting G. Hanou W.F. Hoekstra
(Bovenaan midden) @ A. Hegeman A. Lopes Dias L. Caransa
[Rechtsboven in de marge:] F.H. 7. 6000. 50 hv. 754. 12-'38