Archief 745
Inventaris 745-278
Pagina 213
Dossier 24
Jaar 1939
Stadsarchief

Officiële brief / Kennisgeving van strafoplegging.

Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Aan: Den Heer G. van Gelder, Roerstraat 117 hs, Amsterdam-Zuid. Dossier: 25/170/12

Origineel

Officiële brief / Kennisgeving van strafoplegging. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer G. van Gelder, Roerstraat 117 hs, Amsterdam-Zuid. Levo- Hr. de Boer.

HG.

25/203/2 M. Verzonden 1/11-'39

31 October 1939.

den Heer G.van Gelder,
Roerstraat 117 hs,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 22B.

Mij is gerapporteerd, dat U zich op 21 October jl.
op Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat heeft laten
assisteeren, terwijl U daarvoor dezerzijds geen toestemming
is verleend. Onder verwijzing naar mijn brief d.d. 7 October
jl.(No.25/170/12 M.) bericht ik U, dat ik U, in verband met
dit feit, overeenkomstig het bepaalde in artikel 39 lid 1
van het Reglement op de Markten, voorwaardelijk heb gestraft
met ontneming van het recht om op de markten hier ter stede
een plaats in te nemen en wel voor den tijd van een dag. Deze
straf zal ten uitvoer worden gelegd, indien U zich binnen
één jaar na dato dezes andermaal aan een laakbare handeling
op een der markten hier ter stede schuldig maakt, onvermin-
derd de straf, die alsdan op het nieuwe feit zal worden ge-
steld.

De Directeur, In deze brief wordt de heer G. van Gelder, een marktkoopman, formeel op de hoogte gesteld van een disciplinaire maatregel. De aanleiding is een overtreding van het marktreglement op 21 oktober 1939 op de Albert Cuypmarkt: hij had zich laten assisteren zonder de vereiste officiële toestemming.

Opmerkelijk is dat dit niet het eerste incident was; de brief verwijst naar een eerdere correspondentie van slechts drie weken daarvoor (7 oktober). De opgelegde straf — het ontzeggen van de toegang tot de Amsterdamse markten voor de duur van één dag — is echter voorwaardelijk. Er wordt een proeftijd van één jaar ingesteld. Als de geadresseerde binnen dat jaar opnieuw een "laakbare handeling" begaat, zal deze straf alsnog worden uitgevoerd, bovenop de straf voor de nieuwe overtreding. De toon van de brief is strikt zakelijk en bureaucratisch, wat typerend is voor de gemeentelijke communicatie uit die periode. Het document dateert van oktober 1939, twee maanden na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar vóór de Duitse inval in Nederland. Nederland verkeerde in een staat van mobilisatie en de economische druk nam toe.

De Albert Cuypmarkt was in 1939 al de belangrijkste dagmarkt van Amsterdam. Het marktwezen was streng gereguleerd om orde en eerlijke concurrentie te waarborgen. Het verbod op onvergunde assistentie was waarschijnlijk bedoeld om te voorkomen dat marktplaatsen door derden werden ingenomen of dat er illegale arbeid plaatsvond. De adressering "Roerstraat 117 hs" (huis) wijst op een woning in de Rivierenbuurt, een wijk die in die tijd veel joodse bewoners kende, waaronder veel kleine zelfstandigen en marktkooplieden. De vermelding "Wijk 22B" verwijst naar de toenmalige administratieve wijkindeling van de gemeente Amsterdam. G. van Gelder M. Verzonden Gemeente Amsterdam Marktwezen

Samenvatting

In deze brief wordt de heer G. van Gelder, een marktkoopman, formeel op de hoogte gesteld van een disciplinaire maatregel. De aanleiding is een overtreding van het marktreglement op 21 oktober 1939 op de Albert Cuypmarkt: hij had zich laten assisteren zonder de vereiste officiële toestemming.

Opmerkelijk is dat dit niet het eerste incident was; de brief verwijst naar een eerdere correspondentie van slechts drie weken daarvoor (7 oktober). De opgelegde straf — het ontzeggen van de toegang tot de Amsterdamse markten voor de duur van één dag — is echter voorwaardelijk. Er wordt een proeftijd van één jaar ingesteld. Als de geadresseerde binnen dat jaar opnieuw een "laakbare handeling" begaat, zal deze straf alsnog worden uitgevoerd, bovenop de straf voor de nieuwe overtreding. De toon van de brief is strikt zakelijk en bureaucratisch, wat typerend is voor de gemeentelijke communicatie uit die periode.

Historische Context

Het document dateert van oktober 1939, twee maanden na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar vóór de Duitse inval in Nederland. Nederland verkeerde in een staat van mobilisatie en de economische druk nam toe.

De Albert Cuypmarkt was in 1939 al de belangrijkste dagmarkt van Amsterdam. Het marktwezen was streng gereguleerd om orde en eerlijke concurrentie te waarborgen. Het verbod op onvergunde assistentie was waarschijnlijk bedoeld om te voorkomen dat marktplaatsen door derden werden ingenomen of dat er illegale arbeid plaatsvond. De adressering "Roerstraat 117 hs" (huis) wijst op een woning in de Rivierenbuurt, een wijk die in die tijd veel joodse bewoners kende, waaronder veel kleine zelfstandigen en marktkooplieden. De vermelding "Wijk 22B" verwijst naar de toenmalige administratieve wijkindeling van de gemeente Amsterdam.

Genoemde Personen 2

G. van Gelder M. Verzonden

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Groenten): Groente Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen

Gerelateerde Documenten 3