Archief 745
Inventaris 745-276
Pagina 361
Dossier 24
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtsbericht / Adviesnota

2 augustus 1939 Van: Waarschijnlijk een marktmeester of controleur (getekend: W. Bakker) Aan: De Inspecteur bij het Marktwezen, Amsterdam

Origineel

Ambtsbericht / Adviesnota 2 augustus 1939 Waarschijnlijk een marktmeester of controleur (getekend: W. Bakker) De Inspecteur bij het Marktwezen, Amsterdam $N^o$ 25/119/1 M 39 27/7

Den Hr Inspecteur
b/h Marktwezen
Alhier

Advies

Aangaande het verzoek van Mw. v. d. Kar - Broeke.
bericht ik U het volgende;
De plaatshouder J. v. d. Kar pl. 96 Alb. Cuijpstr. is wegens
militaire dienstplicht niet in staat zelf zijn staanplaats in te nemen
Zijn vrouw, welke nu zijn plaats inneemt is daarvoor niet geschikt.
Gezien de gedwongen afwezigheid van pl. houder en ongeschikt-
heid der vrouw is haar verzoek voor inwilliging vatbaar.
Naam. geb. woonpl. van assistent is gewenscht.

Amsterdam 2/8 39
[w.g. W. Bakker] * Kernboodschap: De plaatshouder van kraam 96 op de Albert Cuypstraat (J. v.d. Kar) is opgeroepen voor militaire dienst. Zijn vrouw probeert de honneurs waar te nemen, maar wordt door de ambtenaar "niet geschikt" geacht voor het werk. Er wordt geadviseerd om haar verzoek (waarschijnlijk om een hulpkracht of assistent aan te stellen) in te willigen.
* Toon: Zakelijk, ambtelijk en adviserend.
* Opvallende details:
* De archaïsche spelling (bijv. "Cuijpstr.", "inwilliging vatbaar").
* De directheid waarmee de echtgenote als "niet geschikt" wordt bestempeld, wat typerend is voor de zakelijke rapportage uit die tijd, mogelijk doelend op de fysieke zwaarte van het marktwerk.
* De administratieve eis aan het eind: de persoonlijke gegevens (naam, geboortedatum, woonplaats) van de gewenste assistent moeten nog worden doorgegeven. Dit document is een tijdcapsule van de zomer van 1939. Terwijl de oorlogsdreiging in Europa toenam, begon Nederland met de voormobilisatie en later de algemene mobilisatie (augustus 1939). Dit had direct invloed op het dagelijks leven in Amsterdam: jonge mannen die normaal gesproken op de markt stonden, moesten plotseling "onder de wapenen".

De Albert Cuypmarkt was destijds al een cruciaal onderdeel van de Amsterdamse economie. Voor een familiebedrijf op de markt was het oproepen van de mannelijke plaatshouder een financiële catastrofe. Omdat de regels voor het exploiteren van een staanplaats streng waren (men moest in principe zelf aanwezig zijn), was officiële toestemming van de Inspecteur van het Marktwezen nodig om iemand anders de kraam te laten runnen. Dit document toont hoe de lokale bureaucratie probeerde mee te werken aan oplossingen voor gezinnen die door de naderende Tweede Wereldoorlog in de problemen kwamen.

Samenvatting

  • Kernboodschap: De plaatshouder van kraam 96 op de Albert Cuypstraat (J. v.d. Kar) is opgeroepen voor militaire dienst. Zijn vrouw probeert de honneurs waar te nemen, maar wordt door de ambtenaar "niet geschikt" geacht voor het werk. Er wordt geadviseerd om haar verzoek (waarschijnlijk om een hulpkracht of assistent aan te stellen) in te willigen.
  • Toon: Zakelijk, ambtelijk en adviserend.
  • Opvallende details:
    • De archaïsche spelling (bijv. "Cuijpstr.", "inwilliging vatbaar").
    • De directheid waarmee de echtgenote als "niet geschikt" wordt bestempeld, wat typerend is voor de zakelijke rapportage uit die tijd, mogelijk doelend op de fysieke zwaarte van het marktwerk.
    • De administratieve eis aan het eind: de persoonlijke gegevens (naam, geboortedatum, woonplaats) van de gewenste assistent moeten nog worden doorgegeven.

Historische Context

Dit document is een tijdcapsule van de zomer van 1939. Terwijl de oorlogsdreiging in Europa toenam, begon Nederland met de voormobilisatie en later de algemene mobilisatie (augustus 1939). Dit had direct invloed op het dagelijks leven in Amsterdam: jonge mannen die normaal gesproken op de markt stonden, moesten plotseling "onder de wapenen".

De Albert Cuypmarkt was destijds al een cruciaal onderdeel van de Amsterdamse economie. Voor een familiebedrijf op de markt was het oproepen van de mannelijke plaatshouder een financiële catastrofe. Omdat de regels voor het exploiteren van een staanplaats streng waren (men moest in principe zelf aanwezig zijn), was officiële toestemming van de Inspecteur van het Marktwezen nodig om iemand anders de kraam te laten runnen. Dit document toont hoe de lokale bureaucratie probeerde mee te werken aan oplossingen voor gezinnen die door de naderende Tweede Wereldoorlog in de problemen kwamen.

Locaties

Amsterdam

Gerelateerde Documenten 6