Archief 745
Inventaris 745-267
Pagina 186
Dossier 37
Jaar 1939
Stadsarchief

Gedrukte pagina’s uit een boek of economisch rapport (pag. 30 en 31).

Origineel

Gedrukte pagina’s uit een boek of economisch rapport (pag. 30 en 31). [Pagina 30]

30

ge groote vlakten omenten met andere soorten, evenals Spanje. Als verdere ongunstige omstandigheid komt hier nog bij, dat velen de grapefruit liever als blikfruit eten dan versch. De enorme vooruitgang op dit gebied verschaft het publiek gedurende het geheele jaar dit fruit, precies volgens zijn smaak klaargemaakt. Dat de handel in versch fruit hieronder moet lijden is duidelijk. In de Vereenigde Staten zijn nu 13.2 millioen boomen, hiervan zijn 3.1 millioen nog niet dragend. De totale wereldoogst zal over eenige jaren ruim 35.000000 kisten bedragen. Gedurende het seizoen 36/37 werd 37% van de Florida’sche grapefruit, onverkoopbaar als versch fruit in blik ingemaakt.

De ontwikkeling der grapefruit-industrie is in de volgende tabel weergegeven.

Tabel 14.
| Seizoenen | Totale productie i/d V.S.x) | Export Totaal | Nov. Apr. | Geëxporteerd naar x) | | Bewerkt in Florida (in kisten van 24 blikken) | |
| :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- |
| | | | | Engeland | Continent Europa | Segmenten | Sap |
| 1931/32 | 15149 | 1.119 | 352 | 334 | 18 | 2724489 | 412066 |
| 1932/33 | 15353 | 905 | 214 | 205 | 9 | 895962 | 235034 |
| 1933/34 | 14353 | 1.000 | 258 | 243 | 15 | 2161075 | 725967 |
| 1934/35 | 21367 | 1.020 | 146 | 130 | 16 | 2184577 | 610115 |
| 1935/36 | 18329 | 900 | 153 | 126 | 27 | 3588042 | 2236726 |
| 1936/37 | 30281 | 704 | 30 | 20 | 10 | 2251775 | 1758497 |

x) Opgegeven in duizendtallen.

[Pagina 31]

31

Volgens C. E. Lindsay ⁸), den president van de Florida Grapefruit Canners Association, bedroeg de som, welke in het seizoen 1936/1937 aan planters en verschepers voor grapefruit door zijn vereeniging werd betaald $ 3.401.407,79 (= f 6.122.534,79). Ongeveer 37% van den geheelen grapefruitoogst werd door zijn vereeniging gekocht en verhandeld, waarbij voor den planter een gemiddelden prijs werd behaald, die iets hooger was dan voor de 2de soort gemiddeld op de veilingen van de V.S. werd verkregen. Per veldkist werd den planters, in de plantage geleverd, ongeveer f 0.90 betaald. (Volgens Hewitt ⁷) wordt op Trinidad $ 0.45 (= f 0.81) per veldkist, culls, betaald.) Deze vereeniging werkt sinds 1924 en het is zeker interessant te lezen in dit artikel, dat: „Our first year of operation we sold our goods at five dollars per case of twenty-four cans of grapefruit segments. The past season, we sold this same package at a dollar and twenty-five cents. The year we sold at five dollars per case, we paid growers fifteen cents per box less than we paid during the past for their grapefruit.”

In Europa is Engeland nog steeds de grootste consument voor dit fruit. Het importeert meer dan geheel overig Europa. Gedurende 1931/33 werden 42.000 ton in Engeland ingevoerd, in 1934/36 55.000 ton. Het verbruik per hoofd was in 1930 1.3 lbs. en 1.8 lbs. in 1933, 2.7 lbs. in 1935 en daalde een weinig tot 2.6 lbs. in 1937. In de V. S. was het verbruik per hoofd in 1931: 10.3 lbs, waarna het daalde tot 6.7 lbs. in 1935. Terwijl er dus een afnemende vraag is, stijgt het aanbod, zoo beginnen de West-Indische eilanden en andere Britsche kolonies, die van de Imperial Preference genieten, steeds meer te produceeren.

Britsch-West-Indië importeerde als volgt in Engeland:

in 1934/35 128000 kisten
in 1935/36 190000 „
en in 1936/37 144000 „ , dus weer een vermindering, terwijl er tevens door het West Indian Committee pogingen worden gedaan om speciale protectieve rechten in Engeland voor hun grapefruit te verkrijgen, omdat ze bij de huidige prijzen de toekomst zeer donker inzien ²⁰). Wanneer men dan verder ziet, dat de hoofdconsumenten Engeland en Amerika zijn en dat Holland slechts kleine, zij het dan ook sterk stijgende hoeveelheden neemt, in 1933 voerde Amsterdam slechts 6000 stuks (50 kisten) in tegen in 1937 reeds 794000 stuks (6616 kisten), wanneer men verder mag aannemen, dat er niet veel kans is, om dit fruit in Holland zeer populair te maken, gezien de vele moeite, die het klaarmaken van een grapefruit kost, waardoor het niet gemakkelijk een populair fruit zal worden en als men dan voor de oogstverwachting voor Amerika leest, dat voor 1938/39 een grape-

--- Deze tekst is een gedetailleerde economische analyse van de grapefruitmarkt aan het einde van de jaren dertig. De kernpunten zijn:

  1. Verschuiving naar Verwerking: Er is een duidelijke trend zichtbaar van vers fruit naar ingemaakt fruit ("blikfruit"). In het seizoen 1936/37 werd maar liefst 37% van de oogst in Florida verwerkt tot segmenten of sap in blik. De auteur stelt dat de handel in vers fruit hieronder lijdt.
  2. Overproductie en Prijsdruk: De totale productie in de VS steeg enorm (van circa 15 miljoen kisten in 1931/32 naar ruim 30 miljoen in 1936/37), terwijl de prijzen dramatisch daalden. Het citaat van C.E. Lindsay illustreert dit: de prijs per doos blikfruit daalde van $ 5,00 naar $ 1,25 over een periode van ongeveer 13 jaar.
  3. Consumptiepatronen: Engeland is de belangrijkste Europese markt, maar de consumptie per hoofd van de bevolking stagneert of daalt zelfs licht. In de VS is de daling in consumptie per hoofd nog sterker (van 10.3 naar 6.7 lbs).
  4. De Nederlandse Markt: De markt in Nederland (met name Amsterdam) groeit weliswaar relatief snel in percentages, maar blijft in absolute aantallen marginaal vergeleken met de VS en Engeland. De auteur is pessimistisch over de toekomst van de grapefruit in Nederland, omdat de bereiding ("vele moeite") een brede populariteit in de weg zou staan.

--- Dit document stamt uit de periode van het interbellum, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het weerspiegelt de groeiende industrialisatie van de landbouw; de opkomst van grootschalige conserveringstechnieken maakte seizoensgebonden producten het hele jaar door beschikbaar.

Economisch gezien bevond de wereld zich nog in de nasleep van de Grote Depressie. Dit verklaart de enorme druk op de prijzen en de roep om protectionisme. De "Imperial Preference" die in de tekst wordt genoemd, verwijst naar het systeem van handelstarieven binnen het Britse Rijk (vastgesteld tijdens de Ottawa-conferentie in 1932), waarbij producten uit de koloniën (zoals Brits-West-Indië) bevoordeeld werden op de Britse markt ten opzichte van Amerikaanse producten. De tekst toont de vrees van producenten voor een verzadigde markt en de noodzaak om nieuwe markten aan te boren of bestaande markten te beschermen.

Samenvatting

Deze tekst is een gedetailleerde economische analyse van de grapefruitmarkt aan het einde van de jaren dertig. De kernpunten zijn:

  1. Verschuiving naar Verwerking: Er is een duidelijke trend zichtbaar van vers fruit naar ingemaakt fruit ("blikfruit"). In het seizoen 1936/37 werd maar liefst 37% van de oogst in Florida verwerkt tot segmenten of sap in blik. De auteur stelt dat de handel in vers fruit hieronder lijdt.
  2. Overproductie en Prijsdruk: De totale productie in de VS steeg enorm (van circa 15 miljoen kisten in 1931/32 naar ruim 30 miljoen in 1936/37), terwijl de prijzen dramatisch daalden. Het citaat van C.E. Lindsay illustreert dit: de prijs per doos blikfruit daalde van $ 5,00 naar $ 1,25 over een periode van ongeveer 13 jaar.
  3. Consumptiepatronen: Engeland is de belangrijkste Europese markt, maar de consumptie per hoofd van de bevolking stagneert of daalt zelfs licht. In de VS is de daling in consumptie per hoofd nog sterker (van 10.3 naar 6.7 lbs).
  4. De Nederlandse Markt: De markt in Nederland (met name Amsterdam) groeit weliswaar relatief snel in percentages, maar blijft in absolute aantallen marginaal vergeleken met de VS en Engeland. De auteur is pessimistisch over de toekomst van de grapefruit in Nederland, omdat de bereiding ("vele moeite") een brede populariteit in de weg zou staan.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van het interbellum, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het weerspiegelt de groeiende industrialisatie van de landbouw; de opkomst van grootschalige conserveringstechnieken maakte seizoensgebonden producten het hele jaar door beschikbaar.

Economisch gezien bevond de wereld zich nog in de nasleep van de Grote Depressie. Dit verklaart de enorme druk op de prijzen en de roep om protectionisme. De "Imperial Preference" die in de tekst wordt genoemd, verwijst naar het systeem van handelstarieven binnen het Britse Rijk (vastgesteld tijdens de Ottawa-conferentie in 1932), waarbij producten uit de koloniën (zoals Brits-West-Indië) bevoordeeld werden op de Britse markt ten opzichte van Amerikaanse producten. De tekst toont de vrees van producenten voor een verzadigde markt en de noodzaak om nieuwe markten aan te boren of bestaande markten te beschermen.

Gerelateerde Documenten 4