W.W. v. d. Voorn
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Handgeschreven brief.
In deze brief verzoekt W.W. v. d. Voorn, een visverkoper uit Amsterdam, om een verhoging van zijn quotum zoetwatervis van een "enkele" naar een "dubbele toewijzing". Hij baseert zijn verzoek op historische verkoopcijfers van vóór de oorlog (1940) en uit zijn onvrede over het feit dat concurrenten die voorheen nooit in vis handelden, nu wel een dubbele toewijzing ontvangen. Als bewijs voor zijn status als erkend handelaar voert hij een ongevraagd schrijven van de "Visscherij Centrale" uit 1942 aan. De tekst bovenaan de brief ("afwijzen") suggereert dat de behandelende instantie het verzoek niet heeft gehonoreerd.
Koopliedenlijsten
Waterlooplein — standplaats 7
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE No. 95/6/1 M. 1939 AFSCHRIFT. ________________________________________ GEMEENTE AMSTERDAM. Afd. L.M. Amsterdam, 29 April 1939. No. 68/83 -1936- Bijlagen. De venter W.H. de Wit, oud 54 jaar, wonende Fahrenheit- straat 59, (St. No. 56416) wiens naam voorkomt op lijst No. 2 van de geblokkeerde ventvergunningen en die deswege ter Secretarie werd opgeroepen, deelde dezer dagen ...
# TRANSCRIPTIE **PRO JUSTITIA.** No. **77/43/h/17.1939** **PROCES-VERBAAL.** Gezien [Handgeschreven paraaf/datum: **4/7 39**] Art. 461 W. v. S.
# TRANSCRIPTIE den heer W. v. Cheven In aansluiting op mijnen brief dd. 6 Augs. jl. no. 24/12/2 M en in verband met het onderhoud, dat ik te dezen met U had, deel ik U mede, dat de U, in mijn vorengenoemden brief opgelegde straf, voorloopig, tot nader order door mij is opgeschort. [Initialen, mogelijk W.W. of H.H.] [Rode paraaf/onderstreping]
# TRANSCRIPTIE W. H. de Wit, Fahrenheitstraat 59 \_________________ oud 54 jaar (geb. 11-5-1885) ; St. no. 56416 Ventvergunning serie S - no. 245; voor boekjaar 1939 / 1940 verlengd op 30/5 (com. G. S. — Zuid)
# TRANSCRIPTIE [Handgeschreven, diagonaal:] *Extra* [Rechtsboven:] G. 11/7/2 M. 3 Mei 1939. den Heer W.H. Coury, Reigerweg 1, p/a J.G. Assink, <u>Amsterdam-Noord.</u> Wyk Noord. Naar aanleiding van Uw op 24 April jl. aan den heer Wethouder voor de Publieke Werken gerichten brief bericht ik U hierby, dat aan Uw sollicitatie geen gevolg kan worden gegeven. De Directeur,